Meer over gastro-intestinale stromaceltumor

Op deze pagina leest u meer over de symptomen en de meest gebruikte onderzoeken en behandelvormen bij gastro-intestinale stromaceltumor.

 

Oorzaken en symptomen

Door een verandering in de genetische samenstelling van de oorspronkelijke cellen in de steunlaag van de darmwand ontstaat er een ongeremde groeistimulatie van deze cellen. GIST kunnen langs het hele maagdarmstelsel voorkomen, maar het meest frequent komen ze voor in de maag en de dunne darm:

  • maag: 50-60%
  • dunne darm: 20-30%
  • endeldarm: 10%
  • dikke darm: 5%
  • slokdarm: 5%

Veel kleinere GIST worden bij toeval gevonden en geven in het geheel geen klachten. GIST heeft een geschatte incidentie van 1,5 per 100.000 per jaar. Veel van deze tumoren, vooral als ze < 2 cm in grootte zijn en zich in de wand van de slokdarm of duodenum bevonden, zijn toevalsbevinding bij endoscopisch onderzoek voor niet-gerelateerde klachten of worden gevonden in de wand van dunne darm of maag tijdens een buikoperatie om andere redenen.

Grotere gisten kunnen de oorzaak voor maag- en darmbloedingen zijn en daarbij passende klachten geven (bloedarmoede, zwarte ontlasting, pijn of krampen), doordat de tumormassa tegen de darmen aandrukt.

Diagnose

De behandelend arts bepaald welke van onderstaande diagnostische onderzoeken in uw situatie noodzakelijk zijn.

Behandelopties

De prognose van een GIST is afhankelijk van de grootte van de afwijking, de agressiviteit, die onder andere gemeten wordt door het aantal celdelingen in een tumor te meten en de plaats in het maagdarmstelsel waar de gist zijn oorsprong vindt. Zo gedragen GIST van de maag zich vaak minder agressief dan gisten van de dunnedarm.

Welke behandeling u precies krijgt, hangt af van het type tumor. Ook uw verdere gezondheid en conditie zijn van belang. U hoort vooraf precies wat er gaat gebeuren en er is alle tijd om uw vragen te stellen. Uw behandeling zal bestaan uit onderstaande behandeling: