Cytostatica 5-FU/Mitomycine + radiotherapie

Deze informatie is bedoeld als aanvulling op de informatie die uw arts en verpleegkundige u al gegeven hebben. In het eerste gedeelte wordt u het verloop van de kuur uitgelegd. In het tweede gedeelte vindt u informatie over mogelijke bijwerkingen en adviezen en in het derde gedeelte instanties/personen waar u met uw vragen terecht kunt. Over de radiotherapie (bestraling) wordt u geïnformeerd door de voorlichtingslaborant van de afdeling radiotherapie.


1. Het verloop van de kuur

De medicamenten die toegediend worden zijn:

Medicamenten

Kleur

Dag

Week

Toedieningswijze

Tijdsduur

Mitomycine

paars

1

1

naaldje bloedvat

± 5 min

Fluorouracil

(5-FU)

kleurloos

1 t/m 5 28 t/m 32

1
5

continue infuus

5 x 22 uur

Radiotherapie = bestraling: gedurende 6 (1/2) week op werkdagen van maandag t/m vrijdag

(totaal 33 of 36 keer).

Toediening:

  • Voor de kuur in week 1 en week 5 wordt u in het ziekenhuis opgenomen
  • Uw bloed wordt regelmatig gecontroleerd. Afhankelijk van de uitslag wordt bepaald of de kuur gegeven kan worden of moet worden uitgesteld.
  • Voor de toediening van de cytostatica wordt een infuus ingebracht.

2. Bijwerkingen

De bijwerkingen die het meest bij deze kuur voorkomen zullen nader worden toegelicht en voorzien van adviezen. Allereerst moet worden benadrukt dat de genoemde bijwerkingen kunnen maar niet hoeven voorkomen. Sommige mensen hebben veel last van bijwerkingen, anderen vrijwel niet. De meeste bijwerkingen zijn van tijdelijke aard. De mate waarin bijwerkingen optreden heeft niets te maken met het resultaat van de behandeling.

De genoemde adviezen zijn slechts richtlijnen en geen pasklare oplossingen. De bijwerkingen van de radiotherapie worden u uitgelegd door de radiotherapeut en de voorlichtingslaborante van de afdeling Radiotherapie. Zij zullen u schriftelijk voorlichtingsmateriaal verstrekken (behandelwijzer RT).

Bijwerkingen

  • Verminderde eetlust, misselijkheid en braken
  • Smaakverandering
  • Invloed op de werking van het beenmerg
  • Vermoeidheid/verminderde energie
  • Haaruitval in zeer lichte mate
  • Invloed op blaas en nieren
  • Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies
  • Diarree
  • Huidreacties
  • Invloed op de seksualiteit
  • Menstruatiestoornissen
  • Algehele malaise/ griepachtig gevoel 5 dagen na de mitomycine toediening
  • Irritatie van de ogen

Opmerkingen en adviezen m.b.t. de bijwerkingen

  • Geven de bijwerkingen aan
  • Geven de adviezen aan

Verminderde eetlust, misselijkheid en braken

  • Door o.a. irritatie van het maagslijmvlies ontstaat misselijkheid en braken
  • Medicijnen tegen misselijkheid en braken, vraag uw arts hierom.
  • Probeer zelf uit waar u wel tegen kunt en waar niet. Dit kan voor iedereen anders zijn.
  • Gebruik regelmatig lichte kleine maaltijden. Een lege maag kan namelijk ook een misselijk gevoel geven.
  • Eet op tijdstippen dat u minder misselijk bent, zelfs 's nachts als u wakker bent.
  • Bepaalde geuren kunnen misselijkheid verergeren.
  • Probeer actief te blijven, ga met regelmaat naar buiten
  • Probeer in elk geval per dag 1,5 liter vocht te drinken.
  • Er bestaat een informatiefolder over medicatie tegen misselijkheid en braken, vraag uw arts of verpleegkundige hierom
  • U krijgt een afspraak bij de diëtiste

Voedingsadviezen vanuit ervaringen van patiënten

  • Niet met een lege maag opstaan of naar bed gaan.
  • Warme gerechten kunnen tegenstaan. Een alternatief is bijv. een koude maaltijdsalade.
  • Gebruik koude koolzuurhoudende dranken, met name Cola of Gingerale.

Smaakverandering

  • Smaakverandering kan leiden tot verminderde eetlust.
  • Hier is weinig tegen te doen. Probeer veel verschillende producten uit.
  • Als u weinig proeft, is het extra belangrijk dat het eten er aantrekkelijk uitziet.

Invloed op de werking van het beenmerg

  • Verminderd aantal witte bloedlichaampjes (leucocyten) geeft verhoogde kans op infecties.
  • Verminderd aantal bloedplaatjes (trombocyten) geeft verhoogde kans op spontane blauwe plekken, een bloedneus en bloedend tandvlees.
  • Verminderd aantal rode bloedlichaampjes(erytrocyten) geeft kans op bloedarmoede.
  • Deze remming van aanmaak van bloedlichaampjes door het beenmerg is tijdelijk van aard.
  • Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken of het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus, bij koorts hoger dan 38,5 graden Celsius of snel duizelig worden (sterretjes zien) waarschuwt u uw arts of dienstdoende arts in het Antoni van Leeuwenhoek.
  • In het algemeen heeft het gebruik van extra vitaminen en/of ijzertabletten geen invloed op het herstel van het beenmerg.

Vermoeidheid/verminderde energie

  • U kunt merken dat u tijdens deze behandeling minder energie heeft, sneller vermoeid raakt en emotioneel kunt zijn.
  • Blijf actief, streef ernaar minimaal 30 minuten per dag matige inspanning te leveren, door bijvoorbeeld een rondje te wandelen of te fietsen.
  • Verdeel uw energie over de dag, het kan helpen de dagindeling aan te passen door bijvoorbeeld ’s avonds onder de douche te gaan in plaats van in de ochtend.

Haaruitval*

  • Het haar kan wat dunner en slapper worden, maar u wordt meestal niet kaal.
  • Verzorg het haar voorzichtig.
  • Was het haar met niet te heet water.
  • Gebruik een milde shampoo en crèmespoeling.
  • Droog het haar voorzichtig.
  • Het nemen van een permanent of het haar verven is af te raden.
  • Aanschaf van een pruik is praktisch nooit nodig. Indien nodig kunt u bij de verpleegkundige een machtiging voor vergoeding krijgen en een adressenlijst van kappers die pruiken verzorgen.
  • In het boek “Look Good…Feel Better” staan adviezen over de uiterlijke verzorging, m.b.t. pruiken, sjaals en make-up.

Invloed op blaas en nieren

  • Mitomycine kan uw nierfunctie beïnvloeden
  • Uw nierfunctie wordt door middel van bloedonderzoek regelmatig gecontroleerd.
  • De urine kan licht paars verkleuren, dit kan geen kwaad.
  • Probeer ± 1.5 liter te drinken. Hieronder wordt ook verstaan yoghurt, vla, ijs, soep, etc.

Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies

  • U kunt hierdoor een erge droge mond hebben of juist een overmatige speekselproductie.
  • U kunt hierdoor last hebben van taai slijm in uw mond.
  • U kunt hierdoor last krijgen van wondjes in uw mond.
  • Goede mondhygiëne is belangrijk bij het voorkomen en behandelen van irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies.
  • Poets regelmatig uw gebit met een zachte tandenborstel.
  • Spoel uw mond 4 tot 6 maal per dag met water (eventueel zout water: 1 theelepel op 250 cc water).
  • Vet regelmatig uw lippen in, dan ontstaan er minder snel kloofjes.
  • Gebruik bij een droge mond een zuurtje of kauwgom.
  • Meld bij een bezoek aan de tandarts dat u met cytostatica wordt behandeld.
  • Overleg bij koortsuitslag op uw lip met uw (huis)arts. Voorkom uitbreiding.
  • Bij een pijnlijke mond met wit beslag waarschuwt u uw (huis)arts.
  • Een waterijsje is prettig bij een droge of pijnlijke mond.
  • Er bestaat een informatiefolder over mondverzorging, vraag uw arts of verpleegkundige hierom.

Diarree

  • Door irritatie van het darmslijmvlies
  • Zorg voor voldoende vocht inname: 1,5 tot 2 liter per dag.
  • Waarschuw uw arts als u niet voldoende kunt drinken.
  • Een speciaal dieet is niet zinvol
  • Neem contact op met uw arts bij aanhoudende (meer dan 48 uur durende) klachten voor eventuele medicatie tegen diarree.

Huidreacties

  • Zoals roodheid, jeuk, droge, schilferige huid, ontstekingsreacties.
  • Was de huid voorzichtig, alleen met water, en dep deze droog.
  • Draag geen schurende kleding, vermijd direct zonlicht of erge kou.
  • Scheer de bestraalde huid niet en plak geen pleisters op de bestraalde huid. De doktersassistente van de afdeling radiotherapie zal u informeren over de beste manier om deze huidreacties te behandelen. Meldt het altijd wanneer deze bijwerking optreedt.

Invloed op de seksualiteit

  • Ook tijdens een cytostaticakuur blijft geslachtsgemeenschap mogelijk. Als gevolg van de bijwerkingen kunt u echter minder of geen zin hebben in vrijen of geslachtsgemeenschap.
  • Door de irritatie van het slijmvlies van de vagina kan geslachtsgemeenschap een branderig gevoel geven of pijnlijk zijn.
  • Het gebruik van een glijmiddel kan een oplossing zijn.
  • Tijdens een behandeling met chemotherapie is een goede vorm van anticonceptie noodzakelijk. Bespreek dit met uw arts of uw verpleegkundige.

Menstruatiestoornissen

  • Dit wisselt van “een keer overslaan” tot wegblijven
  • Kan gepaard gaan met overgangsklachten
  • Na het einde van de behandeling kan de menstruatie terugkomen

Algehele malaise/griepachtig gevoel

  • 5 tot 8 dagen na de Mitomycine toediening.
  • Soms kan paracetamol helpen.

Irritatie van de ogen

  • De ogen kunnen tranen of juist heel droog en branderig zijn.
  • Oogdruppels, vraag uw arts hiernaar.
  • Lensdragers kunnen beter een bril dragen om de kans op irritatie te verminderen.

De fluorouacil (5-FU) kan een bruinverkleuring geven van de bloedvaten. Hier is verder niet veel tegen te doen. Na het stoppen van de 5-FU zal dit na verloop van tijd weer herstellen.

Bij deze behandeling krijgt u medicijnen die u beschermen tegen bepaalde infecties. Deze medicijnen worden weer gestopt als u hersteld bent van de kuur.

Wanneer waarschuwen:

In principe neemt u contact op met uw specialist of diensdoende arts:

  • Bij aanhoudende misselijkheid en/of braken ondanks het gebruik van medicijnen hiertegen.
  • Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken.
  • Bij het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus.
  • Bij koorts > 38,5 o C.
  • Bij diarree (vochtverlies)
  • Bij andere klachten waar u zich zorgen over maakt.

3. Waar kunt u met uw vragen terecht

Hebt u naar aanleiding van deze informatie nog vragen, blijf daar dan niet mee lopen.

U kunt hiermee terecht bij:

  • uw behandelend arts;
  • huisarts;
  • de verpleegkundige op de afdeling;
  • de voorlichtingslaborante van de afdeling Radiotherapie;
  • het Centrum Patiënteninformatie;
  • het telefonisch spreekuur, informatie over bereikbaarheid van de spreekuren vindt u op www.avl.nl/spreekuren.

Bij de maatschappelijk werker kunnen u of de mensen uit uw omgeving terecht met vragen over:

  • de situatie waarin u zich bevindt;
  • uw ziekte en/of behandeling;
  • hoe het thuis nu moet;
  • de mogelijkheid van inschakeling van een gezinshulp of een wijkverpleegkundige;
  • of als u gewoon eens wilt praten.

Aanvullende informatie

De KWF folders over chemotherapie en radiotherapie is verkrijgbaar op de verpleegafdeling en in het Centrum Patiënteninformatie. Het boekje ’107 vragen over cytostatica’ is verkrijgbaar in het Centrum Patiënteninformatie.

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload