Adriamycine, lage dosering

Deze informatie is bedoeld als aanvulling op de informatie die uw arts en verpleegkundige u al gegeven heeft.

In het eerste gedeelte wordt u het verloop van de kuur uitgelegd.

In het tweede gedeelte vindt u informatie over mogelijke bijwerkingen en adviezen en in het derde gedeelte instanties/personen waar u met uw vragen terecht kunt.

1. Het verloop van de kuur

Het medicament dat toegediend wordt, is:

Medicamenten

Kleur

Dag

Toedieningswijze

Tijdsduur

Adriamycine

rood

1

via een infuusnaald als bolusinjectie

+/- 10 minuten

Toediening:

  • In principe wordt deze kuur 1x per week gegeven op de dagbehandeling.
  • Voor de bloedafname en toediening van de Adriamycine wordt een infuusnaald ingebracht. Bloed wordt eerst afgenomen en daarna de Adriamycine toegediend via de infuusnaald. Er hoeft niet op de uitslag van het bloed gewacht te worden. U hoeft dus niet apart van tevoren naar het laboratorium voor bloedafname.
  • Omdat dit middel vaak gegeven wordt na eerdere chemotherapie kan het zijn dat het inbrengen van een infuus steeds moeilijker wordt of dat u steeds meer gaat opzien tegen het prikken. Het plaatsen van een blijvend infuus middels een Picc-line kan dan voor rust en comfort zorgen. Bespreek dit met u arts.

2. Bijwerkingen

De bijwerkingen die het meest bij deze kuur voorkomen zullen nader worden toegelicht en voorzien van adviezen.

Allereerst moet worden benadrukt dat de genoemde bijwerkingen kunnen maar niet hoeven voorkomen. De meest bijwerkingen zijn van tijdelijke aard. Sommige mensen hebben veel last van bijwerkingen, anderen vrijwel niet. De mate waarin bijwerkingen optreden heeft niet te maken met het resultaat van de behandeling. De genoemde adviezen zijn slechts richtlijnen en geen pasklare oplossingen.

  • Misselijkheid en braken
  • Smaakverandering
  • Irritatie en/ of ontsteking van het mondslijmvlies
  • Haaruitval*
  • Vermoeidheid/ verminderde energie
  • Invloed op de seksualiteit
  • Roodverkleuring van de urine

Bijwerkingen vermeld met een * komen zelden voor.

  • Geven de bijwerkingen aan
  • Geven de adviezen aan

1. Misselijkheid en braken

  • Door de wekelijkse lage dosering van de Adriamycine is er nauwelijks tot geen last van misselijkheid en braken.
  • Medicijnen tegen misselijkheid en braken, vraag uw arts hierom.
  • Probeer zelf uit waar u wel tegen kunt en waar niet. Dit kan voor iedereen anders zijn.
  • Gebruik regelmatig lichte kleine maaltijden. Een lege maag kan namelijk ook een misselijk gevoel geven.
  • Eet op tijdstippen dat u minder misselijk bent, zelfs 's nachts als u wakker bent.
  • Forceer uzelf niet tot eten, maar haal de "schade" tussen de kuren in.
  • Bepaalde geuren kunnen misselijkheid verergeren.
  • Zorg voor een frisse kamer en frisse lucht.
  • Probeer in elk geval per dag 1,5 liter vocht te drinken.
  • Vraag zo nodig advies van een diëtist.
  • Er bestaat een informatiefolder over medicatie tegen misselijkheid en braken, vraag uw arts of verpleegkundige hierom.

Voedingsadviezen vanuit ervaringen van patiënten

  • Laat de maag langzaam wennen aan vaster voedsel.
  • Niet met een lege maag opstaan of naar bed gaan.
  • Warme gerechten kunnen tegenstaan. Een alternatief is bijv. een koude maaltijdsalade. Deze smaakt vaak beter en is even "gezond".
  • Gebruik koude koolzuurhoudende dranken, met name Cola of Gingerale.
  • Drink koffie en thee liever met melk.

2. Smaakverandering

  • Smaakverandering kan leiden tot verminderde eetlust.
  • Hier is weinig tegen te doen. Probeer veel verschillende producten uit.
  • Als u weinig proeft, is het extra belangrijk dat het eten er aantrekkelijk uitziet.

3. Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies

  • U kunt hierdoor een erge droge mond hebben of juist een overmatige speekselproductie.
  • U kunt hierdoor last hebben van taai slijm in uw mond.
  • U kunt hierdoor last krijgen van wondjes in uw mond.
  • Goede mondhygiëne is belangrijk bij het voorkomen en behandelen van irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies.
  • Poets regelmatig uw gebit met een zachte tandenborstel.
  • Spoel uw mond 4 tot 6 maal per dag met zout water ( 1 theelepel op 250 cc water).
  • Vet regelmatig uw lippen in, dan ontstaan er minder snel kloofjes.
  • Gebruik bij een droge mond een zuurtje of kauwgom.
  • Meld bij een bezoek aan de tandarts dat u met cytostatica wordt behandeld.
  • Overleg bij koortsuitslag op uw lip met uw huisarts. Voorkom uitbreiding.
  • Bij een pijnlijke mond met wit beslag waarschuwt u uw huisarts.
  • Een waterijsje is prettig bij een droge of pijnlijke mond.
  • Er bestaat een informatiefolder over mondverzorging, vraag uw arts of verpleegkundige hierom.

4. Haaruitval *

  • Geen tot lichte haaruitval. Soms zal het haar wat uitdunnen maar vrijwel nooit volledige haaruitval. Het haar kan geleidelijk dunner worden maar het zal vrijwel nooit leiden tot volledige kaalheid.
  • Behandel uw haar voorzichtig.

5. Vermoeidheid/ verminderde energie

  • U kunt merken dat u tijdens deze behandeling minder energie heeft, sneller vermoeid raakt en emotioneel kunt zijn.
  • Houd hier rekening mee in uw dagelijks leven; neem voldoende tijd om te rusten.

6. Invloed op de seksualiteit

  • Ook tijdens een cytostaticakuur blijft geslachtsgemeenschap mogelijk. Als gevolg van de bijwerkingen kunt u echter minder of geen zin hebben in vrijen of geslachtsgemeenschap.
  • Door de irritatie van het slijmvlies van de vagina kan geslachtsgemeenschap een branderig gevoel geven of pijnlijk zijn.
  • Het gebruik van een glijmiddel kan een oplossing zijn.
  • Tijdens een behandeling met chemotherapie is een goede vorm van anticonceptie noodzakelijk.

7. Roodverkleuring van de urine

  • Tot enige dagen na de toediening, dit is onschuldig.

Wanneer waarschuwen:

In principe neemt u contact op met uw specialist of dienstdoende arts:

  • Bij aanhoudende misselijkheid en/of braken ondanks het gebruik van medicijnen hiertegen.
  • Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken.
  • Bij het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus.
  • Bij koorts hoger dan 38,5 graden Celsius.

3. Waar kunt u met uw vragen terecht

Hebt u naar aanleiding van deze informatie nog vragen, blijf daar dan niet mee lopen. U kunt hiermee terecht bij:

  • Uw behandelend arts;
  • De verpleegkundige op de afdeling;
  • De verpleegkundige op de Dagbehandeling;
  • Het Centrum Patiënteninformatie.
  • Het telefonisch spreekuur, informatie over bereikbaarheid van de spreekuren vindt u op www.avl.nl/spreekuren.

Bij het Centrum voor Kwaliteit van Leven (CKvL)) kunnen u of de mensen uit uw omgeving terecht met vragen over:

  • De situatie waarin u zich bevindt;
  • Uw ziekte en/of behandeling;
  • Hoe het thuis nu moet;
  • De mogelijkheid van inschakeling van een gezinshulp of een wijkverpleegkundige;
  • Of als u gewoon eens wilt praten.

Aanvullende informatie

De KWF folder over chemotherapie is verkrijgbaar op de verpleegafdeling en in het Centrum Patiënteninformatie.

Het boekje ’107 vragen over cytostatica’ is verkrijgbaar in het Centrum Patiënteninformatie.

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload