Capecitabine en oxaliplatin
Deze informatie is een aanvulling op de uitleg van uw arts en verpleegkundige. In het eerste deel leest u hoe uw behandeling verloopt. In het tweede deel leest u meer over mogelijke bijwerkingen. U krijgt ook adviezen om met deze bijwerkingen om te gaan. In het derde deel vindt u de contactgegevens van de afdelingen en medewerkers. Daar kunt u terecht met uw vragen.
1. Het verloop van de kuur
U krijgt de volgende medicijnen:
Medicament | Dag | Toedieningswijze | Tijdsduur |
Capecitabine | Dag 1 - 14 | Oraal, tabletten | 2 keer per dag, na ontbijt en avondeten |
Oxaliplatin | Dag 1 | Infuus | 2 uur |
De volgende kuur start 3 weken na kuur 1.
Inname capecitabine
Er zijn twee verschillende soorten capecitabinetabletten: een tablet van 150 mg en een tablet van 500 mg.
Op de dag van de kuur begint u met de eerste dosis capecitabine na het avondeten. De laatste dosis die u inneemt is op dag 15 na het ontbijt. Op de eerste dag van de kuur kunt u de capacitabinetabletten ophalen in de oncotheek van het Antoni van Leeuwenhoek op de eerste etage (vlak bij de centrale lifthal). De oncotheek is geopend van 08.00 – 16.30 uur. Start pas met het slikken van de capecitabinetabletten op dag 1 van de volgende kuur als u weet dat uw bloedwaarden dit toestaan en er geen andere redenen of omstandigheden zijn om de kuur niet te hervatten.
Hier vindt u een ruimte waarin uw arts of uzelf de hoeveelheid tabletten in kunnen vullen die u nodig heeft.
Uw schema voor het slikken van de capecitabinetabletten:
Medicament | Na ontbijt | Na avondeten |
Capecitabine | …tabletten van 500 mg | …tabletten van 500 mg |
…tabletten van 150 mg | …tabletten van 150 mg |
Specifieke maatregelen
Een klein aantal mensen krijgt pijn op de borst tijdens het gebruik van capecitabine. Dit komt door een tijdelijke vernauwing van de kransslagaders (bloedvaten die het hart van bloed voorzien).
Krijgt u pijn op de borst? Stop dan meteen met capecitabine. Neem direct contact op met uw arts.
Krijgt u tijdens het gebruik van capecitabine rode handpalmen of voetzolen, diarree of huiduitslag? Stop dan met het innemen van de tabletten. Neem daarna contact op met uw vaste contactpersoon of uw arts. Buiten kantooruren neemt u contact op met de dienstdoende arts. Bij ernstige klachten past uw arts de dosering van capecitabine soms aan. Het kan ook zijn dat u tijdelijk moet stoppen met de tabletten.
Moet u overgeven nadat u de tabletten heeft ingenomen? Neem dan geen extra tabletten in. Sla deze dosis over. Neem de volgende dosis op het geplande tijdstip, na het ontbijt of na de avondmaaltijd.
Lukt het twee keer achter elkaar niet om de tabletten in te nemen? Neem dan contact op met uw arts.
Toediening
- De oxaliplatin wordt op de Dagbehandeling gegeven.
- Voor de toediening van de cytostatica (medicijnen tegen kanker) wordt een infuus ingebracht.
- De eerste 48 uur na de toediening van de oxaliplatin dient u op te passen met de kou. Kou kan krampen veroorzaken. Dus geen koude dranken drinken uit kraan of koelkast maar lauw of handwarm, geen koude metalen vastgrijpen, enzovoort.
- Uw bloed wordt regelmatig gecontroleerd. Afhankelijk van de uitslag wordt bepaald of de kuur gegeven kan worden of moet worden uitgesteld.
2. Bijwerkingen
Hieronder leest u welke bijwerkingen vaak voorkomen bij deze kuur. U leest ook wat u zelf kunt doen om de klachten te verminderen.
U kunt deze bijwerkingen krijgen, maar dat hoeft niet. De meeste bijwerkingen verdwijnen weer na een tijd. Sommige mensen hebben veel last van bijwerkingen. Anderen hebben er bijna geen last van.
De hoeveelheid bijwerkingen zegt niets over het resultaat van uw behandeling.
De adviezen hieronder zijn bedoeld als hulp. Ze werken niet voor iedereen.
- Gevoelsstoornissen/ tintelingen van handen en voeten
- Spierkramp*
- Smaakverandering
- Verminderde eetlust, lichte misselijkheid
- Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies
- Diarree
- Invloed op de werking van het beenmerg
- Vermoeidheid/ verminderde energie
- Droge huid
- Invloed op de seksualiteit
- Menstruatiestoornissen*
- Verminderde spermaproductie
- Irritatie van de ogen
- Het optreden van rode handpalmen en voetzolen
Zie ook de bijlage ‘Capecitabine, veel voorkomende bijwerkingen’ aan het einde van deze folder.
Opmerkingen en adviezen over de bijwerkingen
Bijwerkingen vermeld met een * komen zelden voor.
- Een streepje geeft de bijwerkingen aan
- Een bolletje geeft de adviezen aan
1. Gevoelsstoornissen/ tintelingen van handen en voeten
- Pijnlijk, veranderd gevoel in de vingers of tenen als gevolg van de oxaliplatin, mogelijk met invloed op de mobiliteit. Dit kan verergeren bij temperatuurswisselingen (bijvoorbeeld koud stuur/ koelkast)
- Meld het aan uw vaste contactpersoon of arts als u hier last van krijgt.
2. Spierkramp*
- Tijdens het toedienen van de oxaliplatin kan er een pijnlijk gevoel in de infuusarm optreden.
- Vraag eventueel om een warme plak op de infuusarm.
- Wanneer de klachten aanhouden of verergeren kan er in overleg met de verpleegkundig specialist, arts of verpleegkundige een aanvraag worden gedaan om een PICC-lijn (perifeer ingebrachte centrale katheter) te laten plaatsen. Dit gebeurt dan voor de volgende kuur. De verpleegkundige kan u hierover meer informatie geven.
- Tijdens of na de toediening van de oxaliplatin kan er een gevoel van dichtknijpen van de keel of benauwdheid ontstaan. Dit ontstaat met name bij koude temperaturen (temperatuurswisselingen), bijvoorbeeld van een warm ziekenhuis naar koude buitenlucht, tijdens het drinken van koude dranken of het inademen van koude buitenlucht.
- Wees voorzichtig met temperatuursveranderingen kort na de toediening van oxaliplatin.
3. Smaakverandering
- Smaakverandering kan leiden tot verminderde eetlust.
- Hier is weinig aan te doen. Probeer veel verschillende producten uit.
- Als u weinig proeft, is het extra belangrijk dat het eten er aantrekkelijk uitziet.
4. Verminderde eetlust, misselijkheid en braken
- Door onder andere irritatie van het maagslijmvlies ontstaat misselijkheid en braken. U krijgt hiervoor medicatie.
- Probeer zelf uit waar u wel tegen kunt en waar tegen niet. Dit kan voor iedereen anders zijn.
- Gebruik regelmatig lichte kleine maaltijden. Een lege maag kan namelijk ook een misselijk gevoel geven.
- Eet op tijdstippen dat u minder misselijk bent, zelfs 's nachts als u wakker bent.
- Forceer uzelf niet tot eten, maar haal de "schade" tussen de kuren in.
- Bepaalde geuren kunnen misselijkheid verergeren.
- Zorg voor een frisse kamer en frisse lucht.
- Probeer in elk geval per dag 1,5 -2 liter vocht te drinken.
- Vraag zo nodig advies van een diëtist.
Voedingsadviezen vanuit ervaringen van patiënten
- Laat de maag langzaam wennen aan vaster voedsel.
- Niet met een lege maag naar bed gaan.
- Warme gerechten kunnen tegenstaan. Een alternatief is bijvoorbeeld een koude maaltijdsalade. Deze smaakt vaak beter en is even gezond.
- Soms helpt het drinken van een glas koude koolzuurhoudende drank zoals bijvoorbeeld cola of ginger ale.
- Het gebruik van gember of munt kan verlichtend werken.
- Drink koffie en thee liever met melk.
5. Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies
- U kunt hierdoor last hebben van taai slijm in uw mond.
- U kunt hierdoor een erg droge mond hebben of juist een overmatige speekselproductie.
- U kunt hierdoor last krijgen van wondjes in uw mond.
- Goede mondhygiëne is belangrijk bij het voorkomen en behandelen van irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies.
- Poets regelmatig uw gebit met een zachte tandenborstel.
- Spoel uw mond 4 tot 6 keer per dag met zout water (1 theelepel op 250 ml water).
- Vet regelmatig uw lippen in, dan ontstaan er minder snel kloofjes.
- Gebruik bij een droge mond een zuurtje of kauwgom.
- Meld bij een bezoek aan de tandarts dat u met cytostatica wordt behandeld.
- Overleg bij koortsuitslag op uw lip met uw huisarts. Voorkom uitbreiding.
- Bij een pijnlijke mond met wit beslag waarschuwt u uw huisarts.
- Een waterijsje is prettig bij een droge of pijnlijke mond.
- Vraag uw arts om de informatiefolder over mondverzorging.
6. Diarree
- Deze chemokuur kan diarree veroorzaken.
- Wanneer u last krijgt van diarree, die langer dan 48 uur aanhoudt of waterdun is, met een frequentie van meer dan 6 keer per dag, moet u uw vaste contactpersoon, behandelend arts en/of verpleegkundige waarschuwen. Deze kan dan beslissen of u medicijnen moet innemen die dit tegengaan.
- Om het vochtverlies dat gepaard gaat met diarree op te vangen dient u veel (2 - 2,5 liter per dag) te drinken. Bij voorkeur bouillon of ORS, maar ook thee, koffie, water. Ook zuivel, tomaten- of groentesap, vruchtenmoes of -sap en soep tellen mee. Wissel af tussen verschillende soorten drinken.
- Waarschuw uw behandelend arts direct wanneer u niet of weinig kunt drinken of uw medicijnen niet in kunt nemen.
7. Invloed op de werking van het beenmerg
- Verminderd aantal witte bloedlichaampjes (leukocyten) geeft verhoogde kans op infecties.
- Verminderd aantal bloedplaatjes (trombocyten) geeft verhoogde kans op spontane blauwe plekken, een bloedneus en bloeden tandvlees.
- Verminderd aantal rode bloedlichaampjes (erytrocyten) geeft kans op bloedarmoede.
- Deze remming van aanmaak van bloedlichaampjes in het beenmerg is van tijdelijke aard
- Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken of het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus, bij koorts hoger dan 38,5 °C of snel duizelig worden (sterretjes zien) waarschuwt u uw vast contactpersoon, arts of dienstdoende arts in het AVL.
- In het algemeen heeft het gebruik van extra vitaminen en/of ijzertabletten geen invloed op het herstel van het beenmerg.
8. Vermoeidheid/ verminderde energie
- U zult merken dat u tijdens deze behandeling minder energie heeft, sneller vermoeid raakt en emotioneel kunt zijn.
- Houd hier rekening mee in uw dagelijks le neem voldoende tijd om te rusten maar zorg ook voor voldoende beweging.
9. Droge huid
- Droge, schilferige huid, soms met rode, jeukerige plekjes. Er kunnen ook kloofjes ontstaan aan de handen en soms ook aan de voeten.
- Was de huid voorzichtig, alleen met water, en dep de huid droog.
- Draag geen schurende kleding, vermijd direct zonlicht of erge kou.
- Gebruik een vette crème.
- Bij de volgende kuur melden aan de arts.
10. Invloed op de seksualiteit
- Ook tijdens een behandeling met cytostatica blijft geslachtsgemeenschap mogelijk. Als gevolg van de bijwerkingen kunt u wel minder of geen zin hebben in vrijen of geslachtsgemeenschap.
- Door irritatie van het slijmvlies van de vagina kan geslachtsgemeenschap een branderig gevoel geven of pijnlijk zijn.
- Het gebruik van een glijmiddel kan een oplossing zijn.
- Tijdens een behandeling met chemotherapie is een goede vorm van anticonceptie noodzakelijk.
11. Menstruatiestoornissen*
- Dit wisselt van “een keer overslaan” tot wegblijven.
- Kan gepaard gaan met overgangsklachten.
- Na het einde van de behandeling kan de menstruatie terugkomen.
12. Verminderde spermaproductie
- Na beëindiging van de kuren kan de spermaproductie zich weer herstellen.
- Er bestaat een mogelijkheid tot invriezen van sperma. Bespreek dit met uw arts.
- Dit moet gedaan worden voordat de eerste kuur gegeven wordt.
13. Irritatie van de ogen
- De ogen kunnen tranen of juist heel droog en branderig zijn.
- Vraag uw arts naar oogdruppels.
- Lensdragers kunnen beter een bril dragen om de kans op irritatie te verminderen.
14. Het optreden van rode handpalmen en voetzolen
- Tijdens gebruik van capecitabine kunnen de handpalmen en voetzolen pijnlijk worden en rood.
- Vermijd het dragen van knellende schoenen.
- Vermijd langdurige druk op handpalmen of voetzolen. (Bijvoorbeeld langer dan 1 uur zware tassen dragen, langer dan 2 uur lopen zonder pauze, zeer langdurig staan.)
- Als dit optreedt tijdens het slikken van de tabletten, stop dan de inname van tabletten en waarschuw uw vaste contactpersoon of arts.
- Als de klachten mild zijn en optreden na afloop van de kuur, meld het dan aan uw vaste contactpersoon of arts als u aan de volgende kuur moet beginnen.
- Koelzalf kan soms verlichting geven van de klachten.
Wanneer waarschuwen
In principe neemt u contact op met uw vaste contactpersoon, specialist of dienstdoende arts:
- Bij aanhoudende misselijkheid en/of braken ondanks het gebruik van medicijnen hiertegen.
- Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken.
- Bij het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus.
- Bij koorts hoger dan 38,5 °C.
- Wanneer de diarree lang blijft aanhouden.
3. Waar kunt u met uw vragen terecht
Heeft u naar aanleiding van deze informatie nog vragen, blijf daar dan niet mee lopen.
U kunt hiermee terecht bij:
- uw verpleegkundig specialist of behandelend arts
- de verpleegkundige op de afdeling
- het Centrum Patiënteninformatie
Meer informatie
Voor extra vragen kunt u bellen naar het telefonisch spreekuur.
Op www.avl.nl/spreekuren vindt u de tijden waarop wij bereikbaar zijn.
Praktische informatie
Contact
Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.
Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.
Centrum Patiënteninformatie
Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.
Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie
Centrum voor Kwaliteit van Leven
Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.
Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven
Route & adres
U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.