Carboplatin paclitaxel

Ipilimumab nivolumab

Voor patiënten met longkanker

U komt in aanmerking voor behandeling met chemotherapie in combinatie met immunotherapie: Carboplatin, Paclitaxel, Ipilimumab en Nivolumab. Deze informatie is bedoeld als aanvulling op de informatie die uw arts en/of verpleegkundige u al gegeven heeft.

In deze folder vindt u meer informatie over deze behandeling. Het is belangrijk om de informatie goed door te lezen en de folder te bewaren. In deze folder staat belangrijke informatie die later bruikbaar voor u kan zijn.

Voorafgaand aan de behandeling

Tijdens elke behandel dag en bij de vervolgbezoeken wordt bloedonderzoek uitgevoerd en worden uw temperatuur, bloeddruk, hartslag, zuurstofgehalte in het bloed en het gewicht gemeten.

Bij bezoeken aan uw arts, verpleegkundig specialist of physician assistant wordt uw algemene gezondheid gecontroleerd, gevraagd hoe u zich voelt en welke andere medicijnen u eventueel gebruikt. Tevens zullen er geregeld onderzoeken worden uitgevoerd, waaronder bloedafname, lichamelijk onderzoek en een CT-scan. In het begin van de behandeling worden de CT-scans na twee toedieningen gemaakt. Als de behandeling effect heeft wordt er na drie maanden na elke vier toedieningen een CT-scan gemaakt.

Voordat u Ipilimumab en Nivolumab krijgt, is het (onder meer) belangrijk dat uw arts op de hoogte is van de volgende zaken:

  • Of u een auto-immuunziekte heeft;
  • Of u in het verleden een ontsteking van de longen heeft gehad. Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?

Bespreek voordat u een behandeling met Ipilimumab en Nivolumab krijgt met uw arts of u geneesmiddelen gebruikt die uw immuunsysteem kunnen onderdrukken.

Dit zijn middelen zoals corticosteroïden (prednison, dexamethason of medicijnen tegen een auto-immuunziekte). Deze geneesmiddelen kunnen het effect van uw behandeling beïnvloeden. Gebruikt u naast Ipilimumab en Nivolumab andere geneesmiddelen? Heeft u kortgeleden andere geneesmiddelen gebruikt, of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Bespreek dit dan met uw arts.

Ondersteunende medicatie tijdens en na de kuur

Inname hiervan staat in een aparte folder vermeld: o.a. medicijnen tegen misselijkheid. Hierover krijgt u meer uitleg tijdens het gesprek op de dagbehandeling.

Het verloop van de kuur

De behandeling met Carboplatin, Paclitaxel en Nivolumab wordt 1x per 3 weken gegeven via het infuus. De Ipilimumab wordt 1x per 6 weken hierbij gegeven via het infuus. Na 2 kuren Carboplatin, Paclitaxel, Ipilimumab en Nivolumab, wordt er een onderhoudsbehandeling gegeven met enkel Ipilimumab en Nivolumab.

Medicatie

Toedieningswijze

Tijdsduur

Nivolumab

Infuus

1e kuur: 60 minuten

2e kuur en verder: 30 minuten

(indien kuur 1 zonder problemen is verlopen)

Ipilimumab

Infuus

1e kuur: 60 minuten

2e kuur en verder: 30 minuten

(indien kuur 1 zonder problemen is verlopen)

Carboplatin

Infuus

30 minuten

Paclitaxel (Taxol)

Infuus

3 uur

Eerst wordt de Nivolumab toegediend. Een ½ uur na het inlopen hiervan wordt de Ipilimumab gegeven. Na kuur 1 is er vanwege de toediening van Ipilimumab een uur observatietijd om te zien hoe het met u gaat en of er bijwerkingen optreden. Na kuur 2 volgt een ½ uur observatieperiode. Achtereenvolgens wordt de chemotherapie gegeven. Indien er geen bijwerkingen zijn opgetreden, kan de volgende keer direct na het inlopen van de Ipilimumab de chemotherapie worden gegeven.

Toediening

  • De kuur wordt op de dagbehandeling gegeven via een infuus.
  • Voor de kuur van start kan gaan wordt uw bloed gecontroleerd.

Afhankelijk van deze uitslag wordt bepaald of de kuur gegeven kan worden, moet worden aangepast of moet worden uitgesteld.

Specifieke maatregelen

Uitscheidingsproducten

Wanneer u met chemotherapie wordt behandeld, dan zullen de chemische stoffen uit de medicijnen via uitscheidingsproducten (urine, ontlasting, wondvocht, bloed, traanvocht, transpiratie, sperma, braaksel en speeksel) uit uw lichaam verdwijnen. Het is goed om enkele dagen beschermende maatregelen te nemen. Voor Carboplatine 4 dagen, Paclitaxel 2 dagen. Nivolumab en Ipilimumab geven geen risico.

Allergische reactie

Paclitaxel, Nivolumab en Ipilimumab kunnen heel soms een allergische reactie veroorzaken. Daarom krijgt u voorafgaand aan de kuur verschillende medicijnen toegediend om een allergische reactie te voorkomen of te beperken.

  • 1 uur voor de Paclitaxel neemt u 10 mg Cetirizine in.
  • 10 minuten voor de toediening van Paclitaxel krijgt u via het infuus Dexamethason toegediend.

Wanneer de eerste twee kuren zonder problemen verlopen zal de Dexamethason bij de volgende kuren niet meer worden toegediend.

  • Wanneer enkel de Nivolumab en Ipilimumab wordt gegeven is geen aanvullende medicatie nodig.

Allergische reactie door de infusie met Paclitaxel, Nivolumab en/of Ipilimumab

Een allergische reactie kunnen tijdens de toediening via het infuus of binnen de eerste 24 uur na toediening optreden. Het is belangrijk dat u eventuele klachten tijdens de behandeling zo snel mogelijk meldt. De toediening van de medicatie wordt zo nodig tijdelijk onderbroken of gestopt. Ook kan het zijn dat u medicijnen krijgt toegediend om verergering van de klachten te voorkomen; ze verdwijnen dan meestal snel.

Mogelijke reacties die met het infuus samenhangen, kunnen onder andere zijn:

  • Beklemmend gevoel op de borst
  • Kortademigheid
  • Duizeligheid (door daling van de bloeddruk)
  • Koude rillingen
  • Misselijkheid en/of braken
  • Gevoel van onrust
  • Opvliegers
  • Roodheid en huiduitslag, soms met jeuk over het hele lichaam
  • Koorts

Indien u Carboplatin toegediend krijgt wordt u geadviseerd om 24 uur voor toediening tot 24 uur na beëindiging van deze chemotherapie geen supplementen met visolie in te nemen. Tussen de kuren in mogen visoliesupplementen worden gebruikt. Het volledige voedingsadvies is te lezen op de website van ‘Voeding en kanker info’ (www.voedingenkankerinfo.nl).

Mogelijke risico’s en bijwerkingen

Tijdens de behandeling kunnen de hieronder beschreven bijwerkingen optreden. Allereerst moet worden benadrukt dat de genoemde bijwerkingen kunnen, maar niet hoeven voorkomen. Sommige mensen hebben veel last van bijwerkingen, anderen vrijwel niet. De mate waarin bijwerkingen optreden heeft niet te maken met het resultaat van de behandeling.

Er kunnen ook andere bijwerkingen zijn welke niet hieronder vermeld staan. Als er ongewone bijwerkingen optreden, is het van groot belang het melden ervan niet uit te stellen, maar uw vaste contactpersoon op de hoogte te brengen. Als bijwerkingen voorkomen, gaan de meeste nadat de behandeling is gestopt over. In sommige gevallen kunnen de bijwerkingen ernstig of langdurig van aard zijn. Het is mogelijk dat uw arts u andere behandelingen zal geven om de ernst en het ongemak van bijwerkingen te verminderen. Bespreek daarom uw bijwerkingen altijd met uw behandelaar in het Antoni van Leeuwenhoek.

Bijwerkingen van Carboplatin/Paclitaxel

De meest voorkomende bijwerkingen die optreden bij behandeling met Carboplatin en Paclitaxel zijn:

  • Vermoeidheid/ verminderde energie
  • Invloed op de werking van het beenmerg (minder bloedcellen)
  • Invloed op de nieren
  • Misselijkheid en braken
  • Diarree
  • Obstipatie
  • Smaakverandering
  • Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies
  • Tintelingen en/of doof gevoel in vingertoppen en tenen
  • Oorsuizen en/ of verminderd gehoor
  • Gewricht- en spierpijn
  • Plaatselijke irritatie van het bloedvat
  • Invloed op seksualiteit

Bijwerking specifiek bij Paclitaxel

  • Algeheel haaruitval

Bijwerkingen van Nivolumab en Ipilimumab

De meest voorkomende bijwerkingen die optreden bij behandeling met Nivolumab en Ipilimumb zijn:

  • Vermoeidheid
  • Immuuntherapie gerelateerde ontstekingen
  • Huiduitslag en/of jeuk

Bijwerkingen van immuuntherapie (Nivolumab en Ipilimumab) kunnen ook nog maanden na de behandeling optreden.

- Geven de bijwerkingen aan

• Geven de adviezen aan

Algeheel haarverlies

- Het haarverlies begint na 3-6 weken tot u volledig kaal wordt of bent. Dit kan gepaard gaan met een gevoelige hoofdhuid. Behalve het hoofdhaar kan ook overige lichaamsbeharing uitvallen.

• U kunt overwegen een pruik aan te schaffen. Bij de verpleegkundige kunt u een machtiging voor vergoeding krijgen.

• Bij het Centrum Patiënteninformatie is een adressenlijst kappers, informatie over sjaals en dergelijke en informatie over de workshop ‘Look Good…Feel Better’ in het Antoni van Leeuwenhoek.

• Het is aan te raden, voordat de haaruitval begint, naar de desbetreffende kapper te gaan zodat hij/zij uw eigen model ziet.

Vermoeidheid/verminderde energie

- U kunt merken dat u tijdens deze behandeling minder energie heeft en sneller vermoeid raakt.

• Houd hier rekening mee in uw dagelijks leven; wissel beweging en rust af. Zorg dat u goed slaapt. Houdt u aan vaste tijden om naar bed te gaan en op te staan.

Invloed op de werking van het beenmerg (minder bloedcellen)

- Verminderd aantal witte bloedlichaampjes (neutrofielen) geeft verhoogde kans op infecties. Ga mensen die verkouden zijn of griep hebben zo veel mogelijk uit de weg

- Verminderd aantal bloedplaatjes (trombocyten) geeft verhoogde kans op blauwe plekken, een bloedneus en bloedend tandvlees.

- Verminderd aantal rode bloedlichaampjes (erytrocyten) geeft kans op bloedarmoede. U kunt zich o.a. meer kortademig voelen en vermoeid zijn, zelfs als u maar heel weinig hebt gedaan. U kunt duizeliger zijn, wat bleker zien, koud gevoel ervaren, transpireren en hartkloppingen ervaren.

- Deze remming van aanmaak van bloedlichaampjes door het beenmerg is tijdelijk van aard.

• In het algemeen herstelt dit vanzelf binnen enkele dagen.

Invloed op de nieren

• Het is belangrijk thuis voldoende te drinken. Drink daarom 1,5 tot 2 liter per dag (tenzij anders geadviseerd). Hieronder wordt ook verstaan yoghurt, vla, ijs, soep, etc. Alcohol en koffie tellen niet mee.

• Eén of twee glazen bier of wijn kunnen geen kwaad.

Misselijkheid en braken

- Door o.a. irritatie van het maagslijmvlies ontstaat misselijkheid en braken

• Medicijnen tegen misselijkheid en braken, vraag uw behandelaar hierom.

• Probeer zelf uit waar u wel tegen kunt en waar niet. Dit kan voor iedereen anders zijn.

• Gebruik regelmatig lichte kleine maaltijden. Een lege maag kan namelijk ook een misselijk gevoel geven.

• Eet op tijdstippen dat u minder misselijk bent, zelfs 's nachts als u wakker bent.

• Bepaalde geuren kunnen misselijkheid verergeren.

• Er bestaat een informatiefolder over medicatie tegen misselijkheid en braken, vraag uw behandelaar hierom.

Diarree (meer dan vier keer per dag waterige dunne ontlasting)

- Door irritatie van het darmslijmvlies

• Zorg voor voldoende vocht inname: 1,5 tot 2 liter per dag. Het is belangrijk om het vochtverlies aan te vullen en om uitdroging te voorkomen.

• Probeer prikkelende of scherpe voeding te vermijden.

• Eet geen grote maaltijden en geen vet, geen grove vezels en gasvormende producten, zoals ui, knoflook, kool, prei.

• Drink geen koolzuurhoudende drank (met prik), geen koffie en geen alcohol.

Obstipatie

Bij verstopping komt de ontlasting minder dan 3 keer per week.

U kunt de volgende klachten hebben:

- Harde en droge ontlasting

- Persen bij stoelgang

- Opgezette buik

- Buikpijn/darmkrampen

- Verminderde eetlust door een vol gevoel

• Zorg dat u voldoende drinkt. Minstens 1,5 liter per dag.

• Eet voldoende vezels. Vezels zitten in volkoren producten, fruit en groenten.

• Probeer zoveel mogelijk te bewegen. 

• Zo nodig kan uw behandelaar medicijnen voorschrijven om de stoelgang te bevorderen.

Smaakverandering

- Smaakverandering kan leiden tot verminderde eetlust.

• Hier is weinig tegen te doen. Probeer veel verschillende producten uit.

• Als u weinig proeft, is het extra belangrijk dat het eten er aantrekkelijk uitziet.

Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies

- U kunt hierdoor een erge droge mond hebben of juist een overmatige speekselproductie.

- U kunt hierdoor last hebben van taai slijm in uw mond.

- U kunt hierdoor last krijgen van wondjes in uw mond.

• Goede mondhygiëne is belangrijk bij het voorkomen en behandelen van irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies.

• Poets regelmatig uw gebit met een zachte tandenborstel.

• Spoel uw mond 4 tot 6 maal per dag met zout water (1 theelepel op 250 ml water).

• Vet regelmatig uw lippen in, dan ontstaan er minder snel kloofjes.

• Gebruik bij een droge mond een zuurtje of kauwgom.

• Meld bij een bezoek aan de tandarts dat u met cytostatica wordt behandeld.

• Overleg bij een koortslip met uw huisarts. Voorkom uitbreiding.

• Bij een pijnlijke mond met wit beslag waarschuwt u uw huisarts of het AVL.

• Er bestaat een informatiefolder over mondverzorging, vraag uw arts of verpleegkundige hierom.

Tintelingen en doof gevoel in vingertoppen en tenen

• Melden bij een volgend ziekenhuisbezoek.

• Vermijd contact met kou, zoals kou uit de koelkast of kou van buiten.

Oorsuizen en/of verminderd gehoor

- Vermindert gehoor begint bij de hoge tonen.

• Melden bij een volgend ziekenhuisbezoek.

Gewricht- en spierpijn

- Er kan spierzwakte optreden. Deze klachten kunnen enkele dagen na de behandeling optreden.

• Neem contact op met uw arts voor pijnmedicatie.

Plaatselijke irritatie van het bloedvat

- Zwelling, roodheid en pijn op de plaats waar de infuusnaald heeft gezeten.

- Deze klachten verdwijnen binnen een week tot tien dagen.

Invloed op de seksualiteit

- Ook tijdens een chemokuur blijft geslachtsgemeenschap mogelijk. Als gevolg van de bijwerkingen kunt u echter minder of geen zin hebben in vrijen of geslachtsgemeenschap.

- Door de irritatie van het slijmvlies van de vagina kan geslachtsgemeenschap een branderig gevoel geven of pijnlijk zijn.

• Het gebruik van een glijmiddel kan een oplossing zijn.

• Tijdens een behandeling met chemotherapie is een goede vorm van anticonceptie noodzakelijk.

• Houd rekening met de specifieke maatregelen gedurende de eerste dagen na chemotherapie.

Immuun gerelateerde ontstekingen

Immunotherapie werkt op uw immuunsysteem en kan in delen van uw lichaam ontstekingen veroorzaken (o.a. schildklier, longen, lever, alvleesklier, darmen, gewrichten, spieren, huid, mond). Sommige ontstekingen kunnen levensbedreigend zijn en moeten we behandelen. Soms moeten we de behandeling met immunotherapie tijdelijk stoppen.

Wanneer waarschuwen?

In principe neemt u contact op met uw behandelaar:

• Bij aanhoudende misselijkheid en/of braken ondanks het gebruik van medicijnen hiertegen.

• Bij aanhoudende diarree, langer dan 1 week, ondanks het gebruik van medicijnen hiertegen.

• Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken.

• Bij het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus.

• Bij koorts > 38,5 °C

• Bij klachten of zorgen neemt u contact op met uw behandelaar.

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload