Capecitabine / Mitomycine-C en Radiotherapie

Deze informatie is een aanvulling op de informatie die uw arts en verpleegkundige u al hebben gegeven. In het eerste gedeelte wordt het verloop van de kuur uitgelegd. In het tweede gedeelte vindt u informatie over mogelijke bijwerkingen en adviezen en in het derde gedeelte instanties/personen waar u met uw vragen terecht kunt.

1. Het verloop van de kuur

De behandeling bestaat uit chemotherapie en bestraling

Weken:

1

2

3

4

ma t/m vr

ma t/m vr

ma t/m vr

ma t/m vr

Mitomycine

X

-

-

-

Capecitabine 

XXXXX

XXXXX

XXXXX

XXXXX

Bestraling (radiotherapie)

XXXXX

XXXXX

XXXXX

XXXXX

Mitomycine: injectie in 3-5 minuten via het bijspuitpunt van een snellopend infuus tegelijkertijd (of kort voor) de capecitabine inname op de dagbehandeling.

Capecitabine: tabletten (xeloda) 2 x daags innemen om ongeveer 9.00 en 21.00 uur. U gebruikt deze tabletten alleen op de dagen dat u ook bestraald wordt. In totaal gedurende 20 dagen.

Bestraling: dagelijks op de werkdagen in totaal 20 keer meestal om circa 11 uur.

Toediening

  • In de week voor de start van de behandeling krijgt u een afspraak bij de Internist-Oncoloog en wordt er bloed afgenomen om te beoordelen of u veilig met de behandeling kunt beginnen en om de chemotherapie voor te schrijven.
  • Voor de capecitabine tabletten krijgt u een recept mee, dat u bij uw apotheek kunt inleveren.
  • De mitomycine op dag 1 wordt op de dagbehandeling gegeven. Voor de toediening van de mitomycine wordt een infuus ingebracht.
  • Wekelijks ziet u de bestralingsarts en om de week de internist oncoloog of de verpleegkundig specialist interne geneeskunde. Uw bloed wordt wekelijks gecontroleerd. Afhankelijk van de uitslag wordt bepaald of de behandeling verder gegeven kan worden of dat de dosering moet worden aangepast of dat de behandeling moet worden uitgesteld.

De inname van de Capecitabine-tabletten

Het medicament dat u neemt heet capecitabine = xeloda. Capecitabine behoort tot de groep geneesmiddelen die bekend staan als cytostatica. Dit zijn middelen die de groei remmen van kankercellen. U kunt de capecitabine tabletten thuis innemen.

Capecitabine wordt ingenomen in de vorm van tabletten. Twee keer per dag, ’s morgens binnen een half uur na het ontbijt en ’s avonds ongeveer 12 uur na de eerste inname. Dan ook weer nemen een half uur nadat u iets gegeten hebt, zoals bijvoorbeeld een beschuit, vla of iets dergelijks.

De hoeveelheid tabletten die u dagelijks moet slikken hangt af van uw lichaamsgewicht en lengte. Er zijn twee verschillende soorten tabletten: tabletten van 150 mg en tabletten van 500 mg.







Lengte: 16mm, Breedte: 8.5mm Lengte: 11mm, Breedte 5.5mm

Dikte: 6mm, Kleur: roze Dikte 4mm, Kleur: roze

Specifieke bijwerkingen van de Capecitabine

  • Als u tijdens het slikken van de Capecitabine last krijgt van rode handpalmen of voetzolen, diarree of huiduitslag moet u stoppen met het innemen van de tabletten en uw arts waarschuwen.
  • Als u heeft gebraakt na de inname van de tabletten, kunt u deze inname laten vervallen en hoeft u niet te proberen de tabletten alsnog later in te nemen. Indien het mogelijk is, slikt u de volgende tabletten capecitabine op het volgende geplande tijdstip na het ontbijt of ‘s avonds.
  • Wanneer het u twee keer achter elkaar niet lukt om de tabletten goed in te nemen, dient u de arts te waarschuwen.
  • Bij een klein percentage mensen kan Capecitabine pijn op de borst veroorzaken door het samenknijpen van de kransslagaders van het hart. Als u pijn op de borst krijgt tijdens het slikken van Capecitabine: onmiddellijk stoppen met het gebruik van het middel en de arts waarschuwen.

De bestraling

In deze folder is geen specifieke informatie opgenomen over de bestraling en de bijwerkingen. Hierover wordt u apart mondeling geïnformeerd door de radiotherapeut (bestralingsarts) en de radiotherapeutisch laborante. U hoort dan hoeveel bestralingen u gaat krijgen en u krijgt dan ook schriftelijke informatie (dit heet de behandelwijzer).

Van de afdeling radiotherapie krijgt u elke donderdag of vrijdag een schema met de bestralingstijden voor de daaropvolgende week.

2. Verdere informatie over de bijwerkingen

De bijwerkingen die het meest bij deze kuur voorkomen, worden toegelicht en voorzien van adviezen. Allereerst moet worden benadrukt dat de genoemde bijwerkingen kunnen maar niet hoeven voor te komen. Sommige mensen hebben veel last van bijwerkingen, anderen vrijwel niet. De meeste bijwerkingen zijn van tijdelijke aard. De mate waarin bijwerkingen optreden heeft niets te maken met het resultaat van de behandeling. De genoemde adviezen zijn slechts richtlijnen en geen pasklare oplossingen.

Bijwerkingen

  • Verminderde eetlust, misselijkheid en braken
  • Smaakverandering
  • Invloed op de werking van het beenmerg
  • Vermoeidheid / verminderde energie
  • Haaruitval in zeer lichte mate
  • Invloed op blaas en nieren
  • Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies
  • Diarree
  • Huidreacties
  • Invloed op de seksualiteit
  • Menstruatiestoornissen
  • Algehele malaise/ griepachtig gevoel 5 dagen na de mitomycine toediening
  • Irritatie van de ogen

Zie ook de bijlage ‘Capecitabine, veel voorkomende bijwerkingen’ aan het einde van deze informatie.

Opmerkingen en adviezen m.b.t. de bijwerkingen

  • Geven de bijwerkingen aan
  • Geven de adviezen aan

1. Verminderde eetlust, misselijkheid en braken

  • Door o.a. irritatie van het maagslijmvlies ontstaat misselijkheid en braken
  • Vraag uw arts om medicijnen als u last heeft van misselijkheid en braken.
  • Probeer zelf uit waar u wel tegen kunt en waar niet. Dit kan voor iedereen anders zijn.
  • Gebruik regelmatig lichte kleine maaltijden. Een lege maag kan namelijk ook een misselijk gevoel geven.
  • Eet op tijdstippen dat u minder misselijk bent, zelfs 's nachts als u wakker bent.
  • Forceer uzelf niet tot eten, maar haal de "schade" tussen de kuren in.
  • Bepaalde geuren kunnen misselijkheid verergeren.
  • Zorg voor een frisse kamer en frisse lucht.
  • Probeer in elk geval per dag 1,5 liter vocht te drinken.
  • Er bestaat een informatiefolder over medicatie tegen misselijkheid en braken, vraag uw arts of verpleegkundige hierom.
  • U krijgt een afspraak bij de diëtiste.

Voedingsadviezen vanuit ervaringen van patiënten

  • Laat de maag langzaam wennen aan vaster voedsel.
  • Niet met een lege maag opstaan of naar bed gaan.
  • Warme gerechten kunnen tegenstaan. Een alternatief is bijv. een koude maaltijdsalade. Deze smaakt vaak beter en is even "gezond".
  • Gebruik koude koolzuurhoudende dranken, met name Cola of Ginger-ale.
  • Drink koffie en thee liever met melk.

2. Smaakverandering

  • Smaakverandering kan leiden tot verminderde eetlust.
  • Hier is weinig tegen te doen. Probeer veel verschillende producten uit.
  • Als u weinig proeft, is het extra belangrijk dat het eten er aantrekkelijk uitziet.

3. Invloed op de werking van het beenmerg

  • Verminderd aantal witte bloedlichaampjes (leucocyten) geeft verhoogde kans op infecties.
  • Verminderd aantal bloedplaatjes (trombocyten) geeft verhoogde kans op spontane blauwe plekken, een bloedneus en bloedend tandvlees.
  • Verminderd aantal rode bloedlichaampjes(erytrocyten) geeft kans op bloedarmoede.
  • Deze remming van aanmaak van bloedlichaampjes door het beenmerg is tijdelijk van aard.
  • Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken of het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus, bij koorts > 38,5 o C of snel duizelig worden (sterretjes zien) waarschuwt u uw arts of dienstdoende arts in het Antoni van Leeuwenhoek.
  • In het algemeen heeft het gebruik van extra vitaminen en/of ijzertabletten geen invloed op het herstel van het beenmerg.

4. Vermoeidheid/ verminderde energie

  • U kunt merken dat u tijdens deze behandeling minder energie heeft, sneller vermoeid raakt en emotioneel kunt zijn.
  • Houd hier rekening mee in uw dagelijks leven; neem voldoende tijd om te rusten.

5. Haaruitval*

  • Het haar kan wat dunner en slapper worden, maar u wordt niet kaal.
  • Verzorg het haar voorzichtig.
  • Was het haar met niet te heet water.
  • Gebruik een milde shampoo en crèmespoeling.
  • Droog het haar voorzichtig.
  • Het nemen van een permanent of het haar verven is af te raden.
  • Aanschaf van een pruik is bijna nooit nodig. Indien nodig kunt u bij de verpleegkundige een machtiging voor vergoeding krijgen en een adressenlijst van kappers die pruiken verzorgen.

6. Nierfunctie

Invloed op de nieren

  • Mitomycine kan uw nierfunctie beïnvloeden.
  • Uw nierfunctie wordt door middel van bloedonderzoek regelmatig gecontroleerd.
  • De urine kan licht paars verkleuren, dit kan geen kwaad.
  • Probeer ± 1.5 liter te drinken. Hieronder wordt ook verstaan yoghurt, vla, ijs, soep, etc. Eén of twee glazen bier per dag kan geen kwaad.

7. Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies

  • U kunt hierdoor een erge droge mond hebben of juist een overmatige speekselproductie.
  • U kunt hierdoor last hebben van taai slijm in uw mond.
  • U kunt hierdoor last krijgen van wondjes in uw mond.
  • Goede mondhygiëne is belangrijk bij het voorkomen en behandelen van irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies.
  • Poets regelmatig uw gebit met een zachte tandenborstel.
  • Spoel uw mond vier tot zesmaal per dag met zout water (1 theelepel op 250 cc water).
  • Vet regelmatig uw lippen in, dan ontstaan er minder snel kloofjes.
  • Gebruik bij een droge mond een zuurtje of kauwgom.
  • Meld bij een bezoek aan de tandarts dat u met cytostatica wordt behandeld.
  • Overleg bij koortsuitslag op uw lip met uw huisarts. Voorkom uitbreiding.
  • Bij een pijnlijke mond met wit beslag waarschuwt u uw huisarts.
  • Een waterijsje is prettig bij een droge of pijnlijke mond.
  • Er bestaat een informatiefolder over mondverzorging. Vraag uw arts of verpleegkundige hierom.

8. Diarree

  • Door irritatie van het darmslijmvlies.
  • Zorg voor voldoende vocht inname: 1,5 tot 2 liter per dag.
  • Waarschuw uw arts als u niet voldoende kunt drinken.
  • Een speciaal dieet is niet zinvol.
  • Neem contact op met uw arts bij aanhoudende klachten voor eventuele medicatie tegen diarree.

9. Huidreacties

  • Zoals roodheid, jeuk, droge, schilferige huid, ontstekingsreacties.
  • Was de huid voorzichtig, alleen met water, en dep deze droog.
  • Draag geen schurende kleding, vermijd direct zonlicht of erge kou.
  • Scheer de bestraalde huid niet en plak geen pleisters op de bestraalde huid. De doktersassistente van de afdeling radiotherapie informeert over de beste manier om deze huidreacties te behandelen. Meld het altijd wanneer deze bijwerking optreedt.

10. Invloed op de seksualiteit

  • Ook tijdens een cytostaticakuur blijft geslachtsgemeenschap mogelijk. Als gevolg van de bijwerkingen kunt u echter minder of geen zin hebben in vrijen of geslachtsgemeenschap.
  • Door de irritatie van het slijmvlies van de vagina kan geslachtsgemeenschap een branderig gevoel geven of pijnlijk zijn.
  • Het gebruik van een glijmiddel kan een oplossing zijn.

Anticonceptie

  • Chemotherapie kan schadelijk zijn voor het ongeboren kind. Vrouwen die behandeld worden mogen niet zwanger zijn, van plan zijn zwanger te worden of borstvoeding geven. Gedurende de behandeling en een bepaalde periode daarna dient u, wanneer u in de vruchtbare leeftijd bent, adequate anticonceptie te gebruiken om te voorkomen dat u zwanger raakt. Uw arts kan u hierover nadere uitleg geven.

Als u vermoedt dat u zwanger bent, dient u dit onmiddellijk aan uw arts te melden. Een zwangerschap is een reden om de behandeling te stoppen.

Als u een man bent en uw partner een vrouw is in de vruchtbare leeftijd, moet u instemmen om tijdens de behandeling en een bepaalde periode daarna een betrouwbare vorm van anticonceptie te gebruiken. U kunt dit bespreken met uw arts.

11. Menstruatiestoornissen

  • Dit wisselt van “een keer overslaan” tot wegblijven.
  • Kan gepaard gaan met overgangsklachten.
  • Na het einde van de behandeling kan de menstruatie terugkomen.

12. Algehele malaise/ griepachtig gevoel

  • 5 tot 8 dagen na de Mitomycine toediening.
  • Soms kan paracetamol helpen.

13. Irritatie van de ogen

  • De ogen kunnen tranen of juist heel droog en branderig zijn.
  • Vraag uw arts naar oogdruppels.
  • Lensdragers kunnen beter een bril dragen om de kans op irritatie te verminderen.

Wanneer waarschuwen

In principe neemt u contact op met uw specialist of dienstdoende arts:

  • Bij aanhoudende misselijkheid en/of braken ondanks het gebruik van medicijnen hiertegen.
  • Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken.
  • Bij het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus.
  • Bij koorts > 38,5 ° Celsius.
  • Bij diarree (vochtverlies).
  • Bij andere klachten waar u zich zorgen over maakt.

3. Waar kunt u met uw vragen terecht

Hebt u naar aanleiding van deze informatie nog vragen, blijf daar dan niet mee lopen.

U kunt hiermee terecht bij:

  • Uw behandelend arts;
  • De verpleegkundige op de afdeling;
  • De voorlichtingslaborante van de afdeling Radiotherapie;
  • Het Centrum Patiënteninformatie.

Bij het CKvL (Centrum voor Kwaliteit van Leven) kunnen u of de mensen uit uw omgeving terecht met vragen over:

  • De situatie waarin u zich bevindt;
  • Uw ziekte en/of behandeling;
  • Hoe het thuis nu moet;
  • De mogelijkheid van inschakeling van een gezinshulp of een wijkverpleegkundige;
  • Of als u gewoon eens wilt praten.

Meer informatie

Voor aanvullende vragen kunt u ook terecht op het telefonisch verpleegkundig spreekuur. U vindt informatie over de bereikbaarheid van de verschillende spreekuren op: www.avl.nl/spreekuren.

Aanvullende informatie

De KWF-folders over Chemotherapie, Bestraling en het boekje ’107 vragen over cytostatica’ zijn verkrijgbaar in het Centrum Patiënteninformatie.

Bijlage: Capecitabine, veel voorkomende bijwerkingen

Voornaamste bijwerkingen van de Capecitabine (Xeloda)

Stop direct met inname van de capecitabine tabletten als een van de volgende bijwerkingen optreedt en neem contact op met uw behandelend arts of de verpleegkundig specialist.

Antoni van Leeuwenhoek: 020 512 9111

Capecitabine diarree

Elke dag toename van 4 keer
of vaker ontlasting ten opzichte van normaal.

Capecitabine Diarree 's nachts

Diarree ’s nachts.

Capecitabine mondproblemen Knipsel

Pijnlijke mond en/of rode en gezwollen mond; zweertjes in de mond.

Capecitabine hand voet syndroom Knipsel

Pijnlijke gezwollen en rode handen (handpalmen en voeten, voetzolen (hand-voetsyndroom).

Voornaamste bijwerkingen van de Capecitabine (Xeloda)

Stop direct met inname van de capecitabine tabletten als een van de volgende bijwerkingen optreedt en neem contact op met uw behandelend arts of de verpleegkundig specialist.

Antoni van Leeuwenhoek: 020 512 9111

Capecitabine misselijkheid en braken

Verlies van eetlust, misselijkheid en braken
(meer dan 1 keer in de 24 uur).

capecitabine hartproblemen

Pijn en/of drukkend gevoel op de borst vooral als dit tijdens inspanning optreedt.

Capecitabine koorts Knipsel

Koorts 38.5 C (of hoger) of andere verschijnselen van een infectie.

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload