Cisplatin en Radiotherapie
Deze schriftelijke informatie is bedoeld als aanvulling op de mondelinge informatie die u hebt gekregen van uw arts.
Om het effect van de bestraling op de kankercellen te versterken, wordt de bestraling gecombineerd met een dagelijkse lage dosis chemotherapie. U krijgt een gesprek met de internist, de radiotherapeut, de verpleegkundige en de radiotherapeutisch laborant. Zij vertellen u over de behandeling, de te verwachten bijwerkingen en waar u op moet letten.
De behandeling ziet er globaal als volgt uit:
De bestralingsperiode strekt zich uit over 5 tot 7 weken. U wordt 24 keer bestraald, behalve op zaterdagen (soms toch op zaterdag in verband met feestdagen), zondagen en feestdagen. Elke week wordt u gezien op de polikliniek door de radiotherapeut of verpleegkundig specialist.
De behandeling begint elke werkdag op het afgesproken tijdstip op de dagbehandeling voor het inbrengen van het infuus en het toedienen van 1 liter vocht (Nacl 0,9%). Ruim 1 uur voor de bestraling op de afdeling radiotherapie krijgt u de Cisplatin via een spuitje op het infuus toegediend. Daarna wordt er nagespoeld. De bestraling vindt aansluitend plaats op de afgesproken tijd. Nadat u bestraald bent kunt u weer naar huis.
In het eerste gedeelte van deze folder wordt u het verloop van de kuur uitgelegd. In het tweede gedeelte vindt u informatie over mogelijke bijwerkingen en adviezen, en in het derde gedeelte instanties/personen waar u met uw vragen terecht kunt.
1. Het verloop van de kuur
Het medicament, dat toegediend wordt, is:
Chemotherapie | Kleur | Dag | Toedieningswijze | Tijdsduur |
Cisplatin (Platinum) | kleurloos | 1 t/m 5 | infuus | Bolusinjectie (2 minuten) |
De totale duur van de behandeling is:
Tumorsoort | Behandelingen |
longtumor | 24 x Cisplatin met radiotherapie |
tumor in het hoofd-halsgebied | 1 x per week Cisplatin met radiotherapie (7 x in kliniek) |
blaastumor | 24 x Cisplatin met radiotherapie |
slokdarmkanker | 24 x Cisplatin met radiotherapie |
Toediening:
- De kuur wordt poliklinisch gegeven. Dit betekent dat u de kuur in het ziekenhuis krijgt en daarna weer naar huis mag. U blijft niet slapen.
- Uw bloed wordt 2 keer per week gecontroleerd. Afhankelijk van de uitslag wordt bepaald of de kuur gegeven kan worden of moet worden uitgesteld.
- De Cisplatin wordt middels een infuus gegeven.
Specifieke maatregelen:
- Het is van belang dat u goed drinkt (1,5 tot 2 liter per dag), om invloed op de nieren en schade van de nieren te voorkomen. Dit advies geldt ook voor de dagen waarop u geen behandeling ontvangt.
- Wanneer het u niet lukt voldoende te drinken, of wanneer u veel braakt en/of diarree hebt en dus veel vocht verliest, is het belangrijk dat u uw behandelend arts waarschuwt. De behandelend arts kan adviseren dat u extra vocht krijgt toegediend via een infuusnaald op de afdeling of dagbehandeling. Als u een tumor heeft in het hoofdhalsgebied krijgt u standaard extra vocht.
- U neemt vanaf dag 1 een tablet Granisetron, 1 uur voor de toediening van de Cisplatin, om misselijkheid te voorkomen. Granisetron heeft als bijwerking verstopping (obstipatie). Op het recept staat ook magnesiumoxide zodat u makkelijker naar de wc kan.
- Als u het medicijn Cisplatin krijgt, is het belangrijk dat u geen visoliesupplementen of omega-3 gebruikt. Stop hiermee 24 uur vóór de behandeling. Pas 24 uur nadat de behandeling is afgelopen, kan u dit weer gebruiken. Deze producten zorgen voor een hoog gehalte aan bepaalde vetzuren in uw bloed en kan ervoor zorgen dat de chemotherapie minder werkzaam is. Het eten van vette vis is geen probleem (haring, bokking, makreel, zalm, sardientjes en ansjovis). Het volledig voedingsadvies is te lezen op de website van ‘Voeding en kanker info’ (www.voedingenkankerinfo.nl). Gebruik de zoekterm ‘vette vis’ om de informatie te vinden.
2. Bijwerkingen
De bijwerkingen die het meest bij deze kuur voorkomen, worden hieronder toegelicht. Daarnaast ziet u wat u het beste kan doen hiertegen. Het is goed om te weten dat deze bijwerken kúnnen voorkomen maar dat dit niet altijd hoeft. De meeste bijwerkingen zijn tijdelijk. De adviezen hieronder zijn geen kant-en-klare oplossingen. Het zijn tips op basis van onze ervaringen en die van patiënten. Hoeveel last u heeft van bijwerkingen, zegt niets over hoe goed de behandeling werkt.
- Misselijkheid en braken
- Smaakverandering
- Onprettige smaak tijdens toediening
- Invloed op de werking van het beenmerg
- Irritatie en/ of ontsteking van het mondslijmvlies en/ of de slokdarm
- Invloed op de nieren
- Geen haaruitval
- Vermoeidheid/ verminderde energie
- Huidreacties
- Invloed op de intimiteit
- Menstruatiestoornissen
- Diarree*
- Tintelingen en doof gevoel in vingertoppen en tenen*
- Oorsuizen en/of verminderd gehoor*
- Obstipatie
- Allergische reactie na eerdere behandeling met Cisplatin*
- Verminderde spermaproductie
Bijwerkingen vermeld met een * komen zelden voor.
Opmerkingen en adviezen m.b.t. de bijwerkingen
1. Misselijkheid en braken
- Door onder andere irritatie van het maagslijmvlies ontstaat misselijkheid en braken.
- Door de Cisplatin kunt u last hebben van ‘late misselijkheid’ (vanaf 3 dagen na de kuur).
- Vraag uw arts om medicijnen tegen misselijkheid en braken. Zie schema hierboven.
- Probeer zelf uit waar u wel tegen kunt en waar niet. Dit kan voor iedereen anders zijn.
- Gebruik regelmatig lichte kleine maaltijden. Een lege maag kan namelijk ook een misselijk gevoel geven.
- Eet op tijdstippen dat u minder misselijk bent, zelfs 's nachts als u wakker bent.
- Forceer uzelf niet tot eten, maar let op uw voedingsintake en haal zo nodig de "schade" tussen de kuren in.
- Bepaalde geuren kunnen misselijkheid verergeren.
- Zorg voor een frisse kamer en frisse lucht.
- Probeer in elk geval per dag 1,5 tot 2 liter vocht te drinken.
- U krijgt een folder uitgereikt over medicijnen tegen misselijkheid en braken.
- Voedingsadviezen vanuit ervaringen van patiënten:
- Laat de maag langzaam wennen aan vaster voedsel.
- Niet met een lege maag opstaan of naar bed gaan.
- Warme gerechten kunnen tegenstaan. Een alternatief is bijvoorbeeld een koude maaltijdsalade. Deze smaakt vaak beter en is even gezond.
- Gebruik koude koolzuurhoudende dranken, met name Cola.
- Drink koffie en thee liever met melk.
2. Smaakverandering
- Smaakverandering kan leiden tot verminderde eetlust.
- Hier is weinig tegen te doen. Probeer veel verschillende producten uit.
- Als u weinig proeft, is het extra belangrijk dat het eten er aantrekkelijk uitziet.
3. Onprettige smaak tijdens toediening
- Tijdens de toediening kan een metaalachtige smaak ontstaan.
- Het zuigen op een pepermuntje of zuurtje kan soms helpen.
4. Invloed op de werking van het beenmerg
- Verminderd aantal witte bloedlichaampjes (leucocyten) geeft verhoogde kans op infecties.
- Verminderd aantal bloedplaatjes (trombocyten) geeft verhoogde kans op blauwe plekken, een bloedneus en bloedend tandvlees.
- Verminderd aantal rode bloedlichaampjes (erytrocyten) geeft kans op bloedarmoede.
- Deze remming van aanmaak van bloedlichaampjes door het beenmerg is tijdelijk van aard.
- Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken of het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus, bij koorts hoger dan 38,5 °C of snel duizelig worden (sterretjes zien) waarschuwt u de dienstdoende arts in het Antoni van Leeuwenhoek via het algemene nummer.
- In het algemeen heeft het gebruik van extra vitaminen en/of ijzertabletten geen invloed op het herstel van het beenmerg.
5. Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies
- U kunt hierdoor een erg droge mond hebben of juist een overmatige speekselproductie.
- U kunt hierdoor last hebben van taai slijm in uw mond.
- U kunt hierdoor last krijgen van wondjes in uw mond.
- Goede mondhygiëne is belangrijk bij het voorkomen en behandelen van irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies.
- Poets regelmatig uw gebit met een zachte tandenborstel.
- Spoel uw mond 4 tot 6 maal per dag met zout water
(1 theelepel zout op 250 ml water). - Vet regelmatig uw lippen in, dan ontstaan er minder snel kloofjes.
- Neem bij een droge mond een zuurtje of kauwgom.
- Meld bij een bezoek aan de tandarts dat u met cytostatica wordt behandeld.
- Overleg bij koortsuitslag op uw lip met uw huisarts. Voorkom uitbreiding.
- Bij een pijnlijke mond met wit beslag waarschuwt u uw huisarts.
- Een waterijsje is prettig bij een droge of pijnlijke mond.
- U krijgt een folder uitgereikt over mondverzorging.
6. Invloed op de nieren
- Zie ook specifieke maatregelen.
- Het is belangrijk thuis voldoende te drinken.
- Drink daarom 1,5 tot 2 liter per dag. Hieronder valt alles wat vloeibaar is (ook yoghurt, soep, etc.)
- Neem contact op met de arts als u niet voldoende kunt drinken.
7. Geen haaruitval
- Het haar kan soms iets dunner worden.
- Het nemen van een permanent of het haar verven is af te raden.
8. Vermoeidheid/ verminderde energie
- U kunt merken dat u tijdens deze behandeling minder energie heeft, sneller vermoeid raakt en emotioneel kunt zijn.
- Houd hier rekening mee in uw dagelijks leven. Probeer echter wel zoveel mogelijk actief te blijven.
9. Huidreacties
- Zoals roodheid, jeuk, droge, schilferige huid, ontstekingsreacties.
- Was de bestraalde huid voorzichtig, alleen met water en dep de huid droog.
- Draag geen schurende kleding, vermijd direct zonlicht of erge kou.
- Scheer de bestraalde huid niet en plak geen pleisters op de bestraalde huid.
- De doktersassistente informeert u over de beste manier om deze huidreacties te behandelen.
- Meld het altijd als deze bijwerking optreedt.
10. Invloed op de intimiteit
- Als gevolg van de diagnose en bijwerkingen kunt u minder of geen zin hebben in vrijen of geslachtsgemeenschap.
- Door de irritatie van het slijmvlies van de vagina kan geslachtsgemeenschap een branderig gevoel geven of pijnlijk zijn.
- Tijdens de behandeling is een goede vorm van anticonceptie noodzakelijk.
11. Menstruatiestoornissen
- Dit wisselt van “een keer overslaan” tot wegblijven.
- Kan gepaard gaan met overgangsklachten.
- Na het einde van de behandeling kan de menstruatie terugkomen.
12. Diarree*
- Door irritatie van het darmslijmvlies.
- Zorg voor voldoende vocht inname: 1,5 tot 2 liter per dag.
- Een speciaal dieet is niet zinvol.
13. Tintelingen en doof gevoel in vingertoppen en tenen*
- Melden bij een volgend ziekenhuisbezoek.
14. Oorsuizen en/of verminderd gehoor*
- Het verminderen van het gehoor begint met de hoge tonen.
- Meld de klachten bij een volgend ziekenhuisbezoek.
15. Obstipatie
- Overleg met uw arts als u denkt dat uw ontlasting veel minder vaak komt dan u gewend bent.
- Overleg met uw arts als u meer dan twee dagen geen ontlasting hebt gehad.
- Vraag uw arts om laxantia.
- Drink minstens 1,5 tot 2 liter per dag.
16. Allergische reactie na eerdere behandeling met Cisplatin*
- Bij een allergische reactie belt u direct het Antoni van Leeuwenhoek.
- Treedt op tijdens toediening of direct aansluitend op de kuur.
- Klachten kunnen zijn: jeuk, uitslag, kortademigheid, lage bloeddruk, warmtegevoel, koorts.
- Met de arts wordt besproken op welke wijze de behandeling voortgezet wordt.
17. Verminderde spermaproductie
- Er bestaat een mogelijkheid tot het invriezen van sperma, dit moet voor het begin van de eerste kuur gedaan worden.
- Na beëindiging van de kuren kan de spermaproductie zich weer herstellen.
Wanneer waarschuwen?
In principe neemt u contact op met uw specialist of dienstdoende arts:
- Bij aanhoudende misselijkheid en/of braken ondanks het gebruik van medicijnen hiertegen.
- Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken.
- Bij het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus.
- Bij koorts hoger dan 38,5 °C.
- Wanneer diarree lang blijft aanhouden en/of u een allergische reactie heeft.
3. Waar kunt u met uw vragen terecht
Hebt u naar aanleiding van deze informatie nog vragen, blijf daar dan niet mee lopen. U kunt hiermee terecht bij:
- Uw behandelend arts, de radiotherapeut of de internist.
- De verpleegkundige op de afdeling.
- De radiotherapeutische laborant op het toestel waar u bestraald wordt.
- Het telefonisch spreekuur. Informatie over bereikbaarheid van de spreekuren vindt u op www.avl.nl/spreekuren.
Bij het CKvL (Centrum voor Kwaliteit van Leven) kunnen u of de mensen uit uw omgeving terecht met vragen over:
- De situatie waarin u zich bevindt
- Uw ziekte en/of behandeling
- Hoe het thuis nu moet
- De mogelijkheid van inschakeling van een gezinshulp of een wijkverpleegkundige
- Of als u gewoon eens wilt praten.
Aanvullende informatie
De KWF-folders over chemotherapie en radiotherapie zijn verkrijgbaar op de verpleegafdeling en in het Centrum Patiënteninformatie. Het boekje ’107 vragen over cytostatica’ is verkrijgbaar in het Centrum Patiënteninformatie.
Praktische informatie
Contact
Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.
Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.
Centrum Patiënteninformatie
Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.
Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie
Centrum voor Kwaliteit van Leven
Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.
Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven
Route & adres
U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.