Laserbehandeling bij melanoom

Inleiding

In verband met een ingreep wordt u binnenkort opgenomen in het Antoni van Leeuwenhoek. In dit document vindt u informatie over:

  1. De ingreep
  2. De periode voor de ingreep
  3. De periode na de ingreep
  4. Het ontslag
  5. Wisselend verloop
  6. Meer informatie

Het doel van dit document is om u en uw naasten te informeren over het te verwachten verloop van de opname, de ingreep en het ontslag. Wij verzoeken u deze informatie goed door te lezen. Als u na het lezen van deze informatie vragen heeft, dan kunt u contact opnemen met de verpleegkundige op de polikliniek tijdens het telefonisch spreekuur (telefoonnummer: zie laatste pagina).

Het is goed u te realiseren dat uw persoonlijke situatie anders kan zijn dan beschreven. Het team van artsen, verpleegkundig specialist, verpleegkundigen, fysiotherapeuten, diëtisten en andere disciplines dat u begeleidt, geeft u specifieke informatie over uw situatie. Wij raden u aan om altijd iemand mee te nemen naar de gesprekken met een zorgverlener. Deze schriftelijke informatie dient als aanvulling op de mondelinge informatie en als naslagwerk.

1. De ingreep

Tijdens de ingreep worden huiduitzaaiingen van het melanoom weggebrand door middel van CO2-laser. De ingreep duurt ongeveer een half uur. In sommige gevallen worden tijdens dezelfde ingreep enkele uitzaaiingen weggesneden (excisie).

Mogelijke complicaties

Geen enkele ingreep is zonder risico’s. Er bestaat altijd een risico op trombose (een stolsel in het bloedvat), longontsteking en wondinfectie en nabloeding. Door een groot aantal maatregelen rondom de ingreep doen wij er alles aan om de risico’s zo beperkt mogelijk te houden.

Het weefselonderzoek

Het weefsel dat eventueel tijdens de ingreep wordt weggenomen, wordt door de patholoog-anatoom onderzocht. Het weefselonderzoek duurt zeven tot tien werkdagen. De uitslag van het onderzoek krijgt u meestal telefonisch. Bij ontslag krijgt u hiervoor de afspraak mee.

2. De periode voor de ingreep

Poliklinische voorbereiding: diagnostisch onderzoek

Ter voorbereiding op de ingreep zijn er een aantal onderzoeken noodzakelijk. De chirurg heeft u hierover geïnformeerd.

Poliklinische voorbereiding

Op de polikliniek spreekt u verschillende medewerkers:

  • De chirurg is eindverantwoordelijk voor uw medische behandeling en zal het behandelplan met u bespreken. Vragen over de ingreep kunt u aan hem of haar stellen.
  • De verpleegkundig specialist is een gespecialiseerde verpleegkundige die u nadere uitleg geeft over de ingreep, opname in het ziekenhuis en de tijd na ontslag. U kunt aan de verpleegkundig specialist vragen stellen die u nog heeft na het bezoek aan de chirurg. Hij of zij vraagt naar uw medische geschiedenis en verricht een algemeen lichamelijk onderzoek. Na dit gesprek is de verpleegkundig specialist uw contactpersoon voor u en uw naasten tot aan de opname in het ziekenhuis. Vervolgens ziet u de verpleegkundig specialist bij een eventuele controle op de polikliniek.
  • De anesthesioloog heeft de regie over de narcose en pijnbestrijding. U ontvangt van hem of haar de informatiefolder “Voorbereiding op de operatie en informatie over de anesthesie”. Hierin vindt u ook de informatie over de tijdstippen dat u nuchter moet blijven. De anesthesioloog instrueert u over uw medicijngebruik. Indien u op het OBC behandeld wordt is er geen afspraak met de anesthesioloog nodig.

Dag van opname

De ingreep kan plaatsvinden in het OBC (onderzoek- en behandelcentrum) of op het operatiecomplex. In het laatste geval wordt u opgenomen op de verpleegafdeling.

Het Onderzoek- en Behandelcentrum (OBC)

Het OBC bevindt zich op de 2e etage van het hoofdgebouw. U kunt zich op de afgesproken tijd melden bij de receptie van de dagbehandeling, deze bevindt zich op de 1e etage van het hoofdgebouw, direct naast de liften.

In het OBC worden kleine chirurgische ingrepen verricht. Klein wil zeggen dat ze onder plaatselijke verdoving of na toedienen van een roesje plaatsvinden. Het OBC beschikt over een uitslaapruimte waar u na de ingreep kunt bijkomen. Daarna kunt u meestal weer naar huis.

Voeding

Wanneer u in een goede conditie verkeert kunt u de behandeling doorgaans goed aan en herstelt u sneller. Voeding en beweging spelen een belangrijke rol bij het in stand houden of opbouwen van uw conditie. Uw behoefte aan energie en eiwitten is verhoogd terwijl de inname van voeding door klachten bemoeilijkt kan zijn, bijvoorbeeld door locatie van de tumor en/of ontregeling van de stofwisseling veroorzaakt door de tumor.

Heeft u vragen over voeding of ervaart u ongewenste gewichtsveranderingen die samenhangen met uw ziekte dan kunt u bij een van onze diëtisten een afspraak maken op de polikliniek. Zie voor meer informatie de folder ‘Voeding bij kanker’ van KWF Kankerbestrijding en de website www.voedingenkankerinfo.nl

Opname en Operatieplanning

Zodra de opnamedatum en/of operatiedatum bekend is, neemt de afdeling Opname twee weken voor de geplande opname/ operatie datum telefonisch of schriftelijk (via de mail) contact met u op.

Dag van opname

Als u op de dag van de operatie komt, wordt u ontvangen op de opnamekamer. Vanaf de opnamekamer wordt u naar de operatie- of behandelkamer gebracht. Na de operatie komt u terug op een patiëntenkamer elders op de verpleegafdeling. Hier verblijft u in principe gedurende uw opname op de verpleegafdeling. Bagage/ kleding wordt tijdelijk opgeslagen door de verpleegkundige in een locker en krijgt u terug na de operatie. Wij adviseren u waardevolle spullen te laten bewaren door een naaste.

Als u wordt opgenomen spreekt u de volgende medewerkers:

  • De verpleegkundige informeert u over de ingreep en de periode in het ziekenhuis. Hij of zij neemt met u de verpleegkundige anamnese door en bespreekt de lastmeter. Hij of zij kan in overleg met u andere disciplines (zoals diëtiste, maatschappelijk werker) inschakelen. Tijdens uw verblijf op de afdeling coördineert de verpleegkundige de zorg en biedt u ondersteuning en begeleiding.
  • De verpleegkundige vertelt u welke slaap- en premedicatie de anesthesioloog heeft voorgeschreven. U hoort van de verpleegkundige op welk tijdstip de ingreep is gepland; let op dit is een geschat tijdstip. De verpleegkundige zet een pijl (met stift) op de te opereren zijde indien dit van toepassing is.
  • De afdelingsarts stelt zich op de hoogte van uw huidige gezondheidstoestand en verricht lichamelijk onderzoek. Tijdens uw opname stelt hij of zij zich dagelijks op de hoogte van uw situatie tijdens de artsenronde en informeert u over het medische beleid. De afdelingsarts staat in nauw contact met uw chirurg.

Voorbereiding op de dag van opname door u

Op de dag van de ingreep kunt u zich wassen of douchen zoals u gewend bent. U wordt verzocht uw huid niet in te smeren met crème of lotion. U krijgt een operatiehemd van de verpleegkundige. Protheses (zoals een gebit), hulpmiddelen (zoals een bril of lenzen), sieraden, make-up en nagellak dient u te verwijderen voordat u naar de operatiekamer gaat. Als u een hoorapparaat heeft, kunt u deze inhouden.
Indien u dit met de anesthesioloog heeft afgesproken krijgt u voor de ingreep een tablet, zodat u zich beter kunt ontspannen. De verpleegkundige brengt u naar de voorbereidingsruimte van de operatiekamer. Daar wordt u ontvangen door een medewerker van de operatiekamer.

De operatie vindt plaats onder algehele narcose of met regionale verdoving (bijvoorbeeld met een ruggenprik). De anesthesioloog heeft dit van tevoren met u besproken.

3. De periode na de ingreep

Indien u onder narcose bent geopereerd blijft u na de ingreep enige tijd op de uitslaapkamer voordat u naar de verpleegafdeling gaat.

Katheters, lijnen en drains

Na de ingreep heeft u mogelijk een aantal ‘slangen’:

  • Een infuus voor vocht- en medicatietoediening. Zodra u in staat bent voldoende te drinken en geen medicatie via het infuus nodig heeft, wordt het infuus verwijderd.
  • Een slangetje in de neus voor de toediening van extra zuurstof. Zodra u goed wakker bent is dit niet meer nodig.

Pijn

Goede pijnbestrijding is belangrijk voor uw herstel. Als u pijn heeft, is het belangrijk dat u dit aangeeft. U krijgt tabletten en/of zetpillen tegen de pijn.

Misselijkheid

Misselijkheid na de ingreep komt regelmatig voor. Misselijkheid kan worden veroorzaakt door de narcose en door de ingreep zelf. Als u misselijk bent, is het belangrijk dat u dit aangeeft. De verpleegkundige kan u medicijnen geven om misselijkheid tegen te gaan.

Wond

De verpleegkundige inspecteert de wond(jes) en verbindt deze zo nodig met Mepitel en gaas.

4. Het ontslag

Wanneer u op de verpleegafdeling bent opgenomen volgt het ontslag aan het eind van de middag of begin van de avond indien:

  • de chirurg erin toestemt;
  • u zich goed voelt;
  • u gegeten en gedronken heeft en niet misselijk bent;
  • de pijn draaglijk is;
  • u heeft geürineerd;
  • de wond er rustig uitziet
  • u de eerste 24 uur niet alleen thuis bent.

Wanneer de ingreep in het OBC is uitgevoerd geldt deze informatie niet.

Bij ontslag krijgt u eventueel een belafspraak mee voor de uitslag van het weefselonderzoek en een afspraak voor wondcontrole bij de chirurg. De chirurg zal uw huisarts op de hoogte stellen van de ingreep, het verloop tijdens de ziekenhuisopname en de eventuele vervolgbehandeling. De specialist komt tijdens de dagopname niet altijd langs, de zaalarts is deze dag verantwoordelijk voor uw zorg.

De periode na het ontslag

Na het ontslag uit het ziekenhuis kunt u uw dagelijkse activiteiten weer geleidelijk uitbreiden tot uw normale niveau. Zorg daarbij voor een dagritme waarbij na activiteiten rustmomenten worden ingelast. Het is moeilijk aan te geven wanneer u weer helemaal van de ingreep bent hersteld. Dit hangt af van de grootte en de complexiteit van de ingreep, uw conditie en eventuele voor- of nabehandeling. Wij willen u graag een aantal adviezen meegeven.

Pijn

De pijnstillers die u tijdens de opname in het ziekenhuis gebruikte, kunt u thuis afbouwen op geleide van uw pijnklachten. Het is verstandig om de pijnstillers zo in te nemen, dat u diep kunt doorademen en nagenoeg pijnvrij kunt hoesten. U kunt het volgende schema volgen:

  • Verminder en stop eerst de Ibuprofen. U kunt stoppen met het gebruik van Pantozol (maagbeschermer) zodra u bent gestopt met Ibuprofen.
  • Blijf Paracetamol drie tot viermaal daags 1000 mg als basis gebruiken. Paracetamol kunt u afbouwen door de middaginname over te slaan. Daarna kunt u tweemaal daags 500 mg innemen en vervolgens stoppen.

Wond

U krijgt uitleg over de verzorging van de wondjes. De wondjes hoeven meestal niet verbonden te worden, drogen aan de lucht is voldoende. Zo nodig kunt u de wondjes verbinden, dit zal de verpleegkundige met u bespreken. U mag douchen vanaf de eerste dag na de operatie. De wondjes na een laserbehandeling zijn brandwonden; deze herstellen langzaam. Indien de wondjes veel vocht produceren kunt u contact opnemen met de wondverpleegkundige via het algemene telefoonnummer.


Soms gaat een wond ontsteken. U moet daarom de wond dagelijks bekijken. Neem contact op met de huisarts of het ziekenhuis als één van onderstaande verschijnselen optreedt:

  • de huid rond de wond wordt vurig rood, warm of gezwollen;
  • u heeft toenemende pijn aan de wond;
  • er komt pus uit de wond;
  • u heeft temperatuurverhoging (boven 38,5 graden Celsius).

U kunt tijdens kantooruren via het centrale telefoonnummer contact opnemen met de polikliniek of de wondverpleegkundige. Buiten kantooruren neemt u contact op met het Weekend-, Avond- of Nachthoofd (WAN) via het centrale telefoonnummer van het ziekenhuis.

5. Wisselend verloop

U zult merken dat u zich de ene dag beter voelt dan de andere dag. Dit kan zowel op lichamelijk als op emotioneel gebied zijn. U kunt gebruik maken van de medewerkers van het Centrum voor Kwaliteit van Leven (CKvL). Bij het CKvL werken diverse deskundigen die u en uw naasten psychosociale ondersteuning kunnen bieden. Uw verpleegkundige kan u in contact brengen met het CKvL.

Vermoeidheid

U kunt lange tijd last houden van vermoeidheid. Een verklaring van de vermoeidheid is er niet altijd. Het is een duidelijk signaal van het lichaam dat er een grote rust/slaapbehoefte is. Het is zinvol uw energie te verdelen over de activiteiten die voor u van belang zijn en regelmatig rust in te bouwen.

Preventieve maatregelen

  • Bescherm uw huid tegen de invloed van ultraviolette straling.
  • Draag beschermende kleding in de zon.
  • Voorkom verbranding.
  • Vermijd de zon zoveel mogelijk tussen 12 en 15 uur.
  • Gebruik tijdens zonnige perioden een anti-zonnebrandmiddel met een hoge
  • beschermingsfactor.
  • Gebruik van zonneapparatuur wordt afgeraden.

Controleert u eenmaal per maand uw huid op:

  • Veranderingen in en om het litteken.
  • Nieuwe plekjes.
  • Veranderingen van reeds bestaande plekjes.
  • Zwellingen in hals, lies en oksel.

Indien u een van deze veranderingen opmerkt kunt u contact opnemen met uw huisarts of dit melden tijdens de controleafspraak bij uw behandelend arts.

Werkhervatting

Wanneer u weer kunt werken is afhankelijk van de aard van uw werkzaamheden en van uw individuele situatie. Het is zinvol met uw behandelend arts en met uw bedrijfsarts te overleggen wanneer u uw werk kunt hervatten. Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u terecht bij het voorlichtingscentrum in de centrale hal van het ziekenhuis.

Intimiteit, Seksualiteit en Kanker

De diagnose en behandeling van kanker kunnen veel veranderen in uw leven en dat van uw partner. Ook het lichaamsbeeld en de lichaamsbeleving kunnen door de behandeling veranderen. In het Antoni van Leeuwenhoek kunt u terecht bij medewerkers die ervaren zijn in het bespreken van problemen op het gebied van intimiteit, seksualiteit en kanker. Bij hen kunt u terecht met al uw vragen en twijfels op dit gebied. Hiervoor kunt u een afspraak maken via het secretariaat van het Centrum voor Kwaliteit van Leven.

Meer informatie kunt u lezen in de folder Intimiteit, Seksualiteit en Kanker. De folder is te verkrijgen op de verpleegafdeling, de polikliniek en het voorlichtingscentrum.

Concentratie

Door de eventuele narcose, medicijngebruik en de emoties rondom de ingreep kunnen uw concentratie, geheugen en beoordelingsvermogen tijdelijk verminderd zijn. Houdt u hiermee rekening als u deelneemt aan het verkeer.

Verwerking

Binnen het Centrum voor Kwaliteit van Leven werkt een scala aan hulpverleners zoals maatschappelijk werkers, geestelijk verzorgers, creatief therapeuten. Zij hebben veel ervaring met, en weten veel over, het omgaan met kanker. Zij helpen u bij het zoeken naar antwoorden op uw vragen. De hulpverleners bieden inzicht en handvatten voor het omgaan met de ziekte, de behandeling en de beperkingen die dat met zich mee kan brengen. Ook tijdens de herstelperiode na een behandeling kunnen zij ondersteuning bieden. Daarnaast kunnen zij bemiddelen en adviseren bij verwijzing naar andere instanties buiten het ziekenhuis.

Continuïteitsbezoek

De mogelijkheid bestaat om een continuïteitsbezoek aan te vragen bij de thuiszorg organisatie in uw regio of via Care for Cancer. Een wijkverpleegkundige gespecialiseerd in de zorg voor kankerpatiënten, komt op afspraak bij u thuis. Zij neemt uw vragen met u door, geeft praktische adviezen en biedt begeleiding.

Een continuïteitsbezoek kunt u aanvragen via de thuiszorgorganisatie in uw woonplaats of via www.careforcancer.nl

U kunt bij uw zorgverzekeraar informeren of de kosten voor Care for Cancer worden vergoed.

Contact met het ziekenhuis

Neem contact op met het ziekenhuis als u binnen de eerste 24 uur na de ingreep de onderstaande lichamelijke problemen ervaart:

  • temperatuursverhoging boven de 38,5 graden Celsius;
  • aanhoudende pijn in het wondgebied die niet met pijnstillers onder controle te krijgen is;
  • als er sprake is van een (snel) toenemende zwelling in het wondgebied met
  • eventueel bloedlekkage via de wond;
  • andere aan de behandeling gerelateerde problemen.

Neemt u bij voorkeur contact op tijdens kantooruren met uw verpleegkundig specialist / behandelend arts via ons algemene nummer. Voor algemene klachten verzoeken wij u eerst contact op te nemen met de huisarts.

5. Meer informatie

Voor aanvullende vragen kunt u ook terecht op het telefonisch verpleegkundig spreekuur. U vindt informatie over de bereikbaarheid van de verschillende spreekuren op: www.avl.nl/spreekuren.

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload