Immuuntherapie
bij kanker
Behandeling met checkpointremmers:
ipilimumab + nivolumab
In deze brochure geven we u de belangrijkste informatie over uw behandeling met immuuntherapie in de vorm van ipilimumab in combinatie met nivolumab.
Deze brochure is bedoeld als ondersteuning naast de informatie die u reeds hebt ontvangen van uw arts of verpleegkundig specialist. Hebt u nog vragen over uw behandeling of ervaart u bijwerkingen, neem dan contact op met uw zorgverlener.
Hoe werkt immuuntherapie in de vorm van ipilimumab + nivolumab?
Ipilimumab en nivolumab, ook wel checkpointremmers genoemd, zijn medicijnen die de natuurlijke afweerreactie van het lichaam tegen kankercellen stimuleren. Door deze krachtige stimulatie zijn de eigen immuuncellen vervolgens in staat om de kankercellen aan te vallen. Immuuntherapie is sterk verschillend van bijvoorbeeld chemotherapie of radiotherapie (bestraling). Bij chemotherapie of bestraling worden de tumorcellen op een directe manier gedood of wordt de celdeling geremd. Bij immuuntherapie zijn het dus onze eigen afweercellen die de kanker aanvallen.
Ons immuunsysteem beschermt ons dagelijks tegen aanvallen van bijvoorbeeld virussen en bacteriën. Het speelt echter ook een belangrijke rol bij het onderdrukken van kanker. Een belangrijke cel hierbij is een soort witte bloedcel, de T-cel (of T-lymfocyt). Deze T-cellen kunnen zowel gestimuleerd als geremd worden in hun activiteit. Hier spelen de checkpointremmers op in. De verschillende checkpointremmers werken op verschillende plaatsen op de T-cel. CTLA-4-remmers remmen het eiwit CTLA-4 en zullen op deze manier de afweer centraal aansturen en activeren. PD-1-remmers remmen het eiwit PD-1 en zorgen er op die manier voor dat de kankercellen (in de tumor) de aanvallende afweercellen niet kunnen tegenhouden. De combinatie van beide remmers zorgt voor een krachtige stimulatie van de afweercellen.
Indien u lijdt aan een zogenoemde auto-immuunaandoening (een aandoening waarbij het lichaam zijn eigen cellen/weefsels aanvalt), zoals reuma, ziekte van Crohn, colitis ulcerosa, bepaalde lever- of nieraandoeningen, schildklierziekte, psoriasis of andere aandoening, dient u dit met uw arts te bespreken. Ook indien u een orgaantransplantatie heeft ondergaan of virale infecties heeft gehad (zoals bijvoorbeeld hepatitis B/C of HIV), is het belangrijk dat uw arts hiervan op de hoogte is. Behandeling met immuuntherapie kan in sommige situaties te risicovol zijn vanwege de kans op ernstige bijwerkingen.
Als u en uw behandelend arts besluiten om deze behandeling te starten, dan zal er voorafgaand aan het starten van de behandeling een bloedonderzoek en een lichamelijk onderzoek plaatsvinden, om vast te stellen of u ook lichamelijk in staat bent deze behandeling te ondergaan.
Beleid anticonceptie
Het is onbekend of immuuntherapie schade veroorzaakt bij ongeboren baby’s. Als de behandeling wordt gegeven aan een zwangere vrouw is het mogelijk dat hierdoor het ongeboren kind letsel wordt toegebracht. Deze behandelingen worden daarom niet gegeven aan zwangere vrouwen. Vrouwen (en hun partner) moeten tijdens deze behandeling een doeltreffend anticonceptiemiddel gebruiken (dubbele anticonceptie). Indien van toepassing moet u daarmee doorgaan tot zes maanden nadat u voor het laatst de behandeling hebt gekregen. Breng uw arts onmiddellijk op de hoogte als u zwanger bent geworden. De arts bespreekt dan de mogelijkheden met u. Er is geen informatie beschikbaar over de vraag of de behandeling schadelijk is voor sperma en daardoor mogelijk letsel kan toebrengen aan de foetus. Seksueel actieve mannen moeten daarom gepaste voorzorgsmaatregelen nemen.
Hoe verloopt de behandeling met immuuntherapie?
De behandeling wordt steeds toegediend in het ziekenhuis met een infuus. Bij deze combinatiebehandeling wordt er in de eerste fase een totaal van 4 kuren gegeven (ipilimumab + nivolumab), iedere 3 weken. In een tweede fase (vanaf week 15, dus na ca. 4 maanden), zal bij effect van de behandeling en bij afwezigheid van bijwerkingen, de behandeling worden voortgezet met maandelijks nivolumab (zonder de ipilimumab). Het is mogelijk dat er vanwege bijwerkingen eerder wordt gepauzeerd of gestopt met deze behandeling. Indien de ziekte onder controle blijft en er zijn geen bijwerkingen, dan wordt deze behandeling doorgaans voortgezet. De duur van de behandeling kan verschillen, maar doorgaans wordt deze behandeling maximaal gedurende 2 jaar gegeven.
Hieronder wordt het behandelschema samengevat:

Op de dag zelf of op de dag voor de behandeling wordt er altijd bloed afgenomen. In dit bloedonderzoek kijkt men vooral naar de werking van de verschillende organen (onder andere lever, nieren, schildklier). Daarnaast vindt er ook een beoordeling plaats door een arts of een verpleegkundig specialist.
Pas als de bloedwaarden volledig bekend zijn en voldoende goed zijn bevonden, wordt de medicatie besteld. Dit verklaart waarom er altijd een wachttijd is alvorens men kan starten met de toediening. De totale inlooptijd van de eerste toediening bedraagt 2 uur met een observatieperiode van 1 uur. Indien u geen bijwerkingen hebt ervaren bij de eerste toediening, bedraagt de inlooptijd van de tweede toediening 1 uur met een observatieperiode van een half uur. Vanaf de derde toediening is er in principe geen observatieperiode meer. Reken er wel op dat u voor het volledige verloop van de behandeling een dagdeel kan moeten doorbrengen in het ziekenhuis. Indien er geen complicaties zijn geweest - zoals bijvoorbeeld een overgevoeligheidsreactie tijdens toediening -, kunt u na de toediening van de immuuntherapie naar huis. Overgevoeligheidsreacties komen zelden voor en in het geval dat ze optreden, wordt de infuussnelheid aangepast. Het kan zijn dat u medicatie krijgt, voorafgaand aan de toediening, om zo een overgevoeligheidsreactie te voorkomen. Hier kunt u sufheid bij ervaren en wordt u niet in staat geacht om alleen te reizen of zelfstandig een auto te besturen.
Let er ook steeds op dat u een afspraak heeft voor uw volgende behandeling.
Wanneer kan ik een effect verwachten van de immuuntherapie?
Om de 3 maanden zullen controleonderzoeken uitgevoerd worden, zoals bijvoorbeeld een CT-scan, om het effect van de immuuntherapie na te gaan. Het duurt soms meerdere weken alvorens het effect van immuuntherapie optreedt. De eerste CT-scan wordt 3 weken na het beëindigen van de eerste serie behandelingen gemaakt en de uitslag wordt een week later met u besproken. Soms wordt er op de eerste CT-scan nog lichte groei van de uitzaaiingen vastgesteld, waarbij later toch nog een afname wordt gezien. Dat komt doordat de tumor door de afweerreactie kan opzwellen, of doordat het eigen immuunsysteem soms tijd nodig heeft om de kankercellen te leren herkennen en vervolgens aan te vallen. Dit fenomeen is bekend, maar komt slechts bij minder dan 10% van de patiënten voor.
Immuuntherapie werkt helaas niet bij alle patiënten. Uw arts zal met u de responskansen van deze behandeling bespreken. Dit verschilt per tumortype en kankerkenmerken.
Welke bijwerkingen kan ik verwachten?
Immuuntherapie werkt specifiek op het eigen immuunsysteem, waardoor de bijwerkingen van een heel andere aard zijn dan bij chemotherapie. Als er bijwerkingen optreden is dat meestal te wijten aan een te sterke activering van het immuunsysteem. Deze bijwerkingen worden ook wel auto-immuunreacties genoemd. Bij behandeling met combinatie-immuuntherapie (nivolumab + ipilimumab) is de kans op ernstige bijwerkingen erg hoog en treden deze op in ongeveer de helft van de patiënten. In het algemeen verlopen de bijwerkingen tijdens de onderhoudsbehandeling met nivolumab milder, maar kunt u nog te maken hebben of krijgen met (late) bijwerkingen van de combinatiebehandeling.
De meeste bijwerkingen treden op in de eerste 3 maanden van de behandeling, maar ook later tijdens de behandeling of na het stoppen van de behandeling, kunnen nog steeds bijwerkingen optreden. Het is steeds belangrijk om uw arts en/of de verpleegkundig specialist op de hoogte te brengen als u bepaalde klachten ervaart. Ze zullen u adviezen verstrekken om de klachten te verminderen of te behandelen. Soms is een evaluatie of behandeling in het ziekenhuis nodig en moet u opgenomen worden. Wanneer u te lang wacht om een bijwerking te melden, kan het moeilijker worden om ze te verhelpen of kunnen ze ernstig verwikkelen. Het is dus belangrijk om klachten onmiddellijk te melden en niet te wachten tot uw volgende afspraak in het ziekenhuis. Bij ernstige bijwerkingen dient de behandeling soms onderbroken of gestopt te worden.
Het is niet te voorspellen of u bijwerkingen zal ervaren. Indien u geen of weinig bijwerkingen ervaart, wil dit niet zeggen dat de immunotherapie niet zou kunnen werken. Als u omwille van de bijwerkingen eerder moet stoppen met de behandeling, blijft de kans op effect even groot.
De bijwerkingen zijn het gevolg van een ‘overactivatie’ van je eigen immuunsysteem, waarbij de afweercellen soms lichaamseigen cellen beginnen aan te vallen en aldus een ontstekingsreactie veroorzaken. Elk orgaan of weefsel in ons lichaam kan op deze manier ontstoken raken, hierdoor kunnen er vele verschillende bijwerkingen van immuuntherapie voorkomen. Wees aandachtig bij klachten die bijvoorbeeld kunnen wijzen op een ontsteking van:
- De huid;
- De darmen;
- De luchtwegen;
- De ogen;
- De maag;
- De lever;
- De nieren;
- De klieren die hormonen produceren.
Daarnaast kunnen er (uitzonderlijk) ook klachten optreden tijdens de toediening en hebben sommige patiënten last van algemene klachten, zoals een grieperig gevoel, spierpijn en/of vermoeidheid.
Klachten tijdens de toediening
De meeste patiënten ervaren geen klachten tijdens de toediening van immuuntherapie. Bij uitzondering treden koorts of koude rillingen, pijn in de onderrug of kortademigheid op, op het moment dat de therapie gegeven wordt. Wanneer u dit ervaart, meldt dit aan de verpleegkundige. Zij zal het infuus (tijdelijk) stoppen of langzamer laten inlopen.
Algemene klachten die kunnen voorkomen in de periode na toediening
- Koorts, grieperig gevoel, gevoel van zwakte
- Spier- en/of gewrichtspijn
- Vermoeidheid
Een lichte vermoeidheid, spierpijn en grieperig gevoel kunnen voorkomen bij deze behandeling. Indien u hier erg veel last van heeft, kan dit wijzen op een ontstekingsreactie en moet u contact opnemen met uw zorgverlener.
Koorts
Wanneer koorts na inname van een koortswerend middel (bijvoorbeeld paracetamol) blijft aanhouden, moet u ook contact opnemen met de arts. Soms kan een ziekenhuisopname nodig zijn om een behandeling tegen een eventuele infectie op te starten. Tekenen van infectie kunnen zijn: koorts, zweten, koude rillingen, hoofdpijn, spierpijn en ziektegevoel.
Tips
- Heeft u last van koude rillingen of een algemeen minder goed gevoel, meet dan uw temperatuur. Aanhoudende koorts kan wijzen op een eventuele infectie;
- Wanneer de koorts blijft aanhouden na het innemen van een koortswerend middel (bijvoorbeeld paracetamol) of bij een temperatuur van 38,5°C of hoger, moet u dit altijd melden bij het ziekenhuis;
- Neem voldoende rust en drink voldoende.
Spier- en/of gewrichtspijn
Deze bijwerking komt voor bij ongeveer 15% van de patiënten en kan zich uiten op verschillende manieren:
- Pijn en/of (ochtend)stijfheid van de gewrichten; het kan gaan om de grote gewrichten (zoals heupen/schouders), soms eerder om kleine gewrichten (zoals bijvoorbeeld de vingers). Meestal om meerdere gewrichten, soms ook om één gewricht.
- Pijn en/of stijfheid van de spieren.
- Spierkrampen.
Deze bijwerkingen zijn meestal mild van aard. Indien deze klachten ernstig zijn of u door deze klachten in uw dagelijkse activiteiten hinder ervaart, is het belangrijk dat u contact opneemt met uw zorgverlener.
Tips
- Probeer in beweging te blijven; maar gun uw spieren en gewrichten ook de nodige rust.
- Bij niet-ontstoken gewrichten of spierpijn wordt warmte meestal als prettig ervaren (bijvoorbeeld een warm bad, warme douche of warme kompressen).
- Als het gewricht rood en warm is, kunnen koude kompressen soms de pijn verlichten.
Vermoeidheid
Ongeveer 40% van de patiënten met immuuntherapie ervaart vermoeidheid. Anderen hebben hier helemaal geen last van en kunnen hun activiteiten gewoon voortzetten. Naast de behandeling, kan ook de kanker vermoeidheid veroorzaken.
Deze vermoeidheid kan de volgende kenmerken hebben:
- Een algemeen gevoel van zwakte;
- Beperking ervaren bij het uitvoeren van de dagelijkse activiteiten;
- Verminderde aandacht en concentratie;
- Niet goed slapen of een toegenomen behoefte aan slaap;
- Niet goed in uw vel zitten; sneller geïrriteerd raken;
Vermoeidheid kan helaas een grote impact hebben op uw dagelijks leven.
Hoe best om te gaan met deze vermoeidheid?
Het advies is om te proberen een evenwicht te vinden tussen enerzijds bewegen en anderzijds rusten. De beweging is nodig om actief te blijven en de rust is nodig om te herstellen. Dit is niet altijd eenvoudig, en vraagt vaak tijd en aanpassing. Het is belangrijk dat u voldoende actief blijft. Probeer uw dagelijkse activiteiten dan ook zoveel mogelijk voort te zetten. Wanneer u zich echter echt ziek of totaal uitgeput voelt, mag u zich niet forceren. Het is dan belangrijk om contact op te nemen met uw zorgverlener om te controleren of er een ontsteking is opgetreden door de behandeling.
Het algemene advies is om dagelijks ongeveer 30 minuten licht tot matig fysiek actief te zijn. Stem uw activiteit af op uw mogelijkheden en wat u graag doet: wandelen of fietsen, zwemmen, maar ook te voet boodschappen doen, de trap nemen in plaats van de lift, in de tuin werken...
Bespreek met uw zorgverlener mogelijkheden om ondersteuning te krijgen in het omgaan met vermoeidheid en manieren om uw conditie op peil te houden of te verbeteren.
Tips
- Probeer uw normale dagelijkse patroon zoveel mogelijk te behouden.
- Plan uw activiteiten en voer ze in uw eigen tempo uit. Geef voorrang aan de activiteiten die u graag doet en die werkelijk nodig zijn.
- Las indien nodig korte rustpauzes in; rust eventueel een half uurtje, maar probeer overdag niet heel lang te slapen.
- Vraag hulp aan anderen wanneer nodig.
- Zorg voor een evenwichtige en gezonde voeding en drink voldoende.
- Zorg voor een goede nachtrust.
- Als u de slaap niet kan vatten, blijf dan niet in bed liggen. Sta op en ga iets drinken of doe kort iets ontspannends, maar kijk liever geen tv of smartphone.
- Als u moeilijk blijft slapen, bespreek dat zeker met uw zorgverlener.
Let op
- Bestuur geen voertuig wanneer u zich erg vermoeid voelt.
- Vermijd onnodige activiteiten, stress of spanningssituaties.
- Vermijd overdag te slapen (opdat u voldoende moe bent voor het slapengaan).
- Vermijd koffie (voor het slapengaan), net als alcohol.
Klachten van de huid
Immuuntherapie kan jeuk of een huiduitslag veroorzaken. Immuuntherapie geeft zeer zelden haarverlies.
Huidveranderingen die kunnen optreden:
- Een droge of schilferige huid met of zonder jeuk;
- Huiduitslag in de vorm van puistjes of rode puntjes (op delen van het lichaam of de gehele huid);
- Witte verkleuring van de huid (vitiligo) – dit is zeldzaam.
Tips
- Gebruik een vette crème zodra u last hebt van een droge huid. Een droge huid zal sneller jeuk veroorzaken.
- Gebruik een neutrale crème zonder alcohol en zonder parfum en gebruik deze crème bij voorkeur na het wassen.
- Bescherm u goed tegen de zon, wind en koude om uitdroging van de huid te voorkomen.
- Als u erg last hebt van jeuk, vraag uw zorgverlener dan om een jeukstillend medicijn.
Klachten van de darmen
Uw behandeling kan een ontstekingsreactie geven in de darmen. U kunt de volgende klachten ervaren:
- Diarree: zachte tot vloeibare (vaak waterdunne) ontlasting;
- Buikpijn, buikkrampen;
- Slijm of bloed in de ontlasting;
- Soms tekenen van uitdroging zoals een dorstgevoel, een droge mond, een droge of gerimpelde huid of donkere urine;
- Gewichtsverlies.
Wat kunt u doen bij diarree?
Zodra u last hebt van diarree, meldt u dat aan uw zorgverlener in het ziekenhuis. Bij diarree tot viermaal per dag is het belangrijk dat u voldoende drinkt (minstens 1,5 tot 2 liter per dag) en contact opneemt met het ziekenhuis. Op advies van uw zorgverlener start u met een diarreeremmer, bijvoorbeeld Loperamide 2 mg. Bij de eerste diarree-aanval mag u 2 capsules innemen. Daarna mag u telkens opnieuw 1 capsule innemen bij iedere vloeibare of waterdunne ontlasting en dit tot maximaal 8 capsules per dag. Echter, tussen de innames dient wel minimaal 2 uur tijd te zitten. Neem nooit loperamide om de diarree voor te zijn.
Soms kan het ook nodig zijn andere geneesmiddelen voor te schrijven om de diarree onder controle te krijgen. Daarom is het belangrijk dat u in contact blijft met uw zorgverlener indien u diarree ontwikkelt en dat u meteen het ziekenhuis op de hoogte stelt als een bestaande diarree erger wordt.
Tips
- Drink regelmatig water of sportdranken zodat u voldoende vocht opneemt (minstens 1,5 tot 2 liter).
- Het slijmvlies van de sluitspier kan geïrriteerd zijn door de veelvuldige diarree. Gebruik zacht toiletpapier of een washandje. Zinkoxidezalf kan helpen om de huid te beschermen bij irritatie. Vermijd geparfumeerde doekjes.
Als de diarree ondanks de medicatie toch blijft aanhouden of verergert (vier- tot zesmaal per dag dunne ontlasting), of als u ook last heeft van buikkrampen of bloed in de ontlasting, neem dan nog eens contact op met de zorgverlener.
Klachten van de luchtwegen
Immuuntherapie kan een ontstekingsreactie veroorzaken van de luchtwegen.
U kunt de volgende klachten ervaren:
- Een prikkelend gevoel in de keel
- Een droge, prikkelende hoest
- Hoesten, al dan niet met het ophoesten van slijm
- Een piepende ademhaling, pijn bij inademen
- Kortademigheid
- Koorts
Als u last heeft van een aanhoudende hoest of kortademigheid of koorts, neem dan contact op met uw zorgverlener!
Klachten van de ogen
Er kan (eerder zeldzaam, dus bij minder dan 10 van de 100 patiënten) een ontstekingsreactie van de ogen optreden. Dit kan pijn aan de ogen geven, of ook een wazig of verminderd zicht. Het is belangrijk om oogklachten altijd te melden aan uw zorgverlener. Die kan u vervolgens (snel) verwijzen naar een oogarts voor een controle-onderzoek en zo nodig een behandeling.
Klachten van de maag
De meeste patiënten ervaren geen misselijkheid van immuuntherapie. Soms treedt misselijkheid toch op en hierbij kunt u last hebben van:
- Minder eetlust;
- Een zwaar gevoel in de maag;
- Een opgeblazen gevoel;
- Een pijnlijke maag;
- Braakneigingen.
Tips
- Eet kleine hoeveelheden, gespreid over de dag en vermijd zware maaltijden;
- Eet voedsel dat u lekker vindt;
- Drink regelmatig water, maar drink met kleine hoeveelheden zodat u geen opgeblazen gevoel krijgt;
- Vraag uw zorgverlener een geneesmiddel tegen misselijkheid of braken;
- Neem het geneesmiddel 30 minuten voor de maaltijd in, of zoals voorgeschreven door uw zorgverlener;
- Neem bij aanhoudende misselijkheid of braken altijd contact op met uw zorgverlener.
Let op
- Vermijd sterke kruiden en te zoet, gebraden of vet voedsel (bijvoorbeeld gefrituurd voedsel).
- Vermijd te drinken tijdens de maaltijd, dit neemt uw eetlust weg.
- Vermijd onmiddellijk te gaan liggen na de maaltijd, een halfzittende houding is beter.
- Als u misselijk bent, vermijd dan sterke geuren. Deze kunnen de misselijkheid verergeren.
- Vermijd alcoholische dranken.
Klachten van de lever
Immuuntherapie kan soms leiden tot een ontsteking van de lever (hepatitis). Die ontstekingsreactie is vaak eerst zichtbaar in uw bloedresultaten, waarbij de leverwaarden verstoord kunnen zijn
U kunt de volgende klachten ervaren:
- Vermoeidheid, een algemeen zwak gevoel;
- Het geel worden van het oogwit of van de huid; neem hierbij onmiddellijk contact op met uw zorgverlener
Uw zorgverlener zal nauwlettend de leverwaarden volgen met regelmatige bloedonderzoeken (voorafgaand aan iedere behandeling). Soms zijn er extra bloedafnames nodig om de werking van de lever te volgen. In overleg met uw arts kan ook worden besloten om de medicatie (tijdelijk) te stoppen als de leverwaarden te sterk verstoord zijn.
Klachten van de nieren
Ontsteking van de nieren is een zeldzame bijwerking. In de bloedonderzoeken wordt de functie van de nieren bij iedere behandeling gecontroleerd.
Klachten van de klieren die hormonen produceren
De behandeling met immuuntherapie kan ontstekingen veroorzaken van de hormoonproducerende organen zoals de schildklier, bijnieren, de hypofyse en de alvleesklier. Deze bijwerkingen zijn eerder zeldzaam, en gaan meestal gepaard met niet heel specifieke klachten. Bij twijfel over bijwerkingen is het hierom zeer belangrijk om steeds te overleggen met u zorgverlener. In het bloedonderzoek worden uw hormonen regelmatig gecontroleerd. Soms is bij klachten een extra controle nodig.
Deze ontstekingen van de hormoonproducerende organen zijn bijna altijd blijvend en de medicatie die u hiervoor krijgt voorgeschreven zult u dan ook levenslang moeten blijven gebruiken. Dit kan gaan om medicijnen voor de schildklier en/of bijnieren of medicijnen voor het regelen van de bloedsuikers (‘suikerziekte’).
Klachten kunnen zijn:
- Extreme vermoeidheid;
- Aanhoudende, vaak hevige hoofdpijn die niet of nauwelijks overgaat met een pijnstiller;
- Spierzwakte of spierpijn;
- Ongewild gewicht verliezen of aankomen in gewicht;
- Stemmingswisselingen (bijvoorbeeld vergeetachtig, prikkelbaar, verward);
- Een opgejaagd gevoel; hartkloppingen;
- Extreme dorst;
- Veranderingen van het zicht.
Wanneer moet ik contact opnemen met het ziekenhuis?
Wij adviseren u contact te nemen bij iedere nieuwe (onbegrepen) klacht tijdens uw behandeling. In het bijzonder:
- Als u koorts hebt (> 38°C) of bij tekenen van een infectie;
- Als u last hebt van diarree, en zeker wanneer dit meer dan viermaal per dag is of wanneer er bloed of slijm bij de ontlasting is;
- Als u last hebt van aanhoudende buikkrampen en misselijkheid;
- Als u ongewild gewicht verliest;
- Als u last heeft van kortademigheid of bij een pijnlijk gevoel op de borst;
- Als hoest blijft aanhouden en verergert;
- Als u last hebt van huiduitslag;
- Als u last hebt van hoofdpijn die aanhoudt of toeneemt;
- Als u last hebt van spierzwakte, verwardheid of andere neurologische tekens;
- Als u last hebt van extreme vermoeidheid;
- Als u last hebt van extreme dorst.
Hoe moet ik contact opnemen met het ziekenhuis?
De zorgverleners en afdelingen van het Antoni van Leeuwenhoek zijn telefonisch bereikbaar via het algemene telefoonnummer van het ziekenhuis 020 512 9111.
Buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd.
Wanneer u contact opneemt met het ziekenhuis, houdt dan uw patiëntengegevens bij de hand.
Voor medische vragen is er dagelijks een telefonisch spreekuur (met een verpleegkundig specialist of uw vaste contactpersoon). Bij spoedvragen kunt u ook buiten deze tijden bellen.
Het gebruik van andere medicatie?
Als u nog andere geneesmiddelen inneemt, geef dat dan altijd door aan uw behandelend arts of verpleegkundig specialist. Het is belangrijk dat u steeds alle medicatie, alle voedingssupplementen, plantenextracten of andere homeopathische middelen doorgeeft.
Corticosteroïden (zoals bijvoorbeeld dexamethason of prednisolon) worden indien nodig gebruikt in geval van bijwerkingen. De behandeling van deze bijwerkingen is complex en gebeurt daarom altijd door uw behandelend team in ons ziekenhuis. Indien u geen bijwerkingen heeft, worden deze medicijnen (en andere medicijnen die het immuunsysteem beïnvloeden) afgeraden. Indien u reeds corticosteroïden gebruikt, breng dan uw arts hiervan op de hoogte.
U mag in geen geval deze behandeling op eigen initiatief stoppen.
Veel gestelde vragen:
Ben ik meer vatbaar voor infecties?
Behandeling met immuuntherapie zal in tegenstelling tot chemotherapie uw eigen afweer niet verminderen. Hierdoor bent u ook niet gevoeliger voor infecties.
Kan ik een vaccin krijgen?
De meeste vaccins (zoals griepprik, tetanusvaccin, pneumokokkenvaccin en coronavaccin) bevatten geen levend of verzwakt virus/bacterie en kunnen zonder probleem gegeven worden tijdens de behandeling met immuuntherapie. Een uitzondering zijn de levend verzwakte vaccins (zoals het gele koortsvaccin), dat afgeraden wordt tijdens behandeling met immuuntherapie.
Zijn de bijwerkingen tijdelijk?
In de meeste gevallen verdwijnen de bijwerkingen met de juiste behandeling na verloop van tijd. Sommige patiënten ondervinden echter bijwerkingen die niet volledig verdwijnen en een aanhoudende behandeling vereisen. Met name als klieren ontstoken raken die hormonen produceren, zoals de schildklier, bijnier, hypofyse of alvleesklier, treedt er vaak blijvend verminderde hormoonproductie op en moeten patiënten erg langdurig (levenslang) behandeling met hormonen krijgen.
Waarom duurt het zo lang (3 maanden) om na te gaan of mijn behandeling werkt?
Immuuntherapie zal uw eigen immuunsysteem activeren. De tijd die nodig is voor deze immuunactivatie en het vervolgens opruimen van kankercellen kan erg variëren en duurt bij sommige patiënten meerdere weken. Bij de meeste patiënten is bij de eerste scan na 3 maanden duidelijk of de behandeling aanslaat. Uitzonderlijk (in minder dan 10% van de gevallen) is het effect pas later duidelijk. Naast de scanresultaten zullen ook uw bloedresultaten en conditie (klachten) deel uitmaken van deze beoordeling.
Werkt de therapie altijd?
Immuuntherapie werkt helaas niet bij iedereen en ook niet onmiddellijk. Daarnaast is het ook nog steeds niet goed te voorspellen bij wie de behandeling zal aanslaan en bij wie niet.
Hierdoor ervaren sommige patiënten veel spanning en angst tijdens de behandeling. Deze gevoelens zijn normaal, maar kunnen erg belastend zijn. Bespreek dit met uw behandelteam zodat gepaste ondersteuning (via het Centrum voor Kwaliteit van Leven) kan worden geboden.
Waar vind ik meer informatie over immuuntherapie?
- Website van ons ziekenhuis: https://www.avl.nl/alles-over-kanker/overzicht-van-alle-behandelingen/immuuntherapie-met-checkpointremmers/
- Website van ESMO (= Europese Vereniging van Medische Oncologie):
https://www.esmo.org/content/download/133757/2490215/1/NL-ESMO-Gids-voor-Patienten-Bijwerkingen-van-Immuuntherapie-en-de-Aanpak-Ervan.pdf - Websites om er met kinderen over te praten:
- www.kankerspoken.nl
Praktische informatie
Contact
Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.
Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.
Centrum Patiënteninformatie
Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.
Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie
Centrum voor Kwaliteit van Leven
Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.
Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven
Route & adres
U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.
