Adviezen thuis na behandeling met chemotherapie
In deze folder leest u adviezen over:
- Algemene bijwerkingen na chemotherapie.
Deze bijwerkingen kunnen een reden zijn om direct een arts te bellen. - Beschermende maatregelen voor thuis. Deze maatregelen zijn nodig na een behandeling met cytostatica (chemotherapie).
Redenen om een arts te waarschuwen
Tijdens uw opname kreeg u chemotherapie. Het is mogelijk dat u thuis last krijgt van bijwerkingen. Hieronder leest u wat u moet doen bij een bijwerking. U leest ook welke telefoonnummers u kunt bellen bij vragen of onduidelijkheid.
Misselijkheid en braken
U heeft recepten en uitleg meegekregen tegen misselijkheid en braken. Krijgt u toch last van deze bijwerkingen? Dan is het belangrijk dat u goed blijft drinken. Drink minimaal 2 liter per dag.
Minder eetlust komt vaak na een paar dagen weer terug. Blijft u langer dan 24 uur braken? En lukt drinken daardoor niet? Neem dan direct contact op met uw huisarts of uw behandelend arts.
Beenmergonderdrukking
Chemotherapie kan de werking van uw beenmerg onderdrukken.
Daardoor kunt u te weinig bloedcellen krijgen. Het gaat om bloedplaatjes en rode en witte bloedcellen.
Dit kan de volgende klachten geven:
- Duizeligheid en kortademigheid.
Bij te weinig rode bloedcellen kunt u bloedarmoede krijgen.
Hierdoor kunt u zich duizelig voelen of snel buiten adem zijn. - Bloedingen, zoals:
- Een neusbloeding.
- Blauwe plekken die zomaar ontstaan.
- Kleine rode puntjes op uw huid, vooral op de benen.
- Sneller bloedend tandvlees.
- Bloed bij de ontlasting of in de urine.
Deze bloedingen ontstaan door te weinig bloedplaatjes.
- Koorts en koude rillingen. Bij te weinig witte bloedcellen is uw afweer lager. Daardoor kunt u sneller een infectie krijgen.
Dit merkt u aan koorts van 38,5 °C of hoger en koude rillingen.
Heeft u één of meer van deze klachten? Neem dan direct contact op met uw huisarts, behandelend arts of verpleegkundig specialist.
Samen bespreekt u wat u op dat moment moet doen.
In het weekend en ’s nachts vraagt u naar de dienstdoende arts van het AVL. Het kan zijn dat u extra bloed moet laten prikken.
Diarree of verstopping
Als het nodig is, geeft de zaalarts u een recept voor medicijnen tegen diarree of verstopping. Heeft u ondanks deze medicijnen toch last van diarree of verstopping? Neem dan contact op met uw huisarts, behandelend arts of verpleegkundig specialist.
Dit doet u als de diarree langer dan 48 uur duurt. Of als de verstopping langer dan 4 dagen duurt. Uw huisarts heeft een brief van het ziekenhuis gekregen. Daarin staat welke behandeling u heeft gehad. Uw huisarts kan altijd overleggen met uw behandelend arts.
Het is belangrijk dat u goed blijft drinken. Drink minimaal 2 liter per dag.
Beschermende maatregelen na chemotherapie
Resten van cytostatica kunnen tot ongeveer één week na de kuur in uw lichaam blijven. Het aantal dagen verschilt per medicijn.
In deze periode breekt uw lichaam de cytostatica af. Kleine hoeveelheden verlaten uw lichaam via urine en ontlasting. Dit gebeurt ook via wondvocht, zweet, speeksel en braaksel.
Uit onderzoek blijkt dat cytostatica schadelijk kunnen zijn voor gezonde mensen. Vooral verpleegkundigen lopen risico. Zij komen tijdens hun werk vaak met deze medicijnen in contact. Misschien heeft u gezien dat zij extra maatregelen nemen. Zij dragen bijvoorbeeld handschoenen.
Thuis komt u maar kort in contact met cytostatica. Daarom zijn de risico’s voor u en uw naasten heel klein. Toch vinden wij het belangrijk om u het volgende te vertellen:
Cytostatica: tabletten, capsules of drankje
Gebruikt u thuis cytostatica als tablet, capsule of drankje?
Let dan op het volgende:
- Neem de cytostatica bij voorkeur zelf in.
Doe dit zonder hulp van anderen. - Slik de tabletten of capsules in hun geheel door.
Maak tabletten niet fijn en maak capsules niet open.
Heeft u moeite met innemen?
Neem dan contact op met uw arts of verpleegkundige. - Was uw handen na het innemen van de cytostatica.
Zo voorkomt u dat de omgeving vies wordt.
Maatregelen bij verzorging en schoonmaken
Heeft u contact met urine, ontlasting of braaksel? Draagt u dan wegwerphandschoenen. Dit geldt voor iedereen die helpt bij de verzorging. Draag ook wegwerphandschoenen bij schoonmaken. Dit geldt bij contact met uitscheidingsproducten en wasgoed.
- Maak het toilet en de was- en badgelegenheid minimaal één keer per week schoon. Maak deze ook schoon na braken. Gebruik hiervoor een gewone zeepoplossing, zoals allesreiniger.
- Is de vloer of vloerbedekking vies door braaksel, urine of andere lichaamsvloeistoffen? Maak dit dan schoon met een gewone zeepoplossing.
Wasgoed
Is wasgoed zichtbaar vies door urine, ontlasting, braaksel of veel zweet? Volg dan deze stappen:
- Verzamel het wasgoed in een aparte plastic zak. Sluit de zak goed af.
- Spoel dit wasgoed eerst met een koud programma. Was alleen het vieze wasgoed. Voeg geen ander wasgoed toe.
- Was het daarna met een programma dat past bij het materiaal. U mag dan ander wasgoed toevoegen.
- Is het wasgoed niet zichtbaar vies? Dan kunt u het op de normale manier wassen.
Toiletgebruik
- Ook mannen plassen zittend.
- Ziet u druppels op de toiletbril? Dep deze weg met droog toiletpapier.
- Was uw handen na elk toiletgebruik.
- Heeft u een stoma? Dan is het het beste dat u deze zelf verzorgt. Krijgt u hulp? Vertel dan dat u chemotherapie krijgt.
Vertel dit aan degene die uw stoma verzorgt. Laat bij het legen van het stomazakje geen spetters ontstaan. Laat urine of ontlasting zo mogelijk langs de zijkant van de toiletpot lopen. - Heeft u een blaaskatheter of een urinestoma? Vervang de urineopvangzak als deze bijna vol is. Laat de zak niet leeglopen. Doe de zak in een dubbele plastic zak. Gooi deze daarna weg bij het huisvuil. U kunt bij de medisch speciaalzaak vragen om een dagzak. Dit is in plaats van een weekzak. Hiervoor heeft u geen extra toestemming nodig.
- Gebruikt u een urinaal of ondersteek?
Spoel deze na gebruik eerst om met koud water.
Maak deze daarna schoon met een gewone zeepoplossing, zoals allesreiniger. - Alle uitscheidingsproducten mogen via het riool worden weggespoeld.
Braaksel
De maatregelen bij braaksel zijn hetzelfde als bij ontlasting en urine.
Wees extra voorzichtig als u cytostatica als tablet, capsule of drankje gebruikt. Tot twee uur na het innemen zit er nog veel cytostatica in het braaksel.
- Bent u misselijk of denkt u dat u moet overgeven? Leg dan een handdoek of een wegwerponderlegger op uw kussen.
- U mag braaksel wegspoelen in het toilet.
- Maak bij braken bij voorkeur gebruik van het toilet.
- Is dat niet mogelijk? Gebruik dan zoveel mogelijk wegwerpmateriaal. U kunt bijvoorbeeld een plastic zak in een emmer doen. Knoop de zak voorzichtig dicht. Gooi deze direct weg in een aparte vuilniszak. Zo voorkomt u lekkage.
- Ziet u druppels op de toiletbril? Dep deze weg met droog toiletpapier.
- Was uw handen na het braken en na het opruimen van het braaksel.
Afval
Heeft u afval zoals luiers, incontinentiemateriaal, bakjes met braaksel of stomamateriaal? Verzamel dit afval in een plastic zak. Knoop de zak na gebruik goed dicht. Zo voorkomt u lekkage. Doe deze dichtgeknoopte zak daarna in een plastic vuilniszak. U kunt deze daarna gewoon weggooien bij het huisvuil.
Overige gebruikte materialen
Voor het gebruik van bestek, servies en andere gebruiksartikelen hoeft u niets extra’s te doen. U hoeft hiervoor geen speciale maatregelen te nemen.
Lichamelijk contact en seksualiteit
Veel mensen hebben vragen over intiem contact. Dit gaat bijvoorbeeld over knuffelen of een zoen geven. Voor zover bekend geeft dit geen schade. U hoeft zoenen, intimiteit en lichamelijk contact niet te vermijden. Het is niet bekend of cytostatica in sperma of vaginaal vocht terechtkomen. Daarom is het belangrijk om tijdens het vrijen een condoom te gebruiken. Doe dit in de periode waarin er nog risico is op blootstelling.
Voorkomen van zwangerschap
Cytostatica kunnen schade veroorzaken bij een ongeboren kind.
Daarom is het belangrijk om zwangerschap te voorkomen.
Dit geldt voor vrouwen en mannen tijdens en na de behandeling met chemotherapie. Bespreek met uw behandelend arts welke anticonceptie u gebruikt. Bespreek ook hoe lang u deze moet gebruiken. Meestal is het advies om dit nog minimaal een half jaar te doen. Dit geldt na het stoppen met de behandeling met cytostatica.
Denkt u dat u tijdens de behandeling zwanger bent? Neem dan direct contact op met uw arts.
Meer informatie
Het is belangrijk dat u uw familie en zorgverleners vertelt dat u cytostatica krijgt. Dit geldt ook voor hulpverleners die bij u thuis komen, zoals de thuiszorg. Vertel hen welke maatregelen u moet volgen. Zo kunnen zij hier rekening mee houden. Door deze maatregelen te volgen, maakt u de risico’s zo klein mogelijk. U hoeft zich dan geen onnodige zorgen te maken.
Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan contact op met de verpleegkundigen of verpleegkundig specialisten. Op www.avl.nl/spreekuren leest u wanneer de telefonische spreekuren bereikbaar zijn.
Praktische informatie
Contact
Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.
Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.
Centrum Patiënteninformatie
Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.
Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie
Centrum voor Kwaliteit van Leven
Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.
Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven
Route & adres
U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.