Delier

Informatie over delier (acute verwardheid) voor patienten en hun naasten

Inhoudsopgave

  • Wat is een delier?
  • Hoe ontstaat een delier?
  • Wanneer is er een verhoogd risico op een delier?
  • Hoe proberen we in het AVL een delier te voorkomen?
  • Hoe behandelen we een delier?
  • Wat kunt u zelf doen om een delier te voorkomen?
  • Wat kunt u als naaste doen wanneer er sprake is van een delier?

Wat is een delier?

Een delier (ook wel delirium of acute verwardheid) is een aandoening die regelmatig optreedt bij (oudere of kwetsbare) patiënten in het ziekenhuis. Patiënten met een delier hebben onder andere problemen met denken, kunnen informatie niet goed onthouden en nemen de werkelijkheid vaak anders waar.

Dagelijkse handelingen kosten daardoor meer moeite. Patiënten met een delier kunnen onrustig of juist heel erg slaperig zijn.

Hoe ontstaat een delier?

Een delier ontstaat door een lichamelijke ontregeling, bijvoorbeeld door een operatie, een ontsteking, door ziekten aan het hart of de longen, door een hersenaandoening of door bepaalde medicijnen.

Meestal is een delier tijdelijk en verdwijnt een delier wanneer de lichamelijke ontregeling wordt opgelost. Wanneer een delier wordt veroorzaakt door lichamelijke problemen die niet weggenomen kunnen worden (b.v. hersentumoren of -metastasen) is een delier soms moeilijker te behandelen.

Welke patiënten hebben een verhoogd risico op een delier?

Een delier kan op iedere leeftijd voorkomen, maar over het algemeen hebben oudere patiënten een grotere kans op het ontwikkelen van een delier.

Andere risicofactoren voor het ontwikkelen van een delier zijn:

  • Een delier in de voorgeschiedenis
  • Geheugenproblemen
  • Hulp nodig hebben bij algemene dagelijkse verrichtingen, zoals wassen en aankleden
  • Minder goed kunnen horen of zien
  • Gebruik van alcohol en/of drugs

Hoe proberen we een delier te voorkomen?

Het voorkomen van een delier (delierpreventie) doen we op verschillende manieren. Het is daarbij echter niet zeker dat we een delier altijd weten te voorkomen. Dat is afhankelijk van verschillende factoren. Op sommige factoren hebben we minder of helemaal geen invloed.

Om een delier te voorkomen proberen we er onder andere voor te zorgen dat u tijdens de opname:

  • Voldoende eet en drinkt
  • Geen of zo min mogelijk pijn heeft
  • Regelmatig uit bed komt (indien mogelijk)
  • Hulpmiddelen als een bril of gehoorapparaat gebruikt
  • Een klok en een kalender bij uw bed heeft
  • Een goede balans heeft tussen activiteiten en rust
  • ’s Nachts goed kunt slapen

We houden steeds in de gaten of er aanwijzingen zijn voor een (beginnend) delier. Ook zijn we alert op situaties en/of factoren die een delier kunnen veroorzaken, bijvoorbeeld ontstekingen, wisselingen van medicijnen, enzovoort.

Hoe behandelen we een delier?

Wanneer er toch een delier ontstaat behandelen we een delier op drie verschillende manieren:

  • We behandelen de onderliggende lichamelijke ontregeling en/ of de uitlokkende factoren;
  • We zorgen voor een zo goed mogelijke begeleiding van u en uw naasten;
  • We behandelen de verschijnselen van het delier. Soms schrijven we daarbij medicatie voor, bijvoorbeeld tegen onrust, angst, waanideeën of hallucinaties.

Wat kunt u zelf doen om een delier te voorkomen?

  • Meld het als u eerder een delier heeft gehad;
  • Wees eerlijk over het bestaan van geheugenklachten;
  • Wees eerlijk over het gebruik van alcohol, drugs en nicotine;
  • Neem uw bril, contactlenzen en/of gehoorapparaat mee naar het ziekenhuis en let erop dat u/uw naaste deze ook gebruikt;
  • Breng vertrouwde spullen van thuis mee naar het ziekenhuis, bijvoorbeeld een foto met daarop vertrouwde familieleden of huisdieren, een eigen dekbed, een deken of kussen en/of een klok met zichtbare wijzerplaat.

Wat kunt u als naaste doen wanneer er sprake is van een delier?

  • Neem contact op met de arts of verpleegkundige als uw naaste anders denkt of zich anders gedraagt dan normaal.
  • Breng vertrouwde spullen van thuis mee naar het ziekenhuis, bijvoorbeeld een foto met daarop vertrouwde familieleden of huisdieren, een eigen dekbed, een deken of kussen en/of een klok met zichtbare wijzerplaat.
  • Probeer geruststellend en rustig aanwezig te zijn, bijvoorbeeld door het vasthouden van de hand van uw naaste.
  • Vertel uw naaste waar hij/zij zich bevindt, waarom hij/zij daar is en welke dag het is.
  • Kom niet met te veel bezoek tegelijkertijd.
  • Ga niet in tegen de waanvoorstellingen van uw naaste, maar probeer hem of haar af te leiden naar hier-en-nu zaken.
  • Overweeg om gedurende de ziekenhuisopname bij uw naaste te blijven slapen.
  • Aarzel niet om eventuele vragen voor te leggen aan de verpleegkundige van de afdeling.

Bron

Jeroen Bosch Ziekenhuis www.jeroenboschziekenhuis.nl

- Copyright 2015 -

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload