Enfortumab vedotin + pembrolizumab

Deze informatie is bedoeld als aanvulling op de informatie die uw arts, verpleegkundig specialist en/of verpleegkundige u geeft. In het eerste gedeelte wordt het verloop van de kuur uitgelegd. In het tweede gedeelte staat informatie over mogelijke bijwerkingen en adviezen. Op de laatste pagina vindt u de telefoonnummers van het Antoni van Leeuwenhoek en waar u met uw vragen terecht kunt.

Werking en toediening van Enfortumab Vedotin

Werking

Enfortumab Vedotin is een medicijn met twee onderdelen: een antilichaam en een gerichte therapie.

  • Antilichamen zijn een onderdeel van uw immuunsysteem (afweersysteem). Ze helpen om u te beschermen tegen ziektes. Enfortumab Vedotin gebruikt een antilichaam dat speciaal is gemaakt. Dit antilichaam zoekt kankercellen in uw lichaam en plakt eraan vast.
  • Als het medicijn aan de kankercel vastzit, gaat het de cel in. Daarna maakt het de kankercel kapot. Het medicijn kan ook aan gezonde cellen plakken. Hierdoor kunt u bijwerkingen krijgen. Verderop in deze folder leest u meer over deze bijwerkingen.

Toediening

Enfortumab Vedotin krijgt u in een cyclus van 21 dagen. U krijgt dit medicijn op dag 1 en dag 8 via een infuus.

Werking en toediening van Pembrolizumab

Werking

Pembrolizumab is een antistof. Antistoffen zijn eiwitten. Uw lichaam maakt deze zelf. Ze helpen om bacteriën en virussen te vinden en kapot te maken. Antistoffen kunnen ook in het laboratorium worden gemaakt en gebruikt bij patiënten. Pembrolizumab is zo’n antistof die werkt tegen het eiwit PD-1. Dit PD-1 eiwit komt voor op cellen van uw afweersysteem. Het zorgt dat uw afweersysteem uw eigen cellen met rust laat. Het reageert wel op virussen en bacteriën.

Kankercellen ontstaan uit uw eigen cellen. Daarom herkent uw afweersysteem deze kwaadaardige cellen vaak niet goed. Dit komt onder andere door het PD-1 eiwit. Pembrolizumab stopt de werking van het PD-1 eiwit. Hierdoor kan uw afweersysteem de kwaadaardige cellen wel herkennen. Uw lichaam kan deze cellen dan beter aanvallen.

Voor de start van de behandeling

Als u een auto-immuunziekte heeft, moet u dit met uw arts bespreken. Voorbeelden van deze ziekten zijn: reuma, de ziekte van Crohn, colitis ulcerosa, een leverziekte, een nierziekte of een schildklierziekte. Behandeling met Pembrolizumab kan in deze situatie te risicovol zijn. U heeft dan meer kans op ernstige bijwerkingen.

Toediening

Pembrolizumab krijgt u één keer per 6 weken via een infuus.

Een behandelcyclus Enfortumab Vedotin + Pembrolizumab

Voor Enfortumab Vedotin werken we met een cyclus van 3 weken (21 dagen). U krijgt Enfortumab Vedotin op dag 1 en dag 8. In elke oneven cyclus krijgt u op dag 1 ook Pembrolizumab via het infuus.

Dag 1

Dag 8

Cyclus 1

Enfortumab Vedotin + Pembrolizumab

Enfortumab Vedotin

Cyclus 2

Enfortumab Vedotin

Enfortumab Vedotin

Cyclus 3

Enfortumab Vedotin + Pembrolizumab

Enfortumab Vedotin

Cyclus 4

Enfortumab Vedotin

Enfortumab Vedotin

Cyclus 5

Enfortumab Vedotin + Pembrolizumab

Enfortumab Vedotin

En zo verder

Op de dagen dat u Enfortumab Vedotin én Pembrolizumab krijgt, krijgt u de Pembrolizumab ongeveer 30 minuten na de Enfortumab Vedotin.

De eerste keren dat u Enfortumab Vedotin en/of Pembrolizumab krijgt, blijft u na het infuus nog wat langer in het ziekenhuis. Zo kunnen we controleren of u een infuusreactie krijgt.

Bij Enfortumab Vedotin:

  • Na de eerste twee toedieningen 30 minuten langer blijven.
  • Als er geen infuusreactie optreedt, mag u vanaf de derde behandeling na het naspoelen direct naar huis. Dit geldt niet op de dagen dat u ook Pembrolizumab krijgt.

Bij Pembrolizumab:

  • Na de eerste toediening 60 minuten langer blijven.
  • Na de tweede toediening 30 minuten langer blijven.
  • Als er geen infuusreactie optreedt, mag u vanaf de derde behandeling na het naspoelen direct naar huis.

Wanneer er een infuusreactie optreedt kan dit zich uiten in:

  • Koorts
  • Rillingen
  • Hoofdpijn
  • Jeuk
  • Huiduitslag
  • Gewrichtspijn of spierpijn of stijfheid
  • Een lage of juist een hoge bloeddruk
  • Benauwdheid

Afhankelijk van de ernst van de reactie kan het infuus tijdelijk stopgezet worden. U krijgt extra medicatie om de reactie te onderdrukken.

Als u een reactie krijgt, geven we u bij de volgende behandeling vooraf een middel via het infuus. Dit krijgt u 30 tot 60 minuten van tevoren. U krijgt 1 mg clemastine (een middel tegen allergie) en 1000 mg paracetamol. Dit helpt om een infuusreactie te voorkomen.

Overzicht van de behandeling

De medicamenten die toegediend worden, zijn:

Medicament

Kleur

Dag

Manier van toedienen

Tijdsduur

Enfortumab Vedotin

doorzichtig

1 en 8

infuus

30 minuten

Pembrolizumab

doorzichtig

1x per 6 weken

(bij iedere oneven cyclus: 1,3,5 en verder)

infuus

30 minuten

*Na de eerste twee toedieningen Enfortumab Vedotin 30 minuten langer blijven in verband met observatietijd.

*Na de eerste toediening Pembrolizumab 60 minuten langer blijven in verband met observatietijd. Na de tweede toediening Pembrolizumab 30 minuten langer blijven in verband met observatietijd.

  • Voor iedere toediening van Enfortumab Vedotin + Pembrolizumab krijgt u een infuus.
  • Voordat elke toediening Enfortumab Vedotin + Pembrolizumab start, wordt uw bloed gecontroleerd. Op basis van de uitslag bepaalt de arts of de behandeling door kan gaan. Soms wordt de behandeling uitgesteld of overgeslagen.
  • Voor elke nieuwe cyclus van 21 dagen gaat u voor een controle naar de arts of de verpleegkundig specialist.
  • De behandeling met Enfortumab Vedotin + Pembrolizumab kan maximaal 2 jaar worden voortgezet zolang u deze goed verdraagt en zolang de behandeling werkt tegen de kanker. Als één van de twee middelen bijwerkingen geeft waardoor u niet verder kunt met dat middel, kan het soms mogelijk zijn om door te gaan met alleen het andere middel. Uw arts of verpleegkundig specialist bespreekt dit met u.

Bijwerkingen en adviezen

De bijwerkingen die het meest voorkomen worden hieronder nader toegelicht en voorzien van adviezen. De bijwerkingen treden niet bij iedereen op en de meeste bijwerkingen zijn van tijdelijke aard. Sommige mensen hebben veel last van bijwerkingen, anderen vrijwel niet. De genoemde adviezen zijn slechts richtlijnen en geen pasklare oplossingen.

Enfortumab Vedotin

Bijwerkingen die zeer vaak (>10%) voorkomen bij Enfortumab Vedotin:

  • Huiduitslag, soms met blaarvorming of vervelling
  • Oogafwijkingen
  • Vermoeidheid
  • Misselijkheid
  • Braken
  • Verminderde eetlust
  • Haaruitval
  • Diarree
  • Verstopping (obstipatie)
  • Smaakverandering
  • Jeuk
  • Invloed op de werking van het beenmerg:
  • Bloedarmoede
  • Laag aantal witte bloedcellen
  • Buikpijn
  • Gewichtsverlies
  • Tintelingen of een doof gevoel in de vingers en/of tenen (polyneuropathie)
  • Een hoge spiegel van de bloedsuiker

Huiduitslag

- Kan variëren van roodheid van de huid tot blaasjesvorming

- Kan gepaard gaan met jeuk

Ernstige vormen van bijwerkingen waarbij direct contact opgenomen moet worden met het ziekenhuis

Soms kan huiduitslag gevaarlijk zijn. Dat gebeurt als een groot deel van uw lichaam bedekt is met uitslag. Het kan ook gevaarlijk zijn als u blaren heeft. Of als de huid geïnfecteerd raakt (er komen bacteriën in de huid). Soms kan ernstige huiduitslag levensbedreigend zijn. Soms krijgen patiënten een zeldzame en pijnlijke huiduitslag over het grootste deel van hun huid. Dat is ernstig. Het kan de onderstaande symptomen veroorzaken:

  • Uitslag of jeuk die erger wordt of terugkomt na behandeling
  • Blaren of een vervellende huid
  • Pijnlijke zweertjes in de mond, neus, keel of het gebied van het geslachtsorgaan
  • Koorts hoger dan 38,5 °C of griepachtige symptomen
  • Gezwollen lymfeklieren

Als dit gebeurt dan is dat meestal tijdens de eerste weken van de behandeling. Het kan nodig zijn dat u in het ziekenhuis wordt opgenomen voor een behandeling. Het kan ook overlijden tot gevolg hebben. Vertel het uw arts of de verpleegkundig specialist onmiddellijk (ook buiten kantoortijden) als u bovengenoemde symptomen van deze ernstige huidreactie hebt.

Ernstige bijwerkingen in de eerste weken van de behandeling

kunnen ook zonder huidafwijkingen optreden. Het is belangrijk

dat u direct contact opneemt met het ziekenhuis bij de volgende

symptomen:

  • Kortademigheid na start van de behandeling, of verergering van kortademigheid.
  • Hoge bloedsuikers. Dit kunt u bijvoorbeeld merken aan veel plassen en dorstgevoel.
  • Algeheel gevoel van ziek voelen, wat ontstaan is of verergert na start van de behandeling.

Oogafwijkingen

Vaak gaat het vooral om droge ogen. Lichte klachten kunt u bij het volgende bezoek aan de arts of verpleegkundig specialist noemen. Bij moeilijker zien of lichtschuwheid kunt u ook al eerder contact opnemen met de arts of verpleegkundig specialist. Zonodig verwijzen zij u naar een oogarts.

Vermoeidheid/verminderde energie

U kunt merken dat u tijdens deze behandeling minder energie heeft of sneller vermoeid raakt. Ook kunt u emotioneel zijn.

Advies:

  • Houd hier rekening mee in uw dagelijks leven. Neem voldoende tijd om te rusten.
  • Laat wel de normale dagelijkse inspanningen zoveel mogelijk doorgaan.
  • Als u gewend bent te sporten, kunt u hier mee doorgaan in aangepast tempo.
  • Probeer in ieder geval dagelijks te wandelen en naar buiten te gaan.

Misselijkheid en braken

Door irritatie van het maagslijmvlies kunt u misselijk worden en overgeven.

Advies:

  • Vraag uw arts om medicijnen tegen misselijkheid en braken.
  • Er bestaat een informatiefolder over medicatie tegen misselijkheid en braken. Vraag uw arts of verpleegkundig specialist hierom.
  • Probeer zelf uit waar u wel tegen kunt en waar niet. Dit kan voor iedereen anders zijn.
  • Eet regelmatig lichte, kleine maaltijden. Een lege maag kan namelijk ook een misselijk gevoel geven.
  • Eet op tijdstippen dat u minder misselijk bent. Zelfs ’s nachts als u wakker bent.
  • Dwing uzelf niet tot eten, maar haal de “schade” tussen de kuren door in.
  • Bepaalde geuren kunnen misselijkheid verergeren. Zorg voor een frisse kamer en frisse lucht.
  • Probeer in elk geval per dag 1,5 liter vocht te drinken.
  • Vraag zo nodig advies van een diëtist.

Voedingsadviezen op basis van ervaringen van patiënten:

  • Laat uw maag langzaam wennen aan vaster voedsel.
  • Niet met een lege maag opstaan of naar bed gaan.
  • Warme gerechten kunnen tegenstaan. Neem in plaats daarvan bijvoorbeeld een koude maaltijdsalade. Dat smaakt vaak beter en is net zo gezond.
  • Gebruik koude koolzuurhoudende dranken, vooral cola of gingerale.
  • Drink koffie en thee liever met melk.

Haaruitval

Haaruitval kan samengaan met een gevoelige hoofdhuid. Uw haar hoeft niet altijd helemaal uit te vallen. Ook haar op andere plekken dan uw hoofd kan uitvallen.

Advies:

  • U kunt een haarwerk (pruik) overwegen. De verpleegkundige kan u helpen met een machtiging (toestemming voor vergoeding). U kunt ook een lijst krijgen met adressen van kappers die haarwerken maken.
  • Het is verstandig om vóór de haaruitval begint naar de kapper te gaan. De kapper kan dan uw eigen kapsel goed bekijken.
  • Op de website www.LookGoodFeelBetter.nl staan adviezen over uiterlijke verzorging en tips over sjaals, haarwerken en make-up.

Diarree en verstopping

Door de behandeling kunt u last krijgen van uw darmen. Iedereen heeft een ander ontlastingspatroon. Het is belangrijk dat uw ontlasting regelmatig is. Uw ontlasting moet zoveel mogelijk hetzelfde blijven als vóór de behandeling.

Diarree is een dunne, waterige ontlasting. U moet dan meer dan 4 keer per dag naar de wc. Uw lichaam neemt dan minder vocht en voeding op uit de darmen.

Bij verstopping werken de darmen langzamer. Hierdoor komt de ontlasting moeilijk naar buiten.

Advies bij diarree:

  • Als u last heeft van diarree is het belangrijk dat u veel drinkt om het vochtverlies aan te vullen. Zo voorkomt u uitdroging. Drink ongeveer 2 liter per dag.
  • U kunt het beste water, thee en bouillon drinken. Vooral bouillon met zout helpt goed. Zo vult u het tekort aan vocht en zout door de diarree weer aan.
  • Probeer prikkelende of scherpe voeding te vermijden.
  • Eet geen grote maaltijden en geen vet. Eet ook geen grove vezels en gasvormende producten zoals ui, kool, knoflook, prei.
  • Drink geen koolzuurhoudende drank (prik), geen koffie en geen alcohol.
  • Een speciaal dieet om de diarree te stoppen helpt niet.

Advies bij verstopping:

  • Ook als u last heeft van verstopping is het belangrijk om veel te drinken. Dat houdt de ontlasting soepel. Drink bij verstopping 2 liter per dag.
  • Eet genoeg vezels. Vezels zorgen dat uw darmen actiever werken.
  • Beweeg voldoende. Beweging helpt de darmen met het verwerken van de ontlasting.

Neem bij de volgende klachten contact op met uw behandelend arts:

  • Als u diarree heeft die langer dan 24 uur duurt
  • Als er bloed bij uw ontlasting zit
  • Bij tekenen van uitdroging. Dit merkt u aan een droge mond, een droge huid, weinig of niet meer kunnen plassen en een donkere kleur urine.
  • Bij verstopping die langer dan drie dagen duurt.
  • Bij verstopping met een krampende buikpijn, een opgeblazen gevoel en overgeven.

Smaakverandering

Smaakverandering kan ervoor zorgen dat u minder eetlust heeft.

Advies:

  • Tegen smaakverandering is weinig te doen. Probeer veel verschillenden producten uit
  • Als u weinig proeft, is het extra belangrijk dat het eten er aantrekkelijk uitziet.
  • Via www.voedingenkankerinfo.nl kunt u meer informatie en tips vinden bij smaakverandering (bijvoorbeeld het smaakkompas)

Invloed op de werking van het beenmerg

  • U kunt een lager aantal witte bloedcellen (leukocyten) krijgen. Hierdoor heeft u meer kans op infecties.
  • U kunt een lager aantal bloedplaatjes (trombocyten) krijgen. Hierdoor heeft u meer kans op blauwe plekken, een bloedneus en bloedend tandvlees.
  • U kunt een lager aantal rode bloedcellen (erytrocyten) krijgen. Hierdoor kunt u bloedarmoede krijgen.
  • Deze tijdelijke remming van de aanmaak van bloedcellen in het beenmerg is meestal van korte duur.

Advies:

  • Als u zonder duidelijke reden blauwe plekken krijgt, of als u vaak een bloedneus heeft die moeilijk stopt, moet u uw arts of verpleegkundig specialist in het Antoni van Leeuwenhoek waarschuwen. Neem ook contact op bij koorts boven 38,5 °C of als u snel duizelig wordt (sterretjes ziet).
  • Over het algemeen heeft het gebruik van extra vitamines en/of ijzertabletten geen invloed op het herstel van het beenmerg.

Tintelingen of doof gevoel in de vingers en/of tenen

Als u last krijgt van tintelingen of een doof gevoel in uw vingers en/of tenen, vragen wij u dit te melden bij uw volgende ziekenhuisbezoek.

Dit doet u vóór de toediening van de behandeling.

Pembrolizumab

Risico’s en bijwerkingen

Tijdens de behandeling kunnen de hieronder beschreven bijwerkingen optreden.U moet deze meteen bespreken met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist van het Antoni van Leeuwenhoek.

Er kunnen ook andere bijwerkingen zijn die hier niet genoemd worden. Als u ongewone bijwerkingen merkt, is het belangrijk dat u dit direct meldt aan uw arts. Wacht hier niet mee.

Artsen doen hun best om klachten en risico’s te voorkomen of te verminderen. Toch is het niet mogelijk om alles van tevoren te voorspellen wat kan gebeuren. Als bijwerkingen optreden, verdwijnen ze meestal weer nadat de behandeling met Pembrolizumab is gestopt. Soms zijn bijwerkingen ernstig of blijven ze langer bestaan.

Het is mogelijk dat uw arts u andere behandelingen geeft om de ernst en het ongemak van bijwerkingen te verminderen.

Bijwerkingen van Pembrolizumab

De meest voorkomende bijwerkingen die optreden bij behandeling met Pembrolizumab zijn:

  • Vermoeidheid
  • Gewrichtsklachten
  • Spierpijn
  • Diarree
  • Misselijkheid
  • Huiduitslag
  • (Huid)jeuk
  • Hoofdpijn

De meeste van deze bijwerkingen zijn mild en kunnen zonodig worden behandeld met standaardmedicatie.

Immuunbijwerkingen van Pembrolizumab

Bijwerkingen van Pembrolizumab komen door de werking van het medicijn. Daarom noemen we deze bijwerkingen ‘door het immuunsysteem veroorzaakte reacties’. Deze reacties ontstaan doordat het immuunsysteem gezonde cellen kan aanvallen.

De meeste van deze bijwerkingen die patiënten hebben gehad, waren tot nu toe niet ernstig. Op enkele uitzonderingen na zijn de bijwerkingen van Pembrolizumab goed behandeld. Ze hebben meestal geen gevolgen op de lange termijn gehad.

Tot ongeveer 16% van alle behandelde patiënten kreeg een ernstig voorval dat door het immuunsysteem werd veroorzaakt. Ernstige voorvallen zijn situaties die kunnen leiden tot een ziekenhuisopname. Ze kunnen ook levensbedreigend zijn, of de behandelaar denkt dat dit kan gebeuren. Op enkele uitzonderingen na zijn ook deze ernstige voorvallen goed behandeld. Ze hebben meestal geen gevolgen op de lange termijn gehad. Deze bijwerkingen werden meestal onder controle gebracht door te stoppen met Pembrolizumab. Als het nodig is, kunt u medicijnen krijgen om de bijwerkingen te behandelen.

De meest voorkomende voorvallen die door het immuunsysteem zijn veroorzaakt, zijn huiduitslag en jeuk. Hieronder worden ook een aantal specifieke voorvallen besproken.

Huiduitslag

Huiduitslag is een veelvoorkomende bijwerking bij patiënten die worden behandeld met Pembrolizumab. Ongeveer 25% van de patiënten krijgt er last van. De meeste gevallen zijn mild. Soms zorgt de huiduitslag ook voor jeuk.

De huiduitslag verdwijnt meestal na het stoppen van Pembrolizumab. Soms is behandeling nodig met een corticosteroïdencrème en/of desloratadine.

Het oog

In zeldzame gevallen kan immuuntherapie een ontsteking in het oog geven. Dit heet uveïtis of episcleritis. Als dit niet wordt behandeld, kan het uw gezichtsvermogen aantasten. In ernstige gevallen kan dit zelfs leiden tot blindheid. Bij Pembrolizumab is dit tot nu toe nog niet gemeld. Als u deze klachten krijgt, kan behandeling nodig zijn met steroïde oogdruppels of met steroïden in tabletvorm.

Neem direct contact op met uw arts of verpleegkundig specialist als u merkt dat uw zicht verandert of als u pijn aan uw ogen krijgt tijdens de behandeling.

Hormoonklieren

Minder dan 10 tot 15% van de patiënten krijgt afwijkingen van bepaalde hormoonklieren. Het gaat om de schildklier, bijnieren of de hypofyse. Klachten die hierbij kunnen passen zijn onder andere vermoeidheid, verwardheid, impotentie, gewichtsverlies en hoofdpijn.

Deze bijwerkingen kunnen worden behandeld met hormonen. Ontstekingen van deze hormoonklieren zijn bijna altijd blijvend. U moet de medicijnen hiervoor daarom meestal levenslang blijven gebruiken. Het gaat vaak om medicijnen voor een te traag werkende schildklier. In sommige gevallen (minder dan 1%) gaat het om medicijnen voor de bijnieren of om medicijnen die de bloedsuiker regelen (bij diabetes).

U moet het aan uw arts of verpleegkundig specialist melden als u langer dan twee dagen hoofdpijn heeft die u zo niet kent.

Lever

Minder dan 2% van de patiënten krijgt een ernstige ontsteking van de lever. Dit kan komen door Pembrolizumab. Klachten die hierbij kunnen passen zijn onder andere vermoeidheid, zwakte, misselijkheid, braken en buikpijn. Als u ernstige leverproblemen krijgt, kan een leverbiopsie nodig zijn. Dit is een onderzoek waarbij een klein stukje van de lever wordt weggehaald. Ook kan het voorkomen dat bloedonderzoek laat zien dat de lever minder goed werkt. Dit kan ook door Pembrolizumab komen.

Maag-darmkanaal (slokdarm, dunne darm, dikke darm)

Minder dan 2% van de patiënten krijgt maag- en darmklachten. Meestal gaat het om diarree. De diarree kan licht zijn, maar soms ook ernstig. Dan is de ontlasting waterdun en moet u vaak per dag naar het toilet. Soms zit er ook bloed bij de ontlasting. In ernstige gevallen kan dit levensbedreigend zijn. Heeft u diarree met meer dan 4 keer per dag dunne ontlasting? Neem dan contact op met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist. Het is belangrijk om bijwerkingen snel te herkennen en te behandelen. Zo kunnen ernstige problemen door deze darmontsteking worden voorkomen.

Neem contact op met uw arts of verpleegkundig specialist als u bloed in uw ontlasting ziet of als u buikpijn heeft. Het kan zijn dat uw arts een colonoscopie (onderzoek van de dikke darm) of een flexibele sigmoïdoscopie (onderzoek van het laatste deel van de dikke darm) wil doen. Zo kunnen wij beter begrijpen waardoor uw klachten komen. Met deze onderzoeken kunnen wij uw darmen gerichter behandelen. Ook helpt dit bij het kiezen van de juiste behandeling. De behandeling kan bestaan uit corticosteroïden (ontstekingsremmende medicijnen). Soms is een ziekenhuisopname nodig om diarree of andere darmklachten te behandelen.

Overige bijwerkingen

Minder dan 5% van de patiënten die worden behandeld met Pembrolizumab, krijgt de volgende klachten:

  • Pneumonitis is een ontsteking van beide longen. U kunt hierdoor last krijgen van kortademigheid en een droge hoest.
  • Auto-immuun meningitis. Dit is een ontsteking van de hersenvliezen. Dit kan zorgen voor hoofdpijn, misselijkheid en braken, een stijve nek en gevoeligheid voor licht.
  • Auto-immuun nefritis (ontsteking van de nieren)
  • Vitiligo: een aandoening waarbij de huid pigment (kleur) verliest. De huid wordt dan wit. Deze aandoening is waarschijnlijk blijvend.
  • Ernstige neutropenie: een aandoening waarbij het aantal witte bloedcellen in uw bloed sterk daalt. Hierdoor heeft u een groter risico op infecties.
  • Sarcoïdosis of een granulomateuze ontsteking in de long: een aandoening waarbij kleine ontstekingen in de longen ontstaan. Dit kan leiden tot kortademigheid en andere longklachten.
  • Pancreatitis. Dit kan buikpijn, misselijkheid en braken veroorzaken.
  • Daarnaast kunnen er bijwerkingen ontstaan in andere organen, zoals de gewrichten.

Meld ongebruikelijke bijwerkingen onmiddellijk bij uw arts of uw verpleegkundig specialist. Ook als u denkt dat u een van de genoemde bijwerkingen of klachten heeft, moet u direct contact opnemen met uw arts of verpleegkundig specialist. Gebruik geen andere geneesmiddelen zonder de goedkeuring van uw arts of uw verpleegkundig specialist.

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload