Erdafitinib
Erdafitinib
Deze informatie is bedoeld als aanvulling op de informatie die uw arts of verpleegkundig specialist (VS) u al hebben gegeven.
Inhoudsopgave
1. Wat is Erdafitinib?
2. Hoe werkt Erdafitinib?
3. Hoe wordt Erdafitinib gebruikt en in welke dosering?
4. Controles tijdens de behandeling
5. Mogelijke bijwerkingen
6. Wanneer moet u contact opnemen?
7. Wat kunt u zelf doen?
8. Zwangerschap, vruchtbaarheid en borstvoeding
9. Bewaren van uw medicijnen
10. Vragen of hulp nodig?
1. Wat is Erdafitinib?
Erdafitinib (merknaam Balversa®) is een doelgerichte therapie voor bepaalde vormen van blaaskanker of urotheelcarcinoom die zijn uitgezaaid of teruggekeerd.
Het medicijn werkt alleen bij tumoren die een specifieke verandering hebben in het FGFR3-gen. Uw arts heeft laten testen of uw tumor zo’n verandering heeft.
2. Hoe werkt Erdafitinib?
Tumorcellen met een FGFR3-verandering gebruiken deze route om te groeien. Erdafitinib blokkeert deze route. Hierdoor kunnen kankercellen langzamer groeien of afsterven.
3. Hoe wordt Erdafitinib gebruikt en in welke dosering?
- Erdafitinib wordt in tabletvorm gegeven en wordt 1x per dag ingenomen
- Meestal start u met 8 mg per dag (eenmaal per dag 2 tabletten van 4 mg)
Medicament | Dag | Toediening |
Erdafitinib = Balversa® | Iedere dag innemen | Als tablet, 1 keer per dag |
- Slik de tabletten heel door met water, met of zonder voedsel.
- Neem de tabletten rond hetzelfde tijdstip van de dag.
- Neem een vergeten dosis niet meer in als dit langer dan 6 uur is na het vaste innametijdstip. Dan slaat u de inname van deze dag over en gaat u de volgende dag weer verder op het tijdstip dat u normaal gesproken gewend bent.
- Als u moet braken kort na de inname, dan neemt u de Erdafitinib niet opnieuw in. De volgende dosis moet u innemen op het tijdstip dat u normaal gesproken gewend bent. Vertel het aan uw behandelend arts als u vaker moet braken na inname van het geneesmiddel. Uw arts kan dan namelijk medicatie tegen de misselijkheid voorschrijven.
- Neem nooit meerdere doses (van 2 of meer dagen) tegelijk in.
Mag ik alcohol gebruiken bij deze tabletten?
Het nuttigen van kleine hoeveelheden alcohol heeft geen effect op de werking en veiligheid van het geneesmiddel. Wel kan alcohol uw maag en darmen irriteren en daardoor de bijwerkingen in het maagdarmkanaal versterken. Het wordt daarom afgeraden om alcohol te nuttigen tijdens de behandeling.
Mag ik autorijden en/of machines bedienen wanneer ik Erdafitinib (Balversa®) gebruik?
Tijdens de behandeling kunt u klachten ervaren van vermoeidheid of klachten die uw zicht aantasten. Er wordt aangeraden om bij dergelijke klachten geen voertuig te besturen of machines te bedienen, tot het effect afneemt.
Mag ik zelfzorg of kruidenmiddelen gebruiken?
Producten die grapefruit(sap), bittere sinaasappels (marmelade) of pommelo’s bevatten kunnen ervoor zorgen dat er meer Erdafitinib in het bloed aanwezig is. Dit verhoogt het risico op bijwerkingen. Neem daarom geen producten die deze ingrediënten bevatten gedurende 7 dagen voor het starten van de behandeling met Erdafitinib en gedurende de tijd dat u Erdafitinib inneemt. Het wordt afgeraden om Sint-Janskruid of rode gistrijst te gebruiken, hierdoor kan de werkzaamheid van Erdafitinib sterk afnemen. Overleg altijd met uw arts of apotheker voordat u een kruidenproduct gaat gebruiken.
4. Controles tijdens de behandeling
U krijgt regelmatig onderzoeken om de behandeling veilig voort te zetten. De eerste controle is twee weken na de start. Daarbij wordt bloed afgenomen en heeft u een gesprek met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist.
Afhankelijk van de bloeduitslagen en hoe u de behandeling verdraagt, kan de dosering aangepast worden. De dosering kan verhoogd worden naar maximaal 1x per dag 9 mg. Hij kan echter ook verlaagd worden.
Zodra de juiste dosering is vastgesteld komt u iedere 4 weken voor controle. Deze bezoeken bestaan weer uit een bloedafname, het verrichten van metingen en een gesprek met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist. Als de behandeling wordt voortgezet kunt u na dit bezoek weer nieuwe medicatie halen bij de oncotheek in het AVL in de dosering die is afgesproken.
Oogcontroles
Erdafitinib kan invloed hebben op uw ogen waardoor uw zicht afneemt.
- Voor de start krijgt u een oogonderzoek bij de oogarts in een ziekenhuis bij u in de buurt.
- Uw arts of verpleegkundig specialist controleert het zicht bij uw bezoek aan de polikliniek. Bij achteruitgang zult u doorverwezen worden naar de oogarts. Mogelijk moet u op dat moment (tijdelijk) stoppen met de Erdafitinib-medicatie.
- Bel meteen bij veranderingen in het zicht (zie ook hieronder).
5. Mogelijke bijwerkingen
Veelvoorkomende klachten
- Vermoeidheid
- Droge huid, huiduitslag
- Haarverlies
- Droge mond of mondzweren
- Veranderde smaak
- Diarree of verstopping
- Nagelveranderingen
- Pijn aan handen en/of voeten
- Oogklachten zoals droge of geïrriteerde ogen
- Verhoogd fosfaat in het bloed (meestal zonder klachten)
6. Wanneer moet u contact opnemen?
Bel uw arts, verpleegkundig specialist of het ziekenhuis bij:
- Nieuwe, plotselinge of veranderde oogklachten, zoals wazig zien, blinde vlekken of donkere plekken (kan wijzen op vocht achter het netvlies)
- Ernstige diarree of braken
- Onverklaarbare koorts
- Ernstige huid- of nagelafwijkingen
- Sterke pijn aan handen en/of voeten
- Ongewone zwelling, benauwdheid of pijn op de borst
- Als u twijfelt of u moet doorgaan met de tabletten
7. Wat kunt u zelf doen?
- Drink voldoende water, tenzij uw arts anders adviseert.
- Bescherm uw ogen tegen fel licht; draag eventueel een zonnebril.
- Bescherm uw huid tegen zonlicht (zonnebrandcrème met beschermingsfactor 30 of hoger).
- Meld nieuwe medicijnen, supplementen of kruidenmiddelen altijd aan uw arts of apotheker.
- Gebruik goede mondverzorging; bij een pijnlijke mond kan uw arts een mondspoeling voorschrijven.
Vermoeidheid
Tijdens de behandeling kunt u merken dat u minder energie heeft, sneller vermoeid raakt en emotioneel kunt zijn. Probeer hier rekening mee te houden in uw dagelijks leven door voldoende rust te nemen.
Huiduitslag
Tijdens de behandeling kunt u last krijgen van een droge huid of huiduitslag. U kunt de volgende klachten ervaren:
- Roodheid van de huid
- Puistjes op de huid
- Jeuk
- Pijn of gevoelige huid
- Sterke eeltvorming
- Schilfering
- Blaren
Hieronder staan adviezen beschreven die u kunnen helpen om de klachten te verlichten.
Advies
- Probeer felle zon te vermijden en ga niet onder de zonnebank. Zonlicht kan de klachten verergeren.
- Smeer uw huid en lippen altijd in met een zonnebrandcrème of lippenbalsem met een beschermingsfactor van 30 of hoger.
- Probeer uw huid te beschermen met behulp van kleding.
- Gebruik mentholgel ter verkoeling van uw huid.
- Gebruik beschermende en verzachtende crèmes/zalven. Verzachtende en beschermende crèmes en zalven bevatten geen werkzame bestanddelen, houden de huid wel soepel en voorkomen verdere uitdroging van de huid. Klachten als jeuk, schilfering, kloven en branderige plekken verminderen door deze middelen. Voorbeelden van deze crèmes die zonder recept verkrijgbaar zijn:
- Normale tot droge huid: lanettecrème en cetomacrogolcrème.
- Zeer droge huid: vaseline lanettecrème en vaseline cetomacrogolcrème.
Droge huid
Door de behandeling kan de huid droog en/of schilferig worden. U kunt de volgende klachten krijgen:
- Overgevoeligheid voor zonlicht
- Roodheid
- Jeuk
Hieronder staan adviezen beschreven die u kunnen helpen om de klachten te verlichten.
Advies
- Gebruik bij voorkeur geen zeep tijdens het douchen of baden en gebruik bij voorkeur lauwwarm water. Een beetje amandelolie in het badwater kan al genoeg zijn om uw huid soepel te houden.
- Vermijd producten op alcoholbasis.
- Gebruik ongeparfumeerde bodylotion of crèmes op waterbasis (hydraterend).
- Probeer felle zon te vermijden; gebruik altijd een zonnebrandcrème met een hoge beschermingsfactor.
- Gebruik tegen de jeuk een koelzalf of mentholpoeder.
Haarverlies
Tijdens de behandeling kan haaruitval optreden. Bij de meeste mensen treedt er geen of milde haaruitval op. Het haar kan wel dunner en slapper worden. Hierbij adviseren we de volgende acties:
- Verzorg het haar voorzichtig.
- Was het haar met water dat niet te heet is.
- Gebruik een milde shampoo en crèmespoeling.
- Droog het haar voorzichtig.
- Laat het haar liever niet permanenten of verven.
Droge mond of mondzweren
Tijdens de behandeling kunt u last krijgen van een droge mond, mogelijk leidend tot wondjes. Hierdoor kunt u een pijnlijke mond ervaren. Hierbij is het volgende belangrijk:
- Goede mondhygiëne.
- Poets regelmatig uw gebit met een zachte tandenborstel.
- Spoel uw mond vier 6x per dag met zout water (één theelepel zout per glas water).
- Vet regelmatig uw lippen in, dan ontstaan er minder snel kloofjes.
- Gebruik bij een droge mond een zuurtje of kauwgom.
- Een waterijsje kan prettig zijn bij een droge of pijnlijke mond.
- Meld bij een bezoek aan uw tandarts dat u met cytostatica behandeld wordt.
Neem direct contact op met uw behandelend arts als u een van de onderstaande bijwerkingen ervaart:
- Koortsuitslag op de lip
- Pijnlijke mond (met wit beslag)
Veranderde smaak
Door de behandeling kunt u last krijgen van een veranderde smaak. Voedsel en dranken kunnen anders smaken dan u gewend bent. Ze kunnen minder smaak hebben of juist een onaangename smaak krijgen, zoals een bittere of metaalachtige smaak. De mate waarin dit voorkomt verschilt per persoon en kan in de loop van de behandeling veranderen.
U kunt de volgende klachten ervaren:
- Eten en drinken smaakt anders dan normaal.
- Minder smaak of juist een sterke, bittere of metaalachtige smaak.
- Minder eetlust doordat eten minder lekker smaakt.
- Bepaalde voedingsstoffen niet meer kunnen verdragen.
Probeer verschillende soorten voeding om te ontdekken wat voor u het prettigst is. Frisse smaken, zoals fruit of producten met een lichte zure smaak, kunnen soms beter worden verdragen.
Diarree of verstopping
Door de behandeling kunt u veranderingen krijgen in uw stoelgang. Iedereen heeft een eigen ontlastingspatroon. Het is belangrijk dat uw stoelgang zo regelmatig mogelijk blijft en niet te veel afwijkt van wat voor u normaal is. Tijdens de behandeling kunt u last krijgen van diarree of verstopping.
Diarree is waterige, dunne ontlasting die meer dan 4 keer per dag voorkomt. De opname van vocht en voedingsstoffen in de darmen is verstoord.
Verstopping betekent dat de ontlasting minder vaak komt dan normaal, hard en droog is en moeilijk of pijnlijk kan zijn om kwijt te raken.
Bij diarree kunt u de volgende klachten ervaren:
- Buikpijn of buikkrampen
- Vaker aandrang om naar het toilet te gaan
- Dunne of waterige ontlasting
Bij verstopping kunt u de volgende klachten ervaren:
- Een opgeblazen of vol gevoel in de buik
- Harde, droge ontlasting
- Persen bij de ontlasting of het gevoel dat de darm niet leeg is
- Minder vaak ontlasting dan u gewend bent
- Buikpijn/darmkrampen
- Verminderde eetlust door een opgeblazen/vol gevoel
Advies
Bij diarree is het belangrijk dat u voldoende drinkt om het vochtverlies aan te vullen. Drink minimaal 2 liter per dag (ongeveer 16 kopjes of 14 bekers). Water, thee en bouillon (bij voorkeur zout) zijn geschikt om tekorten aan te vullen. Vermijd prikkelende of scherpe voeding. Eet geen grote maaltijden en vermijd vet, grove vezels en gasvormende producten zoals ui, knoflook, kool en prei. Drink geen koolzuurhoudende dranken, koffie of alcohol. Een stoppend dieet heeft geen effect. Vraag zo nodig advies aan een diëtist.
Bij verstopping is het belangrijk om voldoende te drinken en regelmatig te bewegen, voor zover dat mogelijk is. Probeer vezelrijke voeding, zoals volkorenproducten, groente en fruit, geleidelijk te gebruiken, tenzij uw arts of diëtist iets anders adviseert. Ga bij aandrang naar het toilet en stel ontlasting niet uit. Gebruik laxeermiddelen alleen in overleg met uw arts of verpleegkundig specialist.
Neem bij de volgende klachten contact op met uw behandelend arts:
- Als u last krijgt van diarree, die langer dan 48 uur aanhoudt of waterdun is, met een frequentie van meer dan 6 maal per dag.
- Als er bloed bij de ontlasting zit.
- Als u diarree heeft in combinatie met braken.
- Als u niet of nauwelijks kunt drinken of uw medicijnen niet kunt innemen.
- Als u langer dan 3 dagen geen ontlasting heeft of ernstige klachten ervaart door obstipatie, zoals hevige buikpijn, buikkrampen of misselijkheid.
Nagelveranderingen
Tijdens de behandeling kunt u last krijgen van broze nagels en ontstoken nagelriemen. U kunt de volgende klachten ervaren:
- Uw nagels groeien minder hard.
- Uw nagels laten los, breken af of splijten.
- Uw nagels worden zachter, droger of brozer.
- Uw nagels krijgen witte lijnen.
Hieronder staan adviezen beschreven die u kunnen helpen om de klachten te verlichten.
Advies
- Knip of vijl gescheurde of gebroken nagels, scheur ze er niet af.
- Vijl alles in één richting en niet door heen en weer te vijlen, hierdoor wordt de kans op scheurtjes in uw nagels kleiner.
- Probeer uw nagels recht af te knippen.
- Probeer uw teennagels niet te kort te knippen.
- Vervang uw nagelschaar door een nageltang.
- U mag kunstnagels latten zetten, alleen is het beter voor uw nagels om dat niet regelmatig te laten doen. Het gebruik van kunstnagels, nagellijm en remover kan uw eigen nagels beschadigen.
- Maak gebruik van beschermende nagellak, nagelverharder of pleisters.
Neem contact op met uw behandelend arts als de bovenstaande bijwerkingen erger worden.
Pijn aan handen en/of voeten
Tijdens de behandeling kunnen de handpalmen en voetzolen pijnlijk en rood worden. Hierbij is belangrijk:
- Vermijd het dragen van knellende schoenen, strakke kleding, strakke verbanden of knellende sieraden.
- Vermijd langdurige druk op handpalmen of voetzolen (bijvoorbeeld langer dan een uur zware tassen dragen, langer dan twee uur lopen zonder pauze, langdurig staan).
- Vermijd UV-straling, extreme warmte en kou.
- Smeer u meerdere malen per dag in met een vette hydraterende crème.
- Tip: smeer u handen/voeten in voor het slapengaan en trek vervolgens losse katoenen handschoenen en sokken aan.
Neem direct contact op met uw behandelend arts als u bovenstaande bijwerkingen ervaart.
Oogklachten
Door de behandeling kunt u last krijgen van oogklachten. Deze bijwerking komt regelmatig voor en kan variëren van milde klachten, zoals droge ogen, tot veranderingen in het zicht. Sommige oogklachten kunnen ernstig zijn. Daarom is het belangrijk om veranderingen aan uw ogen of zicht altijd serieus te nemen. De volgende klachten kunt u ervaren:
- Droge, geïrriteerde of branderige ogen
- Wazig zien of verminderd zicht
- Veranderingen in het gezichtsveld (bijvoorbeeld een vlek of schaduw)
- Moeite met lezen of scherpstellen
- Pijn, roodheid of overmatige traanvorming van de ogen
Advies
Tijdens de behandeling is regelmatige controle van uw ogen belangrijk. Uw arts zal hiervoor oogheelkundig onderzoek laten uitvoeren. U kunt bevochtigende oogmiddelen gebruiken, zoals kunsttranen of ooggel, om droge ogen te verminderen. Probeer uw ogen niet te overbelasten. Neem rust bij visuele inspanning, zoals lezen of werken achter een scherm. Draag zo nodig een zonnebril bij fel licht. Meld nieuwe of verergerende oogklachten altijd direct aan uw behandelend arts of verpleegkundige; wacht hier niet mee tot een volgende controle.
Neem direct contact op met uw behandelend arts als:
- U plotseling slechter gaat zien of wazig ziet.
- U veranderingen in uw gezichtsveld merkt, zoals vlekken of schaduwen.
- U pijn aan de ogen krijgt.
- Oogklachten snel toenemen of niet verbeteren.
- U ernstige droge ogen heeft en dit niet vermindert met oogdruppels.
Verhoogd fosfaat in het bloed
Door de behandeling kunt u een verhoogd fosfaatgehalte in het bloed krijgen. Dit wordt ook wel hyperfosfatemie genoemd. Deze bijwerking komt vaak voor, vooral in de eerste maanden van de behandeling. Meestal geeft een verhoogd fosfaatgehalte in het begin weinig klachten, maar bij langdurig of sterk verhoogde waarden kunnen er wel klachten ontstaan. Daarom wordt uw bloed tijdens de behandeling regelmatig gecontroleerd.
8. Zwangerschap, vruchtbaarheid en borstvoeding
- Erdafitinib kan schadelijk zijn voor een ongeboren kind.
- Gebruik betrouwbare anticonceptie tijdens de behandeling en tot 1 maand na afloop.
- Borstvoeding wordt afgeraden tijdens gebruik en gedurende 1 maand na afloop.
- Bespreek een kinderwens of vragen over vruchtbaarheid met uw arts.
9. Bewaren van uw medicijnen
- Bewaar de tabletten in de originele verpakking.
- Bewaar de tabletten op kamertemperatuur, droog en buiten bereik van kinderen.
- Gebruik het medicijn niet meer na de vervaldatum.
10. Vragen of hulp nodig?
Neem altijd contact op met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist. Zij kennen uw persoonlijke situatie en kunnen u het beste adviseren.
Praktische informatie
Contact
Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.
Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.
Centrum Patiënteninformatie
Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.
Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie
Centrum voor Kwaliteit van Leven
Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.
Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven
Route & adres
U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.