Etoposide Ifosfamide als mobilisatiekuur
Deze informatie is bedoeld als aanvulling op de informatie die uw arts en verpleegkundige u gegeven heeft. In het eerste gedeelte wordt u het verloop van de kuur uitgelegd. In het tweede gedeelte vindt u informatie over mogelijke bijwerkingen en adviezen en in het derde gedeelte instanties/personen waar u met uw vragen terecht kunt.
Het verloop van de kuur
De medicamenten die toegediend worden, zijn:
Medicamenten | Kleur | Dag | Toedieningswijze | Tijdsduur |
I= Ifosfamide * | wit | 1,2 | infuus | 12 uur |
E= etoposide=VP-16 | wit | 1,2,3 | infuus | 2 uur |
G-CSF 2 x per dag een injectie onderhuids Start dag 4 t/m laatste dag van de leukaferese.
Het mobiliseren van de stamcellen (leukaferese) start 10 dagen na dag 1, de G-CSF stopt als de leukaferese procedure klaar is.
Toediening:
- Voor deze kuur wordt u 3 nachten opgenomen in het ziekenhuis.
- Voor start van de kuur wordt uw bloed en urine gecontroleerd. Afhankelijk van deze uitslag wordt bepaald of de kuur gegeven kan worden.
- Voor de toediening van de medicijnen wordt een infuus ingebracht, en spoelt u voor.
- Afhankelijk van de dosis wordt de Ifosfamide op een of op twee dagen toegediend.
- Na de Ifosfamide toediening wordt er nagespoeld.
- Indien u na het beëindigen van de kuur niet of nauwelijks misselijk bent, wordt het infuus verwijderd, In principe kunt u dan met ontslag.
Specifieke maatregelen:
- Voor- en naspoelen is noodzakelijk om de nadelige invloed van Ifosfamide op de blaas te voorkomen. Bovendien wordt Mesna toegevoegd aan Ifosfamide en de naspoelvloeistof ter bescherming van de blaas.
- Om de vochttoediening en uitscheiding goed te monitoren op de dagen van de Ifosfamide toediening wordt u drie maal per dag gewogen.
- Afhankelijk van de hoeveelheid dat u bent aangekomen t.o.v. het start gewicht( dat voor de kuur gemeten is) krijgt u plasmedicatie toegediend.
Bijwerkingen
De bijwerkingen die het meest bij deze kuur voorkomen zullen nader worden toegelicht en voorzien van adviezen.
Allereerst moet worden benadrukt dat de genoemde bijwerkingen kunnen maar niet hoeven voorkomen. De meeste bijwerkingen zijn tijdelijk van aard. De mate waarin bijwerkingen optreden heeft niets te maken met het resultaat van de behandeling. De genoemde adviezen zijn slechts richtlijnen en geen pasklare oplossingen.
1. misselijkheid en braken;
2. Smaakverandering;
3. invloed op de werking van het beenmerg;
4. irritatie en / of ontsteking van het mondslijmvlies;
5. Haaruitval;
6. vermoeidheid / verminderde energie;
7. invloed op blaas en nieren;
8. invloed op de seksualiteit;
9. verminderde spermaproductie;
10. Menstruatiestoornissen;
11. irritatie van de ogen;
12. allergische reactie op Etoposide*;
13. bot- en spierpijnen tengevolge van G-CSF;
Bijwerkingen vermeld met een * komen zelden voor.
- Geven de bijwerkingen aan
• Geven de adviezen aan
1. Misselijkheid en braken
- Door o.a irritatie van het maagslijmvlies ontstaat misselijkheid en braken.
- U kunt ook last hebben van ‘late misselijkheid’(optredend vanaf drie dagen na de kuur).
- Medicijnen tegen misselijkheid en braken, vraag uw arts hierom.
- Probeer zelf uit waar u wel tegen kunt en waar niet. Dit kan voor iedereen anders zijn.
- Gebruik regelmatig lichte kleine maaltijden. Een lege maag kan namelijk ook een misselijk gevoel geven.
- Eet op tijdstippen dat u minder misselijk bent, zelfs 's nachts als u wakker bent.
- Forceer uzelf niet tot eten, maar haal de "schade" tussen de kuren in.
- Bepaalde geuren kunnen misselijkheid verergeren.
- Zorg voor een frisse kamer en frisse lucht.
- Probeer in elk geval per dag 1,5 liter vocht te drinken.
- Vraag zonodig advies van een diëtist.
- Er bestaat een folder over medicijnen tegen misselijkheid en braken, vraag uw arts of verpleegkundige hierom.
Voedingsadviezen
- Laat de maag langzaam wennen aan vaster voedsel.
- Niet met een lege maag opstaan of naar bed gaan.
- Warme gerechten kunnen tegenstaan. Een alternatief is bijv. een koude maaltijdsalade. Deze smaakt vaak beter en is even "gezond".
- Gebruik koude koolzuurhoudende dranken, met name Cola of Ginger-ale.
- Drink koffie en thee liever met melk.
2. Smaakverandering
- Smaakverandering kan leiden tot verminderde eetlust.
- Hier is weinig tegen te doen. Probeer veel verschillende producten uit.
- Als u weinig proeft, is het extra belangrijk dat het eten er aantrekkelijk uitziet.
3. Invloed op de werking van het beenmerg
- Verminderd aantal witte bloedlichaampjes (leucocyten) geeft verhoogde kans op infecties.
- Verminderd aantal bloedplaatjes (trombocyten) geeft verhoogde kans op blauwe plekken, een bloedneus en bloedend tandvlees.
- Verminderd aantal rode bloedlichaampjes(erytrocyten) geeft kans op bloedarmoede.
- Deze remming van aanmaak van bloedlichaampjes door het beenmerg is tijdelijk van aard.
- Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken of het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus, bij koorts > 38,5 oC of snel duizelig worden (sterretjes zien) waarschuwt u uw arts of dienstdoende arts in het Antoni van Leeuwenhoek.
- In het algemeen heeft het gebruik van extra vitaminen en/of ijzertabletten geen invloed op het herstel van het beenmerg.
4. Irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies
- U kunt hierdoor een erge droge mond hebben of juist een overmatige speekselproductie.
- U kunt hierdoor last hebben van taai slijm in uw mond.
- U kunt hierdoor last krijgen van wondjes in uw mond.
- Goede mondhygiëne is belangrijk bij het voorkomen en behandelen van irritatie en/of ontsteking van het mondslijmvlies.
- Poets regelmatig uw gebit met een zachte tandenborstel.
- Spoel uw mond 4 tot 6 maal per dag met zout water ( 1 theelepel op 250 cc water).
- Vet regelmatig uw lippen in, dan ontstaan er minder snel kloofjes.
- Gebruik bij een droge mond een zuurtje of kauwgom.
- Meld bij een bezoek aan de tandarts dat u met cytostatica wordt behandeld.
- Overleg bij koortsuitslag op uw lip met uw huisarts. Voorkom uitbreiding.
- Bij een pijnlijke mond met wit beslag waarschuwt u uw huisarts.
- Een waterijsje is prettig bij een droge of pijnlijke mond.
- Er bestaat een informatiefolder over mondverzorging, vraag uw arts of verpleegkundige hierom.
5. Haaruitval
- Haaruitval begint na ± 3 - 6 weken. Dit kan gepaard gaan met een gevoelige hoofdhuid.
- Behalve het hoofdhaar kan overige lichaamsbeharing ook uitvallen.
- U kunt overwegen een haarwerk aan te schaffen. Bij de verpleegkundige kunt u dan een machtiging voor vergoeding krijgen en een adressenlijst van kappers die haarwerken verzorgen.
- Het is aan te raden voordat de haaruitval begint naar desbetreffende kapper te gaan zodat hij/zij uw eigen model ziet.
- In het boek ‘Look Good…Feel Better’ staan adviezen over uiterlijke verzorging m.b.t. bijvoorbeeld sjaals, haarwerken en make-up.
6. Vermoeidheid/verminderde energie
- U kunt merken dat u tijdens deze behandeling minder energie heeft, sneller vermoeid raakt en emotioneel kunt zijn.
- Houd hier rekening mee in uw dagelijks leven; probeer een regelmaat in uw dag te brengen, wissel activiteiten af met het nemen van rust, en praat over uw veranderende emoties.
- Blijf met regelmaat bewegen, het liefst buiten, eventueel onder begeleiding van een fysiotherapeut, om uw conditie op peil te houden en afbraak van spieren te beperken. Uit onderzoek is gebleken dat dit u helpt om beter door de kuren te komen.
7. Invloed op blaas en nieren, o.a. door de Ifosfamide
- Door irritatie van het blaasslijmvlies kan het urineren pijnlijk zijn of in frequentie toenemen.
- Zie ook specifieke maatregelen.
- Het is belangrijk thuis voldoende te drinken.
- Drink daarom 1,5 tot 2 liter per dag. Hieronder wordt ook verstaan yoghurt, vla, ijs, soep, etc.
- Eén of twee glazen bier of wijn kan geen kwaad.
- Neem contact op met de arts als u niet voldoende kan drinken.
- Wanneer het urineren pijnlijk is kan het soms helpen om tijdens en na het urineren te spoelen met lauw water.
- Meldt de blaasklachten bij een volgend ziekenhuisbezoek, of als deze aanhouden eerder bij uw arts.
8. Invloed op de seksualiteit
- Ook tijdens een cytostaticakuur blijft geslachtsgemeenschap mogelijk. Als gevolg van de bijwerkingen kunt u echter minder of geen zin hebben in vrijen of geslachtsgemeenschap.
- Het gebruik van een glijmiddel kan een oplossing zijn.
- Tijdens een behandeling met chemotherapie is een goede vorm van anticonceptie noodzakelijk.
9. Menstruatiestoornissen
- Dit wisselt van “een keer overslaan” tot wegblijven.
- Kan gepaard gaan met overgangsklachten.
- Na het einde van de behandeling kan de menstruatie terugkomen.
10. Verminderde spermaproductie
- Er bestaat de mogelijkheid tot invriezen van sperma.
- Dit moet gedaan worden voordat de eerste kuur gegeven wordt.
- Na beëindiging van de kuren kan de spermaproductie weer herstellen.
11. Irritatie van de ogen
- De ogen kunnen tranen of juist heel droog en branderig zijn.
- Oogdruppels, vraag uw arts hiernaar.
- Lensdragers kunnen beter een bril dragen om de kans op irritatie te verminderen.
12. Allergische reactie op Etoposide*
- Als u klachten krijgt tijdens de toediening zal hierop direct geanticipeerd worden door de verpleegkundige.
- Klachten kunnen zijn: jeuk, huiduitslag, kortademigheid, lage bloeddruk, warmtegevoel, koorts.
- Geef dit altijd aan bij een volgend bezoek aan de arts.
13. Bot- en spierpijnen ten gevolge van de G-CSF
- Dit is te verhelpen met paracetamol.
- Indien de pijn te hevig is neem dan contact op met uw arts of dienstdoende arts voor sterkere pijnstilling.
- Voor meer informatie zie de informatiefolder over G-CSF.
Wanneer waarschuwen
In principe neemt u contact op met uw specialist of dienstdoende arts:
- Bij aanhoudende misselijkheid en/of braken ondanks het gebruik van medicijnen hiertegen.
- Bij het spontaan ontstaan van blauwe plekken.
- Bij het regelmatig voorkomen van een moeilijk te stelpen bloedneus.
- Bij koorts > 38,5 C, direct bellen.
3. Waar kunt u met uw vragen terecht
Hebt u naar aanleiding van deze informatie nog vragen, blijf daar dan niet mee lopen.
U kunt hiermee terecht bij:
- uw behandelend arts;
- de verpleegkundige op de afdeling;
- de verpleegkundige op de dagverpleging;
- het Centrum Patiënteninformatie.
Meer informatie
Voor aanvullende vragen kunt u ook terecht op het telefonisch verpleegkundig spreekuur van de Dagbehandeling. U vindt informatie over de bereikbaarheid van de verschillende spreekuren op: www.avl.nl/spreekuren
In geval van spoed kunt u ook buiten het spreekuur tussen 8:00 -17:00 uur terecht.
Praktische informatie
Contact
Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.
Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.
Centrum Patiënteninformatie
Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.
Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie
Centrum voor Kwaliteit van Leven
Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.
Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven
Route & adres
U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.