Gastroscopie met inbrengen voedingssonde

In verband met een gastroscopie (kijkonderzoek van de slokdarm, maag en twaalfvingerige darm) met inbrengen van een voedingssonde, wordt u binnenkort verwacht in het Onderzoek en Behandelcentrum (OBC). In dit document vindt u informatie over:

  • Het onderzoek
  • De periode voor het onderzoek
  • De periode na het onderzoek
  • Wanneer een arts waarschuwen

Het doel van dit document is om u en uw naasten te informeren over het te verwachten verloop van het onderzoek en de periode na het ontslag. Wij moedigen u en uw naasten aan om deze informatie goed door te lezen, zodat uw herstel zo min mogelijk belemmerd wordt door onzekerheid en zorgen.

Het is goed u te realiseren dat uw persoonlijke situatie anders kan zijn dan beschreven. Het team van artsen, verpleegkundigen en andere disciplines dat u begeleidt, geeft u specifieke informatie over uw situatie Deze schriftelijke informatie dient als aanvulling op de mondelinge informatie en als naslagwerk. Wij raden u aan om altijd iemand mee te nemen naar de gesprekken met een zorgverlener.

1. Het onderzoek

Een voedingssonde wordt geplaatst bij patiënten die tijdelijk geen of weinig voeding kunnen innemen. Dit kan meerdere oorzaken hebben. U krijgt hiervoor binnenkort een kijkonderzoek van de slokdarm, de maag en de twaalfvingerige darm. Een voedingssonde is een katheter, een dun slangetje, dat door de neus of door de mond in de maag of in de twaalfvingerige darm (duodenum) wordt geplaatst. Voor dit onderzoek dient u nuchter te zijn!

Bij het onderzoek ligt u op uw linkerzij. U krijgt een bijtring tussen de kaken om uw tanden en de gastroscoop te beschermen. De arts verzoekt u om de flexibele slang (gastroscoop) in te slikken. Dit slikken kan achter in de keel een vervelend gevoel geven. Vervolgens wordt de gastroscoop door de slokdarm opgeschoven naar de maag en twaalfvingerige darm. Hierbij wordt via de gastroscoop lucht ingeblazen zodat het slijmvlies beter bekeken kan worden. Dit kan een opgeblazen gevoel geven. Daarbij kan het gebeuren dat u de lucht ‘opboert’. Via de gastroscoop wordt een voerdraad ingebracht. Dan wordt de gastroscoop verwijderd. De voerdraad blijft zitten en hierover heen wordt een sonde geschoven. Als de sonde op zijn plaats is gebracht, wordt de voerdraad verwijderd. De sonde wordt dan op de neus vast geplakt met een speciale pleister. Op het uiteinde van de sonde wordt een dopje geplaatst.

Het weefselonderzoek

Soms neemt de arts met een speciaal tangetje stukjes weefsel (biopten) weg en laat deze door de patholoog onderzoeken onder de microscoop. Het nemen van een biopt is niet pijnlijk. De gemaakte wondjes genezen snel. Wel kan er na afloop van het onderzoek wat bloed meekomen met de ontlasting. De arts of de verpleegkundige op de afdeling vertelt u wat de voorlopige bevindingen zijn. De uitslag van het weefselonderzoek duurt vijf tot tien werkdagen. U krijgt de uitslag van het onderzoek op de polikliniek. Na afloop van het onderzoek krijgt u hiervoor een afspraak mee.

Nuchter zijn

Voor dit onderzoek moet u nuchter zijn. Dat betekent dat u 6 uur voor uw onderzoek niet meer mag eten, beperkt mag drinken en niet mag roken. Als u medicijnen gebruikt in verband met suikerziekte (insuline of tabletten), overlegt u met uw arts over welke medicijnen u moet gebruiken en in welke hoeveelheid.

Vast voedsel:

  • U dient 6 uur nuchter te zijn voor vast voedsel.
  • Onder vast voedsel verstaan we ook melk, yoghurt, chocolademelk, koffie/thee met melk, jus d’orange met vruchtvlees, troebele appelsap, smoothies etc.

Drank:

  • Voor de operatie dient u 2 uur nuchter te zijn voor heldere dranken, dus tot 2 uur voor de ingreep mag u nog heldere dranken blijven drinken.
  • Heldere dranken zijn bijvoorbeeld water, thee, appelsap (helder), koffie zonder melk of melkpoeder.

Keelverdoving

Als u keelverdoving wilt, dan verdooft de verpleegkundige of arts uw keel enkele malen met verdovingsspray. Dit is nodig om de kokhalsreflex te onderdrukken. De verdovingsspray heeft een bittere smaak en maakt het slijmvlies in de keel gevoelloos. Een half uur na het onderzoek kunt u proberen een slokje water te drinken. Indien u zich niet verslikt, is de keelverdoving uitgewerkt. U hebt geen beperkingen meer wat betreft eten en drinken.

Verdoving (roesje)

Het kan voorkomen dat u voor het onderzoek een verdoving of een slaapmiddel (roesje) krijgt. Het slaapmiddel wordt via een slangetje (infuus) in een bloedvat in uw hand of arm gespoten. Dit is geen narcose. Tijdens het onderzoek worden uw hartslag en de hoeveelheid zuurstof in uw bloed doorlopend bewaakt. Zo nodig krijgt u extra zuurstof toegediend via een neusslangetje. Als u een roesje krijgt moet u na het onderzoek nog even ‘uitslapen’.

Wetenschappelijk onderzoek

Het kan zijn dat uw arts u vooraf vraagt of hij het weefsel dat bij u wordt afgenomen tevens mag gebruiken voor een wetenschappelijke studie. U kunt hieraan deelnemen uitsluitend na ‘informed consent’: nadat u volledig bent geïnformeerd over het onderzoek en de gevolgen die het voor u heeft. Als u akkoord bent ondertekent u een toestemmingsformulier. Weigeren om aan medisch wetenschappelijk onderzoek mee te doen heeft nooit gevolgen voor uw behandeling. Meer informatie over deelname aan wetenschappelijk onderzoek vindt u in het Centrum Patiënteninformatie in de centrale hal.

2. De periode voor het onderzoek

Informatie die de arts moet weten

Voor sommige onderzoeken of behandelingen is het noodzakelijk dat uw arts bepaalde bijzonderheden over u weet. Meld het uw arts daarom van tevoren als u:

  • Allergisch bent voor geneesmiddelen of verdoving en zo ja, voor welke;
  • Pijnstillers gebruikt zoals Aspirine, Brufen (ibuprofen) of Voltaren (diclofenac);
  • Een antistollingsmiddel gebruikt, bijvoorbeeld Sintromitis (acenocoumarol), Marcoumar (fenprocoumon), Plavix (clopidogrel), Persantin (dipyridamol), Dabigatran, Rivaroxaban, Apixaban of Ascal (acetylsalicylzuur);
  • Medicijnen gebruikt wegens suikerziekte;
  • Hartritmestoornissen heeft;
  • Hartklachten heeft of medicijnen voor uw hart gebruikt;
  • Een hartklepafwijking of een hartklepprothese heeft en wat het advies is van uw cardioloog ten aanzien van gebruik van antibiotica bij een ingreep;
  • Een verminderde nierfunctie heeft;
  • Wordt behandeld met chemotherapie.

De dag van het onderzoek

Op de dag van het onderzoek of de behandeling meldt u zich een half uur voor de afspraaktijd aan via de digitale aanmeldzuil op de tweede etage in de wachtruimte van het Onderzoek en Behandel Centrum en neemt u daar plaats. U heeft ter voorbereiding op de behandeling een pré-assessmentformulier ontvangen. Indien u het pré-assessmentformulier nog niet heeft ingeleverd, kunt u deze afgeven aan de verpleegkundige die u komt halen voor het onderzoek.

Nuchter zijn

Voor dit onderzoek moet u nuchter zijn. Dat betekent dat u 6 uur voor uw onderzoek niet meer mag eten, beperkt mag drinken en niet mag roken. Als u medicijnen gebruikt in verband met suikerziekte (insuline of tabletten), overlegt u met uw arts over welke medicijnen u moet gebruiken en in welke hoeveelheid.

Vast voedsel:

  • U dient 6 uur nuchter te zijn voor vast voedsel.
  • Onder vast voedsel verstaan we ook melk, yoghurt, chocolademelk, koffie/thee met melk, jus d’orange met vruchtvlees, troebele appelsap, smoothies etc.

Drank:

  • Voor de operatie dient u 2 uur nuchter te zijn voor heldere dranken, dus tot 2 uur voor de ingreep mag u nog heldere dranken blijven drinken.
  • Heldere dranken zijn bijvoorbeeld water, thee, appelsap (helder), koffie zonder melk of melkpoeder.

Gebitsprothese

Als u een gebitsprothese heeft, moet u deze voor het onderzoek uitdoen. Dit gebeurt op de behandelkamer. Wij vragen u hiervoor uw eigen gebitsbakje mee te nemen.

3. De periode na het onderzoek

Uitslaapkamer

Na een gastroscopie met een roesje mag u niet direct naar huis. U wordt met uw bed naar de uitslaapkamer gebracht. Daar blijft u tot u voldoende hersteld bent van het onderzoek en de verpleegkundige het verantwoord vindt dat u naar huis gaat. Dit duurt gemiddeld één uur. Indien u geen roesje heeft gehad mag u direct naar huis.

Indien u een roesje heeft gehad:

  • Mag u de dag van het onderzoek niet zelfstandig aan het verkeer deelnemen of belangrijke handelingen verrichten.
  • Kan het moeilijk zijn te onthouden wat de verpleegkundige of arts u vertelt.
  • Dient u iemand mee te nemen om u naar huis te begeleiden.

Bijzonderheden

  • U kunt na dit onderzoek nog een paar dagen een geïrriteerd gevoel in de keel houden en moeite hebben met slikken.
  • Het kan voorkomen dat u wat bloed (minder dan een theelepel) opgeeft, dit is niet gevaarlijk.

Na het plaatsen van de sonde

Door de sonde kan u de sondevoeding innemen. Voor de sondevoeding heeft u een machtiging nodig van de diëtiste. De diëtiste geeft ook instructies over de manier waarop u met de voedingssonde dient om te gaan. Hierbij gaat het om het doorspuiten van de sonde en het geven van medicatie door de sonde. Daarnaast wordt een pomp besteld om de toediening van de voeding te regelen. Het is verstandig dat iemand met u mee kijkt en luistert zodat de gegeven informatie duidelijk is.

4. Wanneer een arts waarschuwen

Bij ieder onderzoek bestaat er kans op complicaties. Bij een gastroscopie met inbrengen voedingssonde is de kans op complicaties zeer gering:

  • U kunt na het onderzoek wat bloederig slijm ophoesten. Dit verdwijnt meestal binnen een dag. Als dit na een dag niet over is, neem dan contact op met het ziekenhuis.
  • Veel bloedverlies merkt u door verlies van stinkende zwarte ontlasting. In dat geval dient u direct contact op te nemen met het ziekenhuis.

Contact met het ziekenhuis

Wanneer u contact wilt met uw arts om een complicatie te melden, dan belt u tijdens kantooruren met de polikliniek of het secretariaat van de maag-darm-leverartsen.

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload