Onderzoek onder narcose

Inleiding

In verband met een ingreep wordt u binnenkort opgenomen in het Antoni van Leeuwenhoek. In dit document vindt u informatie over:

  • De ingreep
  • De periode voor de ingreep
  • De periode na de ingreep
  • Het ontslag
  • Meer informatie

Het doel van dit document is om u en uw naasten te informeren over het te verwachten verloop van de opname, de ingreep en het ontslag. Wij verzoeken u deze informatie goed door te lezen. Als u na het lezen van deze informatie vragen heeft, dan kunt u contact opnemen met de hoofd-halsverpleegkundige (HHV) tijdens het telefonisch spreekuur. (Telefoon nr.: zie hfd.st. 5)

Het is goed u te realiseren dat uw persoonlijke situatie anders kan zijn dan beschreven. Het team van artsen, verpleegkundigen, fysiotherapeuten, diëtisten, logopedisten en andere disciplines dat u begeleidt, geeft u specifieke informatie over uw situatie. Wij raden u aan om altijd iemand mee te nemen naar de gesprekken met een zorgverlener.

In dit document vindt u informatie over onderzoek onder narcose.

1. De ingreep

Een onderzoek onder narcose (O.O.N.) is een onderzoek van de keel- neus-, mondholte en hals. Soms wordt het onderzoek uitgebreid met een inspectie van de luchtpijp en/of de slokdarm. Eventueel kunnen er biopten (weefselmonsters) afgenomen worden voor onderzoek. Dit onderzoek wordt uitgevoerd om uw klachten te analyseren, de juiste diagnose te kunnen stellen en daarmee de juiste behandeling te kunnen inzetten. Een onderzoek onder narcose kan ook uitgevoerd worden na behandeling van radiotherapie of chemotherapie. Er wordt dan gekeken of de behandeling het gewenste resultaat heeft gehad. Het onderzoek wordt op de operatiekamer uitgevoerd, terwijl u onder narcose bent.

De ingreep zal een half uur duren.

Mogelijke complicaties

Geen enkele ingreep is zonder risico’s. Bij deze ingreep is de kans op een complicatie klein. De complicaties die mogelijk zijn, zijn:

  • Nabloeding (als er biopten afgenomen zijn);
  • Ademhalingsproblemen;
  • Slikproblemen;
  • Spraakproblemen;
  • Gebitsbeschadiging.

Door een groot aantal maatregelen rondom de ingreep doen wij er alles aan om de risico’s zo beperkt mogelijk te houden.

Het weefselonderzoek

Het weefsel dat tijdens de ingreep wordt weggenomen, wordt door de patholooganatoom onderzocht. Het weefselonderzoek duurt zeven tot tien werkdagen.

U krijgt de uitslag van het onderzoek op de polikliniek. Bij ontslag krijgt u hiervoor een afspraak mee.

2. De periode voor de ingreep

Poliklinische voorbereiding: diagnostisch onderzoek

Ter voorbereiding op de ingreep is een aantal onderzoeken noodzakelijk. Uw hoofdhalschirurg heeft u hierover geïnformeerd.

De volgende diagnostische onderzoeken kunnen worden uitgevoerd:

  • MRI.scan, PET-CT scan of CT.scan hoofdhalsgebied;
  • Echografie van de hals, eventueel met cytologische punctie;
  • Algemeen bloedonderzoek;
  • Eventueel ECG;
  • Eventueel longfunctie.

Poliklinische voorbereiding: medewerkers

Op de polikliniek spreekt u verschillende medewerkers:

  • De hoofdhalschirurg is eindverantwoordelijk voor uw medische behandeling en zal het behandelplan met u bespreken. Vragen over de ingreep kunt u aan hem of haar stellen.
  • De anesthesioloog heeft de regie over de narcose en pijnbestrijding. U ontvangt van hem of haar de informatiefolder “Voorbereiding op de operatie en informatie over de anesthesie”. De anesthesioloog vraagt naar uw medicijngebruik en geeft u instructie welke medicijnen er wanneer gestopt moeten worden.

De Stoppen met Roken poli

Het merendeel van de tumoren in het hoofdhalsgebied is het gevolg van langdurige, frequente irritatie van de slijmvliezen door alcohol en tabaksrook. Door direct en definitief te stoppen met alcohol en tabak vergroten veel patiënten met hoofdhalstumoren zelf hun kans op genezing. Stoppen met roken en alcohol verkleint namelijk de kans op terugkeer van de tumor op dezelfde plek of het ontstaan van een nieuwe tumor elders in mond of keel. Het voorkomen van het opnieuw ontstaan van tumoren is belangrijk, omdat deze vaak moeilijker zijn te behandelen. Het verslavende effect van alcohol en nicotine kan het stoppen moeilijk maken.

U kunt het beste stoppen met roken vóór de operatie. De verpleegkundigen van de Stoppen met Roken poli van het Antoni van Leeuwenhoek kunnen daarbij ondersteunen. Zij bieden u een gespecialiseerd begeleidingstraject, waarbij de nadruk op gewoonteverandering ligt. Vraag uw arts of verpleegkundige om meer informatie. Wilt u hulp hebben in verband met uw alcoholgebruik, dan kunt u zich het beste wenden tot uw huisarts.

Dag van ingreep

Deze ingreep vindt plaats in dagbehandeling, u wordt een dag opgenomen in het ziekenhuis. Op de dag van opname meldt u zich bij de receptie in de centrale hal. Eén van de gastvrouwen of -heren brengt u naar de verpleegetage. Daar wordt u door een verpleegkundige naar uw kamer gebracht. Op de afdeling coördineert de verpleegkundige alle zorg. Als het nodig is kan zij de afdelingsarts en/of hoofd-halschirurg consulteren.

Voor de operatie moet u nuchter zijn. In de voorlichtingsbrief van de anesthesioloog staat beschreven vanaf welk tijdstip u niet meer mag eten en drinken.

Op de dag van de ingreep kunt u zich wassen of douchen zoals u gewend bent. U wordt verzocht uw huid niet in te smeren met crème of lotion. U krijgt een operatiehemd van de verpleegkundige. Protheses (zoals een gebit), hulpmiddelen (zoals een bril of lenzen), sieraden, make-up en nagellak dient u te verwijderen voordat u naar de operatiekamer gaat. Als u een hoorapparaat heeft, kunt u deze inhouden.

Indien u dit met de anesthesioloog heeft afgesproken krijgt u voor de ingreep een tablet, zodat u zich beter kunt ontspannen. De verpleegkundige brengt u naar de voorbereidingsruimte van de operatiekamer. Daar wordt u ontvangen door een medewerker van de operatiekamer.

Voor de ingreep krijgt u een infuus waardoor de medicatie voor de narcose wordt toegediend.

De hoofdhalschirurg ziet u op de operatiekamer.

3. De periode na de ingreep

Na de ingreep blijft u een korte tijd op de uitslaapkamer voordat u naar de verpleegetage gaat. De verpleegkundigen komen u ophalen.

Infuus

U heeft een infuus voor vocht- en medicatietoediening. Dit infuus bevindt zich in een ader in de arm. Zodra u in staat bent voldoende te drinken, geen medicatie via het infuus nodig heeft en geürineerd heeft, wordt het infuus verwijderd.

Pijn

Goede pijnbestrijding is belangrijk om goed door te kunnen ademen, te hoesten en mobiliseren. Als u pijn heeft, is het belangrijk dat u dit aangeeft.

De verpleegkundige zal u driemaal per dag vragen om uw pijn te omschrijven met een cijfer van 0 tot 10.

U krijgt tabletten en/of zetpillen tegen de pijn.

Misselijkheid

Misselijkheid na de ingreep komt regelmatig voor. Misselijkheid kan worden veroorzaakt door de narcose en door de ingreep zelf. Als u misselijk bent, is het belangrijk dat u dit aangeeft. De verpleegkundige kan u medicijnen geven om misselijkheid tegen te gaan.

Voeding

U mag direct weer drinken en ook eten.

Mobiliseren

Als u goed wakker bent mag u weer opstaan.

4. Het ontslag

Enkele uren na de ingreep kunt u met ontslag. We adviseren u niet alleen naar huis te gaan of zelf auto te rijden. Ook is het belangrijk dat er deze eerste nacht iemand bij u thuis is.

De verpleegkundige voert een ontslaggesprek met u en, als u dat wilt, uw naaste. Tijdens het gesprek wordt teruggekeken op uw verblijf in het ziekenhuis en wordt u voorbereid op de periode die zal volgen na ontslag.

Bij ontslag krijgt u een afspraak mee voor poliklinische controle bij de hoofdhalschirurg.

Uw huisarts zal op de hoogte gesteld worden over de ingreep, het verloop van herstel tijdens de ziekenhuisopname en de eventuele vervolgbehandeling.

De periode na het ontslag

Na het ontslag uit het ziekenhuis kunt u uw dagelijkse activiteiten weer geleidelijk uitbreiden tot uw normale niveau.


Wij willen u graag een aantal adviezen meegeven.

Pijn

De pijnstillers die u tijdens de opname in het ziekenhuis gebruikte, kunt u thuis afbouwen op geleide van uw pijnklachten. Het is verstandig om de pijnstillers zo in te nemen, dat u nagenoeg pijnvrij kunt slikken, hoesten en ademen.

U kunt het volgende schema volgen:

  • Blijf Paracetamol drie tot viermaal daags 1000 mg als basis gebruiken. Paracetamol kunt u afbouwen door de middaginname over te slaan. Daarna kunt u tweemaal daags 500 mg innemen en vervolgens stoppen.

Alcohol en roken

Het is niet verstandig om deze avond alcohol te gebruiken. Roken kan een wondje (na biopten) irriteren en meer pijn geven. Het advies is om niet te roken.

Werkhervatting

Wanneer u weer kunt werken is afhankelijk van de aard van uw werkzaamheden en van uw individuele situatie. Het is zinvol met uw behandelend arts en met uw bedrijfsarts te overleggen wanneer u uw werk kunt hervatten. Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u terecht bij het Centrum Patiënteninformatie in de centrale hal van het ziekenhuis.

Concentratie

Door de narcose, medicijngebruik en de emoties rondom de ingreep kunnen uw concentratie, geheugen en beoordelingsvermogen tijdelijk verminderd zijn. Houdt u hiermee rekening als u deelneemt aan het verkeer.

Verwerking
Bij het Centrum voor Kwaliteit van Leven werken hulpverleners zoals maatschappelijk werkers, geestelijk verzorgers, een psychiatrisch verpleegkundige en creatief therapeuten. Zij hebben veel ervaring met, en weten veel over, het omgaan met kanker. Zij helpen u bij het zoeken naar antwoorden op uw vragen. De hulpverleners bieden inzicht en handvatten voor het omgaan met de ziekte, de behandeling en de beperkingen die dat met zich mee kan brengen. Ook tijdens de herstelperiode na een behandeling kunnen zij ondersteuning bieden. Daarnaast kunnen zij bemiddelen en adviseren bij verwijzing naar andere instanties buiten het ziekenhuis.

Continuïteitsbezoek

De mogelijkheid bestaat om een continuïteitsbezoek aan te vragen. Een wijkverpleegkundige gespecialiseerd in de zorg voor kankerpatiënten, komt dan op afspraak bij u thuis. Zij neemt uw vragen met u door, geeft praktische adviezen en biedt begeleiding.

Het continuïteitsbezoek wordt onder meer aangeboden door diverse reguliere thuiszorgorganisaties. Informeer bij de thuiszorgorganisatie in uw woonplaats. Daarnaast biedt Care for Cancer ook het continuiteïtsbezoek in heel Nederland aan. U kunt hen vinden via de website www.careforcancer.nl. U kunt zelf contact opnemen met een van deze organisaties. Ook kunt u uw huisarts vragen om het telefoonnummer van de thuiszorgorganisaties waar uw huisarts contact mee heeft.

Contact met het ziekenhuis

Neem contact op met het ziekenhuis als u onderstaande lichamelijke problemen ervaart:

  • Benauwdheid, hoesten of verslikken;
  • Andere aan de behandeling gerelateerde problemen.

Neemt u bij voorkeur contact op via het algemene telefoonnummer van het Antoni van Leeuwenhoek. Voor algemene klachten verzoeken wij u eerst contact op te nemen met de huisarts.

5. Meer informatie

Voor aanvullende vragen kunt u ook terecht op het telefonisch verpleegkundig spreekuur. U vindt informatie over de bereikbaarheid van de verschillende spreekuren op: www.avl.nl/spreekuren.

Praktische informatie

Contact

Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.

Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.

Centrum Patiënteninformatie

Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.

Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie

Centrum voor Kwaliteit van Leven

Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.

Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven

Route & adres

U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.

Praktische informatie

onload