Ooglidcorrectie met goudgewichtje
Inleiding
In verband met een ingreep wordt u binnenkort opgenomen in het Antoni van Leeuwenhoek. In dit document vindt u informatie over:
- De ingreep
- De periode voor de ingreep
- De periode na de ingreep
- Het ontslag
- Meer informatie
Het doel van dit document is om u en uw naasten te informeren over het te verwachten verloop van de opname, de ingreep en het ontslag. Wij verzoeken u deze informatie goed door te lezen. Als u na het lezen van deze informatie nog vragen heeft dan kunt u contact opnemen met de hoofd-hals verpleegkundige (HHV) tijdens het telefonisch spreekuur (telefoonnummer; zie tabel hfd.st. 5).
Het is goed u te realiseren dat uw persoonlijke situatie anders kan zijn dan beschreven. Het team van artsen, verpleegkundig specialisten, verpleegkundigen, fysiotherapeuten, diëtisten, logopedisten en andere disciplines dat u begeleidt, geeft u specifieke informatie over uw situatie. Wij raden u aan om altijd iemand mee te nemen naar de gesprekken met een zorgverlener.
In dit document vindt u informatie over een ooglidcorrectie en het plaatsen van een goudgewichtje.
1. De ingreep
U wordt opgenomen voor het corrigeren van uw ooglid, mogelijk met gebruik van een goudgewichtje. Omdat uw oog zich niet goed kan sluiten, geeft dit veel last en irritatie. Door het plaatsen van een goudgewichtje in het bovenooglid zal dit probleem verholpen kunnen worden.
De hoofd-hals chirurg heeft u geïnformeerd over de ingreep. De ingreep zal een half uur tot een uur duren.
Mogelijke complicaties
Geen enkele ingreep is zonder risico’s. Bij deze ingreep is de kans op een complicatie klein. Een mogelijke complicatie is:
- Wondinfectie.
Door een groot aantal maatregelen rondom de ingreep doen wij er alles aan om de risico’s zo beperkt mogelijk te houden.
2. De periode voor de ingreep
Poliklinische voorbereiding: diagnostisch onderzoek
Ter voorbereiding op de ingreep is een aantal onderzoeken noodzakelijk. De hoofd-hals chirurg heeft u hierover geïnformeerd.
De volgende diagnostische onderzoeken kunnen worden uitgevoerd:
- algemeen bloedonderzoek;
- eventueel ECG;
- eventueel longfunctie.
Poliklinische voorbereiding: medewerkers
Op de polikliniek spreekt u verschillende medewerkers:
- De hoofd-hals chirurg is eindverantwoordelijk voor uw chirurgische behandeling en zal het behandelplan met u bespreken. Vragen over de ingreep kunt u aan hem of haar stellen.
- De anesthesioloog heeft de regie over de narcose en pijnbestrijding. U ontvangt van hem of haar de informatiefolder “Voorbereiding op de operatie en informatie over de anesthesie”. De anesthesioloog vraagt naar uw medicijngebruik en geeft u instructie welke medicijnen er wanneer gestopt moeten worden.
Dag van ingreep
Voor de operatie moet u nuchter zijn. In de voorlichtingsbrief van de anesthesioloog staat beschreven vanaf welk tijdstip u niet meer mag eten en drinken.
U wordt op de dag van de ingreep opgenomen in het ziekenhuis. Op de dag van opname meldt u zich bij de receptie in de centrale hal. Eén van de gastvrouwen of -heren brengt u naar de afdeling. Daar wordt u door een verpleegkundige naar uw kamer gebracht. Op de afdeling coördineert de verpleegkundige alle zorg. Als het nodig is kan zij de afdelingsarts en/of hoofd-hals chirurg consulteren.
Op de dag van de ingreep kunt u zich wassen of douchen zoals u gewend bent. U wordt verzocht uw huid niet in te smeren met crème of lotion. U krijgt een operatiehemd van de verpleegkundige. Protheses (zoals een gebit), hulpmiddelen (zoals een bril of lenzen), sieraden, make-up en nagellak dient u te verwijderen voordat u naar de operatiekamer gaat. Als u een hoorapparaat heeft, kunt u deze inhouden.
Indien u dit met de anesthesioloog heeft afgesproken krijgt u voor de ingreep een tablet, zodat u zich beter kunt ontspannen. De verpleegkundige brengt u naar de voorbereidingsruimte van de operatiekamer. Daar wordt u ontvangen door een medewerker van de operatiekamer.
Voor de ingreep krijgt u een infuus waardoor de medicatie voor de narcose wordt toegediend. De hoofd-hals chirurg ziet u op de operatiekamer.
3. De periode na de ingreep
Na de ingreep blijft u korte tijd op de uitslaapkamer voordat u naar de afdeling gaat. De verpleegkundigen van de afdeling komen u ophalen.
Infuus
U heeft een infuus voor vocht- en medicatietoediening. Dit infuus bevindt zich in een ader in de arm. Zodra u in staat bent voldoende te drinken, geen medicatie via het infuus nodig heeft en geürineerd heeft, wordt het infuus verwijderd.
Pijn
Goede pijnbestrijding is belangrijk om goed door te kunnen ademen, te hoesten en te bewegen. Als u pijn heeft, is het belangrijk dat u dit aangeeft. Door pijnmedicatie op vaste tijden te gebruiken, wordt er in uw bloed een spiegel van de werkzame stof opgebouwd. Hierdoor is de pijnmedicatie effectiever. De verpleegkundige zal vragen om uw pijn te omschrijven met een cijfer van 0 tot 10.
U krijgt tabletten en/of zetpillen tegen de pijn.
Misselijkheid
Misselijkheid na de ingreep komt regelmatig voor. Misselijkheid kan worden veroorzaakt door de narcose of door de ingreep zelf. Als u misselijk bent, is het belangrijk dat u dit aangeeft. De verpleegkundige kan u medicijnen geven om misselijkheid tegen te gaan.
Voeding
U mag direct weer eten en drinken.
Wond
De wond is gesloten met oplosbare hechtingen, die na twee of drie weken oplossen.
Mobiliseren
Als u goed wakker bent mag u weer opstaan.
4. Het ontslag
Enkele uren na de ingreep mag u met ontslag. Wij adviseren u niet alleen naar huis te gaan of zelf auto te rijden. Ook is het belangrijk dat er deze eerste nacht iemand bij u thuis is.
De verpleegkundige voert een ontslaggesprek met u en, als u dat wilt, uw naaste. Tijdens het gesprek wordt u voorbereid op de periode die zal volgen na ontslag.
Bij ontslag krijgt u een afspraak mee voor poliklinische controle bij de hoofd-halschirurg. Uw huisarts wordt op de hoogte gesteld over de ingreep en het verloop van herstel tijdens de ziekenhuisopname.
De periode na het ontslag
Na het ontslag uit het ziekenhuis kunt u uw dagelijkse activiteiten weer geleidelijk uitbreiden tot uw normale niveau. Wij willen u graag een aantal adviezen meegeven.
Pijn
Wij adviseren u vier maal daags 1000 mg. Paracetamol in te nemen. Het is verstandig om de pijnstillers zo in te nemen dat u nagenoeg geen pijn aan uw oog en de wond hebt. Op geleide van uw pijnklachten kunt u dit gaan afbouwen. U kunt het volgende schema volgen:
- Gebruik Paracetamol drie tot vier maal daags 1000 mg. U kunt afbouwen door de middaginname over te slaan. Daarna kunt u twee maal daags 500 mg innemen en vervolgens stoppen.
Alcohol en roken
Het is niet verstandig om deze avond alcohol te gebruiken. Ook is het advies om niet te roken.
Werkhervatting
Wanneer u weer kunt werken is afhankelijk van de aard van uw werkzaamheden en van uw individuele situatie. Het is zinvol met uw behandelend arts en met uw bedrijfsarts te overleggen wanneer u uw werk kunt hervatten. Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u terecht bij het Centrum Patiënteninformatie in de centrale hal van het ziekenhuis.
Concentratie
Door de narcose, medicijngebruik en de emoties rondom de ingreep kunnen uw concentratie, geheugen en beoordelingsvermogen tijdelijk verminderd zijn. Houdt u hiermee rekening als u deelneemt aan het verkeer.
Verwerking
Binnen het Centrum voor Kwaliteit van Leven (CKvL) werken hulpverleners zoals maatschappelijk werksters, geestelijk verzorgers, psychiatrisch verpleegkundige, creatief therapeuten. Zij hebben veel ervaring met, en weten veel over, het omgaan met kanker. Zij helpen u bij het zoeken naar antwoorden op uw vragen. De hulpverleners bieden inzicht en handvatten voor het omgaan met de ziekte, de behandeling en de beperkingen die dat met zich mee kan brengen. Ook tijdens de herstelperiode na een behandeling kunnen zij ondersteuning bieden. Daarnaast kunnen zij bemiddelen en adviseren bij verwijzing naar andere instanties buiten het ziekenhuis.
Contact met het ziekenhuis
Neem contact op met het ziekenhuis als u onderstaande problemen ervaart:
- temperatuursverhoging boven de 38.5 graden Celsius;
- de wond rood, gezwollen en/of pijnlijk wordt.
Neemt u bij voorkeur via het algemene telefoonnummer van het Antoni van Leeuwenhoek 020 512 9111, contact op met de polikliniek.
Voor algemene klachten verzoeken wij u eerst contact op te nemen met de huisarts.
5. Meer informatie
De zorgverleners en afdelingen van het Antoni van Leeuwenhoek zijn telefonisch bereikbaar via het algemene telefoonnummer van het ziekenhuis 020 512 9111.
Buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond-, of Nachthoofd.
Indien u contact opneemt met het ziekenhuis houdt u dan uw patiëntengegevens bij de hand.








Informatie op internet
www.hoofdhalskanker.info
www.kwf.nl
November 2018
Praktische informatie
Contact
Ons algemene nummer is 020 512 9111. Onze telefonisten verbinden u graag door met de juiste afdeling.
Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u vragen naar het Weekend-, Avond- of Nachthoofd. Bel bij medische spoed altijd 112. Voor andere vragen verzoeken wij u te wachten tot de volgende werkdag.
Centrum Patiënteninformatie
Wilt u meer informatie omdat u of een naaste te maken heeft met kanker? Onze medewerkers denken graag met u mee. U kunt bellen of zonder afspraak binnenlopen.
Lees meer over het Centrum Patiënteninformatie
Centrum voor Kwaliteit van Leven
Heeft u behoefte aan professionele steun tijdens en na uw behandeling? Dan kunt u een afspraak maken bij ons centrum via uw behandelaar.
Lees meer over het Centrum voor Kwaliteit van Leven
Route & adres
U vindt meer praktische informatie over uw bezoek, de route & parkeren, onze bezoektijden en voorzieningen en diensten op onze website.