Radiotherapie

Radiotherapie bij huidkanker

Als de diagnose basaalcelkanker, plaveiselcelkanker of merkelcelkanker is gesteld, dan kunt u geopereerd of bestraald worden. Soms volgt na een operatie nog bestraling, als we vermoeden dat er tumorcellen zijn achtergebleven.

Afspraak met radiotherapeut

Als u bestraald wordt, krijgt u altijd een afspraak met een radiotherapeut voor uitleg over de behandeling. Afhankelijk van de diepte van het te bestralen gebied besluit hij of zij met welk bestralingstoestel u behandeld gaat worden.

Soort bestralingstoestel afhankelijk van tumor

Dieper gelegen tumoren bestralen we op een lineaire versneller. Gezond weefsel wordt hierbij afgeschermd in de kop van het bestralingstoestel. Heeft u oppervlakkig gelegen tumoren, dan wordt u bestraald op een orthovolt-toestel. Gezond weefsel wordt dan afgeschermd door een stukje lood dat we op uw huid leggen.

 

Verloop van de behandeling

Aanmelden bij receptie

Als u een afspraak heeft voor de voorbereiding op de bestraling, meldt u zich bij de receptiebalie van de afdeling Radiotherapie.

Gesprek met radiotherapeut

Voorafgaand aan de bestraling heeft u een gesprek met een radiotherapeut.

Loden afscherming

Oppervlakkig gelegen tumoren worden bestraald op een orthovolt toestel. Een medewerker maakt eerst een gipsafdruk. Deze afdruk gebruiken we om een loden afscherming te maken, dat het omliggende weefsel tijdens de bestraling beschermt.

Tien à twintig bestralingen

De behandeling duurt telkens een kwartier, maar de daadwerkelijke bestralingstijd is veel korter: op een lineaire versneller 1 tot 2 minuten, op het orthovolt toestel maximaal 10 minuten.

Wat gaat er gebeuren?

De grootte, typering, plaats en uitbreiding van de tumor kan bij elke patiënt verschillen. Daarom bieden wij behandeling op maat aan. Daarbij wordt rekening gehouden met uw conditie. Vaak wordt in overleg met andere specialisten bepaald wat voor u de beste behandeling is. Uw radiotherapeut of physician assistant geeft u hierover uitleg.

Voorbereidingen

Na een gesprek met een radiotherapeut volgen er afspraken ter voorbereiding op de bestraling.

Bij dieper gelegen tumoren krijgt u een voorlichtingsgesprek waarin veel praktische zaken aan bod komen. Ook wordt er in dat geval een CT-scan gemaakt, zodat de radiotherapeut het bestralingsplan kan opstellen. Tijdens de CT-scan ligt u in de bestralingshouding. We tekenen lijnen op uw lichaam, zodat u later op het bestralingstoestel ook in de juiste positie ligt. Soms maken we voorafgaand aan de CT-scan fixatiemateriaal. Dit is een soort plastic met gaatjes dat over het te bestralen gebied wordt gelegd. Hierdoor ligt het te bestralen lichaamsdeel vast. Zo kunnen we het gebied dat bestraald moet worden steeds precies terugvinden op het bestralingstoestel.

Heeft u oppervlakkig gelegen tumoren, dan wordt u bestraald op een orthovolt toestel. U krijgt hier uitleg over de behandeling. Er zal een medewerker van de gipskamer komen om een gipsafdruk te maken. Deze afdruk gebruiken we om een loden afscherming te maken, dat het omliggende weefsel tijdens de bestraling beschermt. Als deze een paar dagen later klaar is, krijgt u bericht en kunnen de bestralingen beginnen.

De behandeling

De radiotherapeut bepaalt het aantal bestralingen. Dit ligt meestal tussen de 10 en 20 keer. De behandeling duurt telkens een kwartier, maar de daadwerkelijke bestralingstijd is veel korter: op een lineaire versneller (bij dieper gelegen tumoren) 1 tot 2 minuten, op het orthovolt toestel (bij oppervlakkige tumoren) maximaal 10 minuten.

Voorafgaand aan de diepe bestraling maken we regelmatig een controlescan op het bestralingstoestel om de nauwkeurigheid van de bestraling te controleren. Radiotherapeutisch laboranten voeren de behandeling uit. In de behandelperiode heeft u regelmatig contact met de radiotherapeut.

Bijwerkingen

Hoeveel u last krijgt van bijwerkingen, verschilt per persoon. Het bestralingsgebied en de dosis die u krijgt, bepalen het optreden van specifieke bijwerkingen.

Bij langere bestralingsseries moet u rekening houden met roodheid, jeuk en het oppervlakkig stuk gaan van de huid. Deze reactie treedt meestal op aan het einde van de serie en houdt ongeveer twee weken aan. Dit kan pijnlijk zijn. De doktersassistenten helpen u bij de verzorging van de huid en geven advies.

Op de plek van de bestraling zal het haar uitvallen. Ook kan het zijn dat u last krijgt van vermoeidheid. Dit komt door de bestraling zelf, maar ook door het regelmatig reizen naar het ziekenhuis. In het eerste gesprek licht de radiotherapeut de bijwerkingen toe.

Nazorg

Tijdens de bestralingsperiode krijgt u ‒ meestal wekelijkse ‒ controleafspraken bij de radiotherapeut. Diegene beantwoordt uw vragen, kan medicijnen of zalf voorschrijven en geeft uitleg over de controles na afloop van de bestralingsperiode.

Als u tijdens of na de behandeling behoefte hebt aan extra zorg, dan kan de radiotherapeut u doorverwijzen naar diverse hulpverleners binnen het Antoni van Leeuwenhoek. Denk aan fysiotherapeuten, ergotherapeuten, maatschappelijk werkers en psychologen.
Al deze hulpverleners zijn zeer ervaren in het verlenen van zorg aan kankerpatiënten, zowel tijdens als na het behandelingstraject.