Radiotherapie

Radiotherapie bij longkanker/kanker in de thorax

Longkanker kan worden onderverdeeld in een kleincellige en een niet-kleincellige vorm. De kleincellige longkanker groeit sneller en kan ook sneller uitzaaien in vergelijking met de niet-kleincellige vorm van longkanker. De behandeling is daarom verschillend.

Eerst wordt onderzocht om welk type longkanker het gaat, hoe groot de tumor is, of de lymfeklieren zijn aangedaan, waar de tumor zich bevindt en of er ook uitzaaiingen buiten de longen zijn. Als alles goed in beeld is, kan het stadium van de longkanker worden vastgesteld. In een multi-disciplinair overleg (met meerdere specialisten die longkanker behandelen) wordt besproken welke behandeling het beste bij u past. Uw conditie en uw wensen spelen ook een rol om te bepalen welke behandeling het beste voor u is.     

Is de tumor in de long nog klein en zijn er geen kankercellen in de lymfeklieren gevonden, dan kan u misschien stereotactisch worden bestraald met een grote kans op genezing. Bij deze bestraling kunnen we in beperkt aantal keer de tumor met een hoge dosis bestralen. Dit gebeurt met grote nauwkeurigheid.

Is de longkanker uitgezaaid en geeft de longkanker pijnklachten, bloedingen of dreigt het de luchtwegen of bloedvaten af te sluiten, dan kan een bestralingsbehandeling deze klachten verlichten. De tumor wordt dan kleiner en in zijn groei geremd. Dit wordt een palliatieve bestraling genoemd. Het is niet genezend.

Niet-kleincellige longkanker

Een bestralingsbehandeling wordt ingezet als de tumor zich beperkt heeft binnen de borstkas. Het aantal bestralingen kan variëren tussen de 17 en 30 bestralingen.

Bestralingen kunnen gecombineerd worden met chemotherapie. De chemotherapie zorgt ervoor dat de kankercellen gevoeliger worden voor de bestraling. We spreken dan van chemoradiatie. Er wordt dan elke dag voorafgaand aan de bestraling een lage dosis chemotherapie gegeven.

Kleincellig longkanker

Als er geen uitzaaiingen buiten de longen zijn waargenomen, dan wordt de longkanker behandeld met 4 chemokuren en 30 bestralingen. De bestralingen kunnen twee keer per dag gegeven worden of er kan gekozen worden voor één bestraling per dag.

Ook al worden er geen uitzaaiingen in de hersenen gevonden, toch kan overwogen worden om de hersenen uit voorzorg te bestralen. De kans dat de kanker uitzaait naar de hersenen wordt hierdoor vermindert.   

Onze werkwijze

Nieuwste technieken en zeer geavanceerde apparatuur

Op de afdeling Radiotherapie worden veel nieuwe technieken ontwikkeld en wordt gebruik gemaakt van zeer geavanceerde apparatuur. Dat geldt voor zowel beeldvormend onderzoek, voorbereiding op de bestraling als de bestraling zelf. Hierdoor kunnen we u de meest effectieve behandeling geven, met zo min mogelijk belasting van gezond weefsel.

Gesprek met uw radiotherapeut of Physician Assistant

Tijdens een afspraak met uw radiotherapeut of Physician Assistant wordt uitgebreid gesproken over uw specifieke situatie en de best passende behandeling voor u. Het doel van de behandeling, de verwachte uitkomst, de voorbereiding, de uitvoering en de eventuele bijwerkingen komen in dit gesprek aan bod.

Multidisciplinair overleg

In een overleg met specialisten van verschillende disciplines (bijvoorbeeld internisten, chirurgen en radiotherapeuten) wordt aan de hand van uw situatie, de uitslagen en uw medische gegevens overlegd welke behandeling voor u het beste is. Deze zal uw radiotherapeut met u bespreken. 

Onderzoek

We voeren veel onderzoek uit naar nieuwe ontwikkelingen en verbeteringen van de bestraling. Is er een onderzoek waar u aan mee zou kunnen doen, dan zal uw radiotherapeut u hiervoor vragen. U krijgt dan veel informatie waardoor u een weloverwogen beslissing kan nemen. Meedoen is uiteraard geheel vrijblijvend. Besluit u niet mee te doen, dan wordt u behandeld volgens de laatste protocollen en de huidige inzichten.

Onze informatie

Voorbereiding

Ter voorbereiding wordt er altijd een CT-scan gemaakt. De CT-scan wordt gemaakt in de bestralingshouding. U ligt hierbij op uw rug met uw armen ondersteund boven uw hoofd. U krijgt een kapje over neus en mond waarmee gemeten wordt wanneer u in- en uit heeft geademd. Zo kan de beweging van de tumor tijdens uw ademhaling goed in beeld gebracht worden. Deze gegevens worden gebruikt om het gebied voor de bestraling te bepalen. Laserlijnen worden op huid geprojecteerd en er worden kleine tatoeagepuntjes gezet op deze lijnen. Hiermee kunnen we uw houding terugvinden als u voor uw bestralingen komt.

In een voorlichtingsgesprek komen vooral praktische zaken over uw behandeling aan bod. Er is veel ruimte voor het stellen van vragen.

Bestralingsplan

Op de afbeeldingen van de CT- en /of MR-scan wordt het bestralingsgebied ingetekend door uw radiotherapeut. Met speciale computerprogramma’s wordt berekend wat de meest optimale opzet van de bestralingsbundels is. Dit wordt een bestralingsplan genoemd. Hierbij is het belangrijk dat het te bestralen gebied de juiste dosis straling ontvangt en dat de omliggende gezonde weefsels zo weinig mogelijk worden belast .

De bestraling

Radiotherapeutisch laboranten zorgen ervoor dat goed op de bestralingstafel komt te liggen. Laserlijnen schijnen op uw lichaam en moeten samenvallen met de tatoeagepuntjes die op uw lichaam zijn gezet.

Regelmatig wordt uw positie gecontroleerd met behulp van een CT-scanner die aan het toestel is gekoppeld. Zo kunnen er kleine aanpassingen worden gedaan zodat u precies in de juiste positie bent en de bestraling zo nauwkeurig mogelijk  plaats vindt. Op de monitoren volgen de laboranten uw bestraling.

Het bestralingstoestel kan in een hele cirkel om u heen draaien zodat u vanuit de gewenste posities bestraald kan worden. 

De effectieve bestralingstijd is slechts enkele minuten. De gehele behandeling zal ongeveer een kwartier duren. Van de bestraling zelf voelt u niets. Op den duur bemerkt u wel de effecten van de bestraling.

Controles bij uw radiotherapeut of Physician Assistant

In de periode van de bestraling heeft u een aantal keer contact met uw behandelaar om het verloop van de behandeling met u te bespreken en uw vragen te kunnen beantwoorden. U krijgt advies hoe u het beste met de bijwerkingen om kunt gaan en zo nodig wordt er medicatie voor voorgeschreven. U krijgt te horen hoe de behandeling wordt opgevolgd als u klaar bent met de bestralingen.  

Bijwerkingen

De mate waarin bijwerkingen op zullen treden varieert per persoon. Uw conditie en uw situatie zijn hierbij van invloed, evenals het gebied dat bestraald wordt en de bestralingsdosis. Uw behandelaar zal u uitleg geven over de bijwerkingen die bij u verwacht worden. Is uw behandeling gecombineerd met chemotherapie, dan zullen er meer bijwerkingen optreden. Als ook de lymfeklieren bestraald worden, zullen klachten van de slokdarm, zoals  het passeren van het eten in de slokdarm, voorop staan. Ook zal u in een zekere mate zich vermoeid gaan voelen.

Acute bijwerkingen ontstaan meestal twee tot drie weken na de start van de behandeling en nemen in de loop van de behandeling toe. Na het beëindigen van de behandeling kunnen deze klachten nog enkele weken tot maanden aanhouden. Sommige klachten kunnen blijvend zijn. Uw behandelaar zal uitgebreid ingaan op de bijwerkingen die bij u verwacht worden. 

Wat u zelf kunt doen

Als uw klachten, situatie en conditie dit toelaten, is het aan te bevelen om dagelijks te bewegen. Dit is bewezen effectief voor uw herstel. Denk hierbij aan fietsen of wandelen. U kunt ook gaan sporten onder begeleiding van een fysiotherapeut. Verder raden wij aan om, zover dat gaat, zoveel mogelijk uw dagelijks ritme op te pakken.

Tijdens de behandeling gelden de richtlijnen voor gezonde voeding. Deze zijn te vinden op de website www.voedingscentrum.nl. Op de website www.voedingenkankerinfo vindt u ook veel informatie. Neemt u extra vitamines of voedingssupplement, wilt u dan met uw behandelaar bespreken of u kunt doorgaan met het innemen hiervan?

Nazorg

Als u tijdens of na de behandeling behoefte hebt aan extra zorg, dan kan de radiotherapeut of physician assistant u doorverwijzen naar het Centrum Kwaliteit van Leven binnen het Antoni van Leeuwenhoek. Hier werken verschillende zorgverleners. denk aan fysiotherapeuten, ergotherapeuten, maatschappelijk werkers en psychologen. Al deze hulpverleners zijn zeer ervaren in het verlenen van zorg aan kankerpatiënten, zowel tijdens als na het behandelingstraject.

Rick Haas in gesprek (sarcomen)