Lopende studies (dikke) darmkanker, borstkanker en melanoom

1 jun 2019 15:12

In het Antoni van Leeuwenhoek lopen meerdere klinische studies waaraan patiënten kunnen deelnemen. Hieronder enkele (nieuwe) studies uitgelicht. Kijk voor een uitgebreider overzicht van lopende studies hier.

AVL open voor COLOPEC 2

Dit betreft een studie naar een nieuwe wijze van de nacontrole voor patiënten met kanker aan de dikke darm en een verhoogd risico op buikvliesuitzaaiingen. Onderzocht wordt of het standaard verrichten van een of twee kijkoperaties waarbij het buikvlies systematisch gecontroleerd wordt op de aanwezigheid van buikvliesuitzaaiingen bijdraagt aan het eerder ontdekken – en daarmee eerder behandelen – van buikvliesuitzaaiingen.

In de COLOPEC 2 studie zal standaard een tweede buikvliesbeoordeling met behulp van een kijkoperatie worden uitgevoerd 6 maanden na het verwijderen van de darmtumor. In het geval van aanvullende chemotherapie wordt de kijkoperatie aansluitend uitgevoerd. De verwachting is dat tijdens deze tweede buikvliesbeoordeling bij ongeveer 10% van de patiënten buikvliesuitzaaiingen worden gevonden. Bij de patiënten bij wie geen buikvliesuitzaaiingen worden gevonden tijdens deze tweede buikvliesbeoordeling, kan een derde buikvliesbeoordeling met een kijkoperatie een jaar later mogelijk extra winst opleveren. Sommige buikvliesuitzaaiingen groeien namelijk later uit. Tot op heden is er echter onvoldoende wetenschappelijk bewijs om deze derde buikvliesbeoordeling met een kijkoperatie standaard toe te passen. In deze studie zullen ongeveer 400 proefpersonen meedoen. Wilt u uw patiënt verwijzen voor deze studie of heeft u vragen, dan kunt u contact opnemen met Dr. A.G.J. Aalbers, chirurg:  a.aalbers@nki.nl of Dr. N.F.M. Kok, chirurg: n.kok@nki.nl

PUMP studie (Adjuvante Hepatic arterial infusion pump chemotherapie voor patiënten met uitzaaiingen van darmkanker in de lever)

 In de PUMP studie wordt de effectiviteit van adjuvante chemotherapie via een chemopomp onderzocht bij patiënten met darmkanker en uitzaaiingen in de lever. Aan deze studie kunnen 230 patiënten meedoen. Het betreft een gerandomiseerd onderzoek, dit betekent dat er twee groepen zullen worden gevormd door middel van loting. Er kunnen 230 patiënten deelnemen. De helft van de patiënten krijgt naast de standaard operatie waarbij de uitzaaiingen in de lever worden verwijderd ook aanvullende chemotherapie via de chemopomp. Deze chemopomp wordt tijdens de operatie onderhuids geplaatst en is via een slangetje verbonden met de leverslagader. Alle patiënten die deelnemen aan het onderzoek krijgen ook de behandeling en controles zoals die nu standaard zijn in Nederland. Of u kunt deelnemen aan de studie is afhankelijk van de uitgebreidheid van de kanker. De uitzaaiingen moeten beperkt zijn tot de lever en met een operatie weg te halen zijn.  Wilt u uw patiënt verwijzen voor deze studie of heeft u vragen, dan kunt u contact opnemen met chirurg, Dr. K.F.D. Kuhlmann: k.kuhlmann@nki.nl of chirurg N.F.M. Kok: n.kok@nki.nl

Op deze site vindt u meer informatie over de PUMP studie: https://www.chemopomp.nl/onderzoek.

ILOC studie (immuuntherapie in combinatie met lokale behandeling van leveruitzaaiingen)

De primaire doelstelling van dit ‘proof of concept’ onderzoek is het onderzoeken of het gecombineerde gebruik van lokale tumorablatie/bestraling plus immunomodulerende geneesmiddelen een significante immuunrespons kan induceren bij patiënten met ongeneeslijke levermetastasen van colorectale kanker (CRC) (+/‐ beperkte extrahepatische ziekte) waarbij de ziekte stabiel is of in gedeeltelijke remissie is na voltooiing van 4‐6 maanden eerstelijns systemische behandeling. De primaire doelstelling van het onderzoek is het aantonen van een meer dan 10% respons kans van laesies die niet zijn behandeld door ablatie/bestralingstherapie waaronder de extrahepatische laesies. Met het voortzetten van eerstelijns systemische behandeling wordt geen verdere respons verwacht. Wilt u uw patiënt verwijzen voor deze studie of heeft u vragen, dan kunt u contact opnemen met chirurg, Prof. dr. T.J.M. Ruers: t.ruers@nki.nl

TRAIN-3 studie borstkanker

Is het mogelijk om het aantal kuren chemotherapie te verminderen op geleide van de tumor respons op beeldvorming? Deze vraag staat centraal in de TRAIN-3 studie.

Ongeveer 15% van de borstkankers is HER2-positief. Bij HER2-positieve borstkanker zit er veel  HER2 op de kankercellen. HER2 is een eiwit dat de groei en deling van normale borstcellen regelt. Als er veel  HER2 aanwezig is, krijgen de kankercellen ook veel signalen om te groeien en te delen.

Bij de behandeling in de TRAIN-3 studie worden patiënten behandeld met een standaard behandelschema welke bestaat uit chemotherapie (standaard negen kuren) en zogenaamde gerichte therapie: de HER2-blokkerende middelen. Om de drie kuren wordt een MRI scan van de borst en waar nodig een echo van de oksel gemaakt. Indien de tumor niet meer te zien is op beeldvormend onderzoek stopt de behandeling met chemotherapie en wordt de patiënt verwezen voor een vervroegde operatie. Worden er tijdens de operatie toch nog kankercellen gevonden en is de patiënt nog niet met negen kuren behandeld, dan volgen die kuren na de operatie als nog.

De TRAIN-3  studie wordt binnen de Borstkanker Onderzoek Groep (BOOG) uitgevoerd. Het is een landelijke studie onder  leiding van internist-oncoloog dr. Gabe Sonke (Antoni van Leeuwenhoek) waaraan in totaal 45 tot 50 borstkankercentra in Nederland zullen deelnemen. Voor meer informatie: https://www.avl.nl/trials/borstkanker-train-3-studie/

N16VOM-studie

Voor deze proof-of-concept (fase 1) studie met de histone deacetylase remmer vorinostat, zijn wij op zoek naar proefpersonen met een BRAFV600 gemuteerd melanoom en resistentie tegen BRAF- en/of MEK-remmers.

In de studie wordt onderzocht of het mogelijk is om resistente tumorcellen met behulp van vorinostat weer gevoelig te maken voor BRAF- en MEK-remming. Patiënten met progressieve ziekte tijdens BRAF- en/of MEK-remmers, worden gedurende 14 dagen met vorinostat behandeld, waarna weer terug wordt gegaan naar de standaard behandeling met BRAF- en/of MEK-remmers.  Het is hierbij belangrijk dat patiënten bij verwijzing nog steeds BRAF/MEK remming gebruiken, welke dan binnen de studie  (3 dagen voor start met vorinostat) gestopt zal worden. Vorinostat wordt doorgaans goed verdragen.

Wilt u uw patiënt verwijzen voor deze studie of heeft u vragen, dan kunt u contact opnemen met internist-oncoloog, S. Wilgenhof, of arts-onderzoeker S. Huijberts, s.wilgenhof@nki.nl en s.huijberts@nki.nl.